A short history of the Middle Ages
Chapter One: Prelude: The Roman World Transformed (300 – 600)
Instabiliteiten van het RR:
“Crisis of the third century”
1. Aanvallen in grensgebieden.
Grensgebieden van het RR werden aangevallen door “barbaren”.
Oplossing: Massieve uitbreiding van het leger in de provincies, het geven van land in het RR aan
barbaarse en Germaanse volkeren in ruil voor bescherming.
2. Politieke opvolgingscrisis
Vanwege de verspreiding en uitbreiding van het leger, kwamen er veel nieuwe machtige steden,
rivalen van Rome. De provincies van het RR kregen zo meer macht en produceerden keizers.
3. Voeding
De gestationeerde legers moesten gevoed worden, wat ervoor zorgde dat de welvaart van het RR naar
de provincies bewoog.
Het Christendom
In fases:
Fase 1: Ontstaan in de provincie Palestina.
Een kleine groep Joden, bekeerd naar het Christendom, gepredikt door de apostel Paul, verspreiden
het Christendom ook naar niet-joden.
Het RR was onverschillig naar het Christendom in deze fase.
Fase 2: Groei van het Christendom
Het Christendom groeide onder armere en midden sociale klasses. De aantrekkingskracht was vooral
de gelijkheid, universaliteit en het vooruitzicht van de hemel.
Fase 3: Vervolging
In het begin alleen op kleine schaal tijdens crisissen, omdat de Romeinen dachten dat het RR werd
gestraft door de Goden, vanwege de praktijken van de Christenen.
Fase 4: Erkenning
Keizers Constantijn en Lincinius legaliseren het beoefenen van alle religies in het RR in het Edict van
Milaan in 313.
Doctrine
De kerkvaders zijn winnaars van bepaalde discussies over doctrine:
Sint Athanasius (295-373)
Promootte zijn anti-Ariaanse kijk bij het concillie van Nicaea (325) en won.
Visie: Jezus was de zoon van God en mens geworden. In tegenstelling tot wat de Arianen dachten, dat Jezus
zowel menselijk als God was.
Augustinus (354-430)
Was tegen het Manicheïsme. Een christelijke stroming die geloofde in twee goddelijke machten, goed en
kwaad. Voor hen was Jezus’ menselijkheid een illusie en konden mensen alleen echt bij God horen als ze
menselijke zonden afzweerden. Voor Augustinus betekende dit een aanwezigheid van een tweede kosmische
macht naast God, en dat was niet acceptabel.
De bronnen van God’s gratie
- Eucharistie:
Jaarlijks christelijk feest, sterk verbonden aan de wereldse leiders.
- Heiligen:
Chapter One: Prelude: The Roman World Transformed (300 – 600)
Instabiliteiten van het RR:
“Crisis of the third century”
1. Aanvallen in grensgebieden.
Grensgebieden van het RR werden aangevallen door “barbaren”.
Oplossing: Massieve uitbreiding van het leger in de provincies, het geven van land in het RR aan
barbaarse en Germaanse volkeren in ruil voor bescherming.
2. Politieke opvolgingscrisis
Vanwege de verspreiding en uitbreiding van het leger, kwamen er veel nieuwe machtige steden,
rivalen van Rome. De provincies van het RR kregen zo meer macht en produceerden keizers.
3. Voeding
De gestationeerde legers moesten gevoed worden, wat ervoor zorgde dat de welvaart van het RR naar
de provincies bewoog.
Het Christendom
In fases:
Fase 1: Ontstaan in de provincie Palestina.
Een kleine groep Joden, bekeerd naar het Christendom, gepredikt door de apostel Paul, verspreiden
het Christendom ook naar niet-joden.
Het RR was onverschillig naar het Christendom in deze fase.
Fase 2: Groei van het Christendom
Het Christendom groeide onder armere en midden sociale klasses. De aantrekkingskracht was vooral
de gelijkheid, universaliteit en het vooruitzicht van de hemel.
Fase 3: Vervolging
In het begin alleen op kleine schaal tijdens crisissen, omdat de Romeinen dachten dat het RR werd
gestraft door de Goden, vanwege de praktijken van de Christenen.
Fase 4: Erkenning
Keizers Constantijn en Lincinius legaliseren het beoefenen van alle religies in het RR in het Edict van
Milaan in 313.
Doctrine
De kerkvaders zijn winnaars van bepaalde discussies over doctrine:
Sint Athanasius (295-373)
Promootte zijn anti-Ariaanse kijk bij het concillie van Nicaea (325) en won.
Visie: Jezus was de zoon van God en mens geworden. In tegenstelling tot wat de Arianen dachten, dat Jezus
zowel menselijk als God was.
Augustinus (354-430)
Was tegen het Manicheïsme. Een christelijke stroming die geloofde in twee goddelijke machten, goed en
kwaad. Voor hen was Jezus’ menselijkheid een illusie en konden mensen alleen echt bij God horen als ze
menselijke zonden afzweerden. Voor Augustinus betekende dit een aanwezigheid van een tweede kosmische
macht naast God, en dat was niet acceptabel.
De bronnen van God’s gratie
- Eucharistie:
Jaarlijks christelijk feest, sterk verbonden aan de wereldse leiders.
- Heiligen: