100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Class notes

Cijfer tt:9,3! Neuropsychologie: Alle colleges + art. in colleges + vb tentamenvragen.

Rating
-
Sold
2
Pages
24
Uploaded on
05-06-2025
Written in
2024/2025

Tentamen behaald met een 9,3! Gebruik gemaakt van eigen samenvatting. Het is een zeer complete samenvatting van 23 pagina's van alle colleges. Aangevuld met voorbeeld tentamenvragen+antwoorden (door docent benoemde voorbeelden) en de kern van de artikelen die in de colleges zijn besproken.

Show more Read less
Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
June 5, 2025
File latest updated on
June 13, 2025
Number of pages
24
Written in
2024/2025
Type
Class notes
Professor(s)
J.j. meere
Contains
All classes

Subjects

Content preview

Neuropsychologie college 1

Ontwikkelingsstoornis (developmental disorder) – oorzaak is onbekend. Stoornis kunnen meer problemen met zich
mee gaan brengen. Interventie zo vroeg mogelijk inzetten.

Verkregen stoornis (acquired disorder) – oorzaak is bekend, bijv een verkeersongeval.

Kennard principe – krijg je een ongeval? Dan maar zo vroeg mogelijk in ontwikkeling. Plasticiteit groter bij jonge
kinderen. Is niet waar! Tegendeel waarschijnlijk meer: hoe jonger hoe kwetsbaarder (greater vulnerability).

Wat is anders tussen kinderen en volwassenen hierbij?
Diagnose is verschillend tussen kinderen en volwassenen. Ontwikkeling van kinderen verandert continue en is nog
volop gaande.

Prognose is ook gecompliceerder.
Growing into deficit: problemen in ontwikkeling niet altijd direct zichtbaar, want kind kon op moment van ongeval
misschien nog niet alles in ontwikkeling, daardoor pas later zichtbaar.

Crowding: bijv rechter hersenhelft neemt functies over van functies linker hersenhelft (na ongeval). Lijkt eerst
voordeel in plasticiteit. Maar is eigenlijk ook een nadeel, andere functies van rechter hersenhelft worden namelijk
hierdoor minder goed.

Wat is gelijk tussen kinderen en volwassenen bij ongeval?
Dose respons relatie: hoe hoger de dosering van ongeval, hoe groter kwetsuur.

Consequenties na kwetsuur bij kinderen meer globaal: bij kinderen hersenen nog in ontwikkeling. Hersenen
ontwikkelen zich van achteren naar voren, effect is daardoor globaal.
Consequenties na kwetsuur bij volwassenen meer specifiek: bij volwassenen hersenen al volledig, relaties duidelijk.

Herstelfuncties: onderzoek wijst uit dat herstelfuncties bij kinderen die ouder zijn dan jongere kinderen bij kwetsuur
groter zijn. Dus, hoe ouder hoe beter de herstelfuncties zijn.
Traumatic Brain Injury: verschil tussen kinderen en volwassenen, zie bovenstaande.

Herstel is afhankelijk van:
- Aard en ernst van letsel
- Eigenschappen ongeval
- Leeftijd kind tijdens ongeval
- Je kunt testen na ongeval afnemen, en dingen opmerken, maar kan zijn dat dit bijv toegeschreven moet worden aan
ADHD ipv het ongeval.
- Hoelang geleden ongeval en tijd tussen test
- Stabiliteit en SES gezin

Klinische neuropsychologie vs experimentele theoretische neuropsychologie (model gedreven)
Klinische neuropsychologie: geïnteresseerd in individuele vaardigheden kind met genormeerde testen.
Klinische test meten eindproduct van cognitieve vaardigheden, maar leert hierbij niets over proces.
A-specifieke testen
Vaardigheden meetbaar maken.
Vragenlijsten, afhankelijk leeftijd ook ingevuld door betrokkenen.
Observaties gedrag.
Testen zijn aan de hand van normen te interpreteren.
Weet alleen of kind afwijkt van de norm.


Experimentele theoretische neuropsychologie
Experimentele neuropsychologie juist geïnteresseerd in het proces, in de losse stappen.
Gebruik maken van controlegroep.
Bestaan geen normen.
Onspecifieke testen: geeft alleen aan dat het afwijkt van de norm, maar wat zegt dat.

,Model van aandacht, hersenen:
Prefontale gedeelte, frontale lob, kunt dit zien als een dirigent van een orkest. Geeft ons de gelegenheid om na te
denken voordat we reageren. Bij de ene persoon teveel ‘schotjes’, bij de andere te weinig, die reageert dus wel
direct.

Wanneer in het brein gebeurt er wat?
Reaction time paradigms, wat is er mogelijk qua testen: krijgt een memory set te zien met een letter X bijvoorbeeld,
dan krijg je een display set en dan moet je aangeven of de memory set erin te zien is. Na dit bijv 70 of 80 keer gedaan
is verander je de memory set naar bijv 2 letters ipv 1. Dit heeft gevolgen voor de reactietijd.

Focale aandacht: moet alleen naar diagonale letters kijken en de andere negeren. Dan kijken naar display set en
kijken of de letter op de ‘goede’ plaats staat of niet.

Volgehouden aandacht (sustained attention): bij test is de aandacht eerst optimaal. Wanneer kinderen hebben met
volgehouden aandacht dan zal het de prestatievermindering over de tijd meer uitgesproken hebben. Maar is dit nou
motivatie of concentratie?

Wanneer in het brein worden stappen gezet en wanneer volgt ene stap na de ander?
EEG (Evoked Response Potentiols): hersengolven meten, kunt gedeelte pakken van hersengolven waarbij iets gebeur
en dit gebruiken voor ERP Event Related Potential. EEG afnemen wanneer mensen memory set test aan het
uitvoeren, kunt dus onderzoeken hoe brein reageert tijdens zo’n event gebeurtenis. De stimulus evaluatie zou wel
eens voltooid kunnen zijn op moment dat P300 maximaliseert bijv (een golf in EEG).
Docent vertelt over voorbeeld waarbij ze wel en geen fouten mochten maken (met geld als beloning). Kunt verschil
tussen dan tussen snelheidsconditie (veel fouten gemaakt, voordat P3 op kwam) en in accuraatheidsconditie (P3
eerst en dan reactie, geld als beloning voorbeeld).

Wat gebeurt er als er fouten gemaakt worden? Kunt dan ook EEG registreren.
ERN (Error Related Negativity): bewustwording van fout maken (self monitoring). Ontstaat rechte lijn wanneer
iemand zich bewust is van fout (eerste piek)
PE (Positive Error Related): Motivatie/bereidheid om bij volgende poging geen fout te maken.

Piek met mensen met ADHD is stuk minder uitgesproken dan piek horende bij controlegroep. Piek als zodanig staat
voor energie. Bewustwording. Mensen met ADHD zijn zich er wel bewust van dat ze een fout maken, maar lijken hier
minder consequenties aan te verbinden.

Kunt aan EEG al zien dat er fout op komst is, bijv 20 seconden ervoor al. Kan baanbrekend zijn voor bijv
beroepsgroepen als piloot, dat piloot bijv piepje krijgt als er fout op komst is. Methode besproken die antwoord kan
geven op wanneer in het brein. Andere vraag dan waar in het brein.

F(MRI) is voor waar in het brein:
Je hebt een basistaak en dit trek je af van wanneer mensen iets doen. Statistische verschillen zichtbaar hiermee.
Meer rood zichtbaar in hersengebieden die van belang waren bij uitvoeren taak, Ritalin (medicatie ADHD) heeft
hierbij een positieve invloed op.

DTI (Diffusion Tensor Imaging): manier om routes in hersenen in kaart te brengen, met kleurtjes in hersenen.

Dorsal induction: neurale buis: samen te vatten in drie gebieden. cognitie, emotie en motoriek. is een vroege fase in
de prenatale hersenontwikkeling, die plaatsvindt in de eerste weken van de zwangerschap (ongeveer week 3 t/m 4).
Hierbij vormt zich de neurale buis (neural tube), die uiteindelijk uitgroeit tot het centrale zenuwstelsel (hersenen en
ruggenmerg). Sluiting van de neurale buis is cruciaal. Als dit proces niet goed verloopt, kan dit leiden tot neural tube
defects zoals:

 Spina bifida (open ruggetje) (geen tentamenstof meer)

 Anencefalie (ernstig ontbreken van grote delen van de hersenen)

Ontstaan hersenen, van achteren naar voren, linker en rechter hemisfeer. Belang voor tentamen deze volgorde en
inhoud!

, Hersenstam (inclusief amygdala) – basisfuncties
Cerebellum – motorische controle
Temporaal – aandacht, geheugen
Frontaal – executieve functies (laatst rijpend)

Delen groot gedeelte structuur met apen, ratten, muizen enz.

Na het ontstaan van de hersenen gaat ontwikkeling verder, de ontwikkeling van de neuronen.
Events in leven van neuronen. Wat is het? Wat is de volgorde? Wanneer beginnen hersenen zich te ontwikkelingen in
samenspraak met omgeving.
1. Neurogenese: ongeveer alle neuronen zijn zo ongeveer de 5e maand na de conceptie aangelegd. Zijn fabrieken en
waar zitten die in de hersenen. Vierde ventrikel vindt de neurogenese plaats.




2. Proliferatie (kopie van de neuronen): 40 tot 50% neuronen sterven tijdens het proces. Er worden dus veel meer
gemaakt dan we uiteindelijk als volwassene overhouden. Genetische factoren (overdracht: geërfd of spontaan) in het
spel en omgevingsfactoren beginnen rol te spelen. Omgevingsfactoren gaat het om, drugs, infecties enz.
Onderbrekingen kunnen leiden tot microencephaly. Gelinkt aan autisme.
3. Migratie (op juiste bestemming terecht komen): ontstaan van binnenuit. Meeste neuronen arriveren op
bestemming 4 a 5 maanden na conceptie. Bijv. leverprocessen, darmprocessen enz. Chemo tactische eigenschappen
kunnen ermee te maken hebben dat het op de goede plek terecht komt. Genetische coderingen zijn erg hardnekkig
(Experience expected), ook al worden neuronen elders heen gestuurd, ze vinden alsnog hun weg. Omgevingsfactor kan
ondervoeding zijn die hier negatieve invloed op kan uitoefenen. Komen neuronen alsnog op verkeerde plek aan?
Epilepsie zou hieraan gelinkt kunnen zijn.

Stel migratie gaat mis? Plan is dat je grijze stof (processen vinden plaats), witte stof (communicatie), grijze stof hebt.
Kunt verschillende zones hiervan tegenkomen met deze volgorde. Hoe gaat dat in normale brein?
Top down: denkt na over handeling/reactie. telkens monitort wat komt er aan informatie binnenkomt.
Verwachtingen. Wensen. Wat is nodig. Plannen. Dit is typisch top down.
Bottom up: reageert direct. informatie gaat langzaam aan naar voren, grijs, wit, grijs. Kunt te precies worden met
informatie die je nodig hebt/wilt. Maar zou onderscheid gemaakt moeten worden wat belangrijk is, naast opnemen
en verwerken. Gebeurt dat niet dan word je gek. Probleem bijv rond autisme. Wat is relevant voor taakuitvoering.
ADHD, bijv niet juiste hypotheses formuleren. Ook probleem in verwerking.

4. Differentaties (communicatie van cellen): In de hersenen sturen neuronen elektrische signalen via het axon naar
andere cellen. Aan het eind van het axon zitten blaasjes met neurotransmitters, zoals dopamine. Het elektrische
signaal stopt bij de synaptische spleet; daar geven de blaasjes de neurotransmitters af, zodat het signaal chemisch
kan worden doorgegeven aan de volgende cel.

Bij ADHD is er te weinig dopamine of wordt het te snel opgenomen. Medicatie zoals methylfenidaat zorgt ervoor dat
dopamine langer in de synaptische spleet blijft, zodat signalen beter worden doorgegeven.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
amanda_deinum Rijksuniversiteit Groningen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
22
Member since
6 months
Number of followers
0
Documents
5
Last sold
2 weeks ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions