,M.Franssens
, M.Franssens
PSYCHOLOGIE VAN DE INDIVIDUELE VERSCHILLEN
HOOFDSTUK 1: INLEIDING
1.1 INLEIDING
Tot nu toe voornamelijk algemene wetmatigheden besproken (nomothetisch): functieleer, sociale
psychologie, biologische psychologie wetten die gelden voor iedereen, ‘de gemiddelde mens’
Maar: iedereen is uniek, de gemiddelde persoon bestaat niet als we echt menselijk gedrag,
gedachten etc. willen begrijpen, moeten we rekening houden met individuele verschillen
1.1.1 Emotie-onderzoek als toepassing
Emoties = belangrijk deel van ons leven
● Bepalen gedrag, voor- en afkeuren, welzijn, …
● Reacties op gebeurtenissen die voor ons van belang zijn men verschilt op dit vlak
o Inter-individueel: relatief stabiele emotionele tendensen die verschillen tussen
mensen
o Intra-individueel: emotionele schommelingen binnen één persoon over situaties
heen
● Verschillende functies
o Signaalfunctie: naar buiten toe signaleren hoe men zich voelt
o Activatiefunctie: activeren van bepaald gedrag (vb. verdriet, dus huilen)
1.1.2 Algemeen besluit
Men verschilt niet enkel op vlak van emoties, maar ook nog op andere vlakken
● Verschillen = studieobject van PID
● Fundamentele verschillen in persoonlijkheid (-gedrag) en intelligentie
1.2 DOELSTELLING
1.2.1 Algemeen
Veel takken uit psychologie zijn begaan met algemene wetmatigheden (toegepast op emotie)
● Functieleer: hoe ontstaan emoties, … hoe werkt ons geheugen, perceptie…?
● Sociale psychologie: sociale oorzaken en gevolgen v emoties hoe is ons gedrag functie
van sociale fact.?
● Biologische psychologie: neurale processen aan basis v emoties hoe kunnen onze
gedachten, gevoelens en gedragingen verklaard worden door biologische factoren?
o Neurale processen emoties: lang gezocht naar specifieke gebieden voor specifieke
emoties, maar los van amygdala en hippocampus heeft men deze nooit gevonden
Basale processen die geldend zijn voor iedereen
Psychologie van de individuele verschillen compenseert dit: rekening houden met uniciteit
, M.Franssens
● Algemene wetmatigheden belangrijk, maar niet het volledige plaatje!
● Grote verschillen tussen en binnen mensen op vlak van gedrag, prestaties, …
studieobject van PID
- Algemeen doel
o Beschrijven
▪ Verschillen: op welke vlakken verschillen mensen, wat zijn de belangrijkste
▪ Verbanden tussen verschillen: welke verschillen hangen samen
o Verklaren: basis van deze verschillen (genetisch, cultureel, opvoeding, …)
● PID is geen geïsoleerde tak v psychologie; heeft verschillende toepassingsgebieden
o Organisaties: mensen toewijzen aan positie obv unieke kenmerken, beter of minder
geschikt voor job, meer of minder kans op burn-out, …
o Schoolpsychologie: wat verklaart verschillen in prestaties, hoe deze studenten helpen
(door causaal maken van verschillen)
o Klinische psychologie: wat maakt mensen meer/minder veerkrachtig? (onderzoek)
▪ 4 verschillende individuen met verschillende problematieken
▪ Evolutie van welzijn voor en na afkondigen eerste lockdown
▪ Resultaat: verschillen in evolutie tussen individuen, dezelfde stressor leidt tot
verschillende effecten
1.2.2 Wat?
1. Beschrijven van verschillen impliceert vergelijking
= op welke vlakken verschillen mensen van elkaar/zichzelf? Wat zijn de belangrijkste verschillen?
+ verbanden tussen verschillen: met wat hangen zulke verschillen samen?
● Tussen mensen = interindividuele verschillen
● Binnen mensen = intraindividuele verschillen (= profiel over tijd heen)
● Tussen groepen = intergroepsverschillen (onderzoek Terraciano: culturele stereotypes)
o Culturele stereotypes: Nederlanders gierig, Italianen temperamentvol, … → juist?
o Vragenlijsten
▪ Zelfbeschrijving: hoe ben jij ‘als Belg’
▪ Anderbeschrijving: wat denk jij van ‘de Nederlander’
o Resultaat: anderbeschrijvingen(over groep A) komen niet overeen met
zelfbeschrijvingen (van groep A)
● Interindividuele verschillen in intraindividuele verschillen (in profielen) = unieke
gedragshandtekening intraindividuele verschillen vergelijken tussen personen
Maar welke verschillen? niet enkel focus op fysieke, maar vooral op psychologische verschillen
● Cognitieve functioneren
o Product: intelligentie, IQ
▪ Prestaties op cognitieve taken
▪ Hangt waardeoordeel aan vast (intelligent is ‘beter’ dan niet intelligent)
o Proces: cognitieve stijlen, manier van verwerken
▪ Analytische (in stukjes delen) versus holistische (het geheel) verwerking
bijvoorbeeld
▪ Hangt geen waardeoordeel aan vast (geen goed of slecht, hangt af van taak)
▪ Complexe figuur van Rey: diagnostiek van ontwikkelingsstoornissen (ADHD,
, M.Franssens
PSYCHOLOGIE VAN DE INDIVIDUELE VERSCHILLEN
HOOFDSTUK 1: INLEIDING
1.1 INLEIDING
Tot nu toe voornamelijk algemene wetmatigheden besproken (nomothetisch): functieleer, sociale
psychologie, biologische psychologie wetten die gelden voor iedereen, ‘de gemiddelde mens’
Maar: iedereen is uniek, de gemiddelde persoon bestaat niet als we echt menselijk gedrag,
gedachten etc. willen begrijpen, moeten we rekening houden met individuele verschillen
1.1.1 Emotie-onderzoek als toepassing
Emoties = belangrijk deel van ons leven
● Bepalen gedrag, voor- en afkeuren, welzijn, …
● Reacties op gebeurtenissen die voor ons van belang zijn men verschilt op dit vlak
o Inter-individueel: relatief stabiele emotionele tendensen die verschillen tussen
mensen
o Intra-individueel: emotionele schommelingen binnen één persoon over situaties
heen
● Verschillende functies
o Signaalfunctie: naar buiten toe signaleren hoe men zich voelt
o Activatiefunctie: activeren van bepaald gedrag (vb. verdriet, dus huilen)
1.1.2 Algemeen besluit
Men verschilt niet enkel op vlak van emoties, maar ook nog op andere vlakken
● Verschillen = studieobject van PID
● Fundamentele verschillen in persoonlijkheid (-gedrag) en intelligentie
1.2 DOELSTELLING
1.2.1 Algemeen
Veel takken uit psychologie zijn begaan met algemene wetmatigheden (toegepast op emotie)
● Functieleer: hoe ontstaan emoties, … hoe werkt ons geheugen, perceptie…?
● Sociale psychologie: sociale oorzaken en gevolgen v emoties hoe is ons gedrag functie
van sociale fact.?
● Biologische psychologie: neurale processen aan basis v emoties hoe kunnen onze
gedachten, gevoelens en gedragingen verklaard worden door biologische factoren?
o Neurale processen emoties: lang gezocht naar specifieke gebieden voor specifieke
emoties, maar los van amygdala en hippocampus heeft men deze nooit gevonden
Basale processen die geldend zijn voor iedereen
Psychologie van de individuele verschillen compenseert dit: rekening houden met uniciteit
, M.Franssens
● Algemene wetmatigheden belangrijk, maar niet het volledige plaatje!
● Grote verschillen tussen en binnen mensen op vlak van gedrag, prestaties, …
studieobject van PID
- Algemeen doel
o Beschrijven
▪ Verschillen: op welke vlakken verschillen mensen, wat zijn de belangrijkste
▪ Verbanden tussen verschillen: welke verschillen hangen samen
o Verklaren: basis van deze verschillen (genetisch, cultureel, opvoeding, …)
● PID is geen geïsoleerde tak v psychologie; heeft verschillende toepassingsgebieden
o Organisaties: mensen toewijzen aan positie obv unieke kenmerken, beter of minder
geschikt voor job, meer of minder kans op burn-out, …
o Schoolpsychologie: wat verklaart verschillen in prestaties, hoe deze studenten helpen
(door causaal maken van verschillen)
o Klinische psychologie: wat maakt mensen meer/minder veerkrachtig? (onderzoek)
▪ 4 verschillende individuen met verschillende problematieken
▪ Evolutie van welzijn voor en na afkondigen eerste lockdown
▪ Resultaat: verschillen in evolutie tussen individuen, dezelfde stressor leidt tot
verschillende effecten
1.2.2 Wat?
1. Beschrijven van verschillen impliceert vergelijking
= op welke vlakken verschillen mensen van elkaar/zichzelf? Wat zijn de belangrijkste verschillen?
+ verbanden tussen verschillen: met wat hangen zulke verschillen samen?
● Tussen mensen = interindividuele verschillen
● Binnen mensen = intraindividuele verschillen (= profiel over tijd heen)
● Tussen groepen = intergroepsverschillen (onderzoek Terraciano: culturele stereotypes)
o Culturele stereotypes: Nederlanders gierig, Italianen temperamentvol, … → juist?
o Vragenlijsten
▪ Zelfbeschrijving: hoe ben jij ‘als Belg’
▪ Anderbeschrijving: wat denk jij van ‘de Nederlander’
o Resultaat: anderbeschrijvingen(over groep A) komen niet overeen met
zelfbeschrijvingen (van groep A)
● Interindividuele verschillen in intraindividuele verschillen (in profielen) = unieke
gedragshandtekening intraindividuele verschillen vergelijken tussen personen
Maar welke verschillen? niet enkel focus op fysieke, maar vooral op psychologische verschillen
● Cognitieve functioneren
o Product: intelligentie, IQ
▪ Prestaties op cognitieve taken
▪ Hangt waardeoordeel aan vast (intelligent is ‘beter’ dan niet intelligent)
o Proces: cognitieve stijlen, manier van verwerken
▪ Analytische (in stukjes delen) versus holistische (het geheel) verwerking
bijvoorbeeld
▪ Hangt geen waardeoordeel aan vast (geen goed of slecht, hangt af van taak)
▪ Complexe figuur van Rey: diagnostiek van ontwikkelingsstoornissen (ADHD,