HOOFDSTUK 1: A TOUR OF THE WORLD
Basisidee: economieën kunnen net als mensen ziek worden. De gevolgen hiervan zijn hoge
werkloosheid, lage groei, … Macro-economen gaan dan op zoek naar de onderliggende redenen
+ naar oplossingen.
Een crisis krijgt vaak een naam ➔ coronacrisis = crisis met als reden corona
Crisis = negatieve BBP groei = output die daalt
CRISIS 1: pandemie van 2020 (Coronacrisis)
Eerst in China, waardoor economen bezorgd waren over de economie in China + de
handelspartners. Later: in Europa idem
Gevolg: Lockdown, verschillende dingen moesten sluiten, andere dingen mochten met strenge
regels open blijven.
De regels die werden opgelegd door de overheid bepaalden veel. Namelijk het aantal doden
door corona steeg bij versoepelingen. Ook de economie werd beter bij versoepeling.
Economische invloed: daling België: -14.5% in 1 kwartaal !!!!
Opvallend: werkloosheid steeg niet mee met de economische daling. → Reden: tijdelijke
werkloosheid. Weinigen werden ontslagen. De meeste werden op tijdelijke werkloosheid gezet.
MAAR: VS ➔ in de VS wel sterke stijging werkloosheid ➔ overheid had beslist om bedrijven
failliet te verklaren die in lockdown moesten en nadien terug her op te starten na de lockdown.
3 redenen voor de zware wereldwijde recessie tijdens de coronacrisis:
• Productieketens verstoord
• Bedrijven/sectoren gingen dicht
• Inkomensdaling (60% loon bij tijdelijke werkloosheid)
EXOGENE OORZAAK
Hierbij: keuze gezondheid → economie
➔ Indien niet in lockdown: beter voor economie → meer doden
Herstel: V-herstel
= sterke daling van de economie tijdens de crisis, maar na de crisis snel terug op niveau zoals
voor de crisis en de mogelijkheid om verder te groeien
,CRISIS 2: bankencrisis VS (2007)
➔ Huizenmarkten in de VS stortten in
Reden: Banken gaven leningen aan mensen die het financieel niet goed hadden.
Gevolg: die konden hun leningen niet terugbetalen.
➔ Banken kwamen in liquiditeitsproblemen en moesten hun activa ver ondergewaardeerd
verkopen
➔ Waarden van de huizen daalden
➔ Ook de mensen die wel kredietwaardig waren wouden hun lening niet meer terugbetalen
(want hun huis was niet meer zoveel waard als de lening)
Wie getroffen? Trof de hele wereld door internationale handel en financiële verwevenheid
Vergelijking CRISIS 1 ➔ CRISIS 2
Verschil:
Coronacrisis: gezondheidscrisis
• oorsprong
Bankencrisis: systeemcrisis
CRISIS 3: energiecrisis
Oorzaak: Enorme stijging van de energieprijzen ➔ heeft niet geleidt tot een recessie. De
economie is er van gespaard gebleven.
VERGELIJKBAAR: met oliecrisis in 1970. Ook forse stijging in korte tijd
MAAR VERSCHIL: hier blijft de recessie uit door:
- Energie/BBP nu < in 1970
- Snellere reactie van het monetaire beleid vandaag
Inflatie:
Steeg immens hard na de coronacrisis tot 10% !!!!
Verschillende redenen hiertoe:
• Coronacrisis
o Bepaalde materialen waren tekort
o Opgespaarde vraag = pen’t-up demand = mensen hebben moeten wachten om
bepaalde dingen aan te kopen tijdens corona, dus vanaf het weer mogelijk was is
de vraag immens gestegen, maar het aanbod bleef +- gelijk ➔ prijsstijging
• Expansief herstelbeleid
• Inval Rusland in Oekraïne
,➔ Energie- en voedselprijzen steeg enorm
• Greedflation/graaiflatie
➔ Productiekost was enorm hard gestegen, dus moesten de bedrijven hun prijzen ook doen
stijgen. Wanneer de productiekost weer daalde, daalden de bedrijven hun prijs niet terug.
• Loonindextatie: spilindex werd overschreden door stijgende prijzen → loon verhoogd →
arbeidskost voor bedrijven weer hoger → weer prijsstijging om die kost te dekken →
weer spilindex overschreden → …
OP DE DAG VAN VANDAAG IS DE INFLATIE WEER MIN OF MEER OP PIJL
De Verenigde Staten:
= goed voor +- 25% van de mondiale output
Aandachtspunten economie VS:
• Beleidsrente = laag
• Productiviteitsgroei = laag
• Negatieve handelsbalans ➔ import > export
Intrestvoet steeg sterk, tot COVID ➔ intrest ging bijna tot aan 0%
MAAR grens: onder 0% gaan is geen optie. Zou leiden tot aanhouden van cash (wat ook niet
goed is, want koopkracht daalt door inflatie)
Economie afremmen ➔ intrestvoet verhogen ➔ meer sparen/minder uitgeven
Economie stimuleren ➔ intrestvoet verlagen ➔ minder sparen, meer uitgeven
PROBLEEM: bij 0% intrest = geen optie om intrest te verlagen en dus om de economie te
stimuleren…
De Eurozone:
= 27 Europese landen met een gemeenschappelijke markt
Muntunie: in al deze landen wordt éénzelfde munt gebruikt, namelijk de €
Werkloosheidsgraad: gemiddeld hoog ➔ vaak de landen die het meest flexibel zijn hoogst
Voordelen en nadelen van de EU-zone:
Voordelen:
, • Geen wisselkoersverschil ➔ economische voordelen
• Europa = gezien als belangrijke economische wereldspeler door vormen EU
Nadelen:
• Slechts 1 monetair beleid
• Geen wisselkoers ➔ wisselkoers aanpassen om aantrekkelijkheid van je land te
verhogen is niet meer mogelijk.
Brexit → toont dat het niet evident is om uit de EU te gaan
China
4x grotere bevolking dan VS en heeft 60% van output van VS (maken een inhaalbeweging)
Door importeren van
technologieën uit het buitenland
KEY TO SUCCES in China: Bescherming eigendomsrechten cruciaal + ontbreken van corruptie
+ geleidelijke groei, niet te snel grote stappen willen zetten
HOOFDSTUK 2: A TOUR OF THE BOOK
Doel van dit hoofdstuk: begrippen leren kennen die in volgende hoofdstukken aan bod komen!!!
Output
BBP kan je definiëren op 3 manieren:
1) = maatstaf van de geaggregeerde output Productie, inkomen
en bestedingen
= wat wordt geproduceerd + alle inkomens + hetgeen waar we onze inkomens aan spenderen
Het BBP is de waarde van de finale goederen en diensten die in een economie
geproduceerd worden in een bepaalde periode
Staalbedrijf (bedrijf 1) Autobouwer (bedrijf 2)
Inkomsten uit €100 Inkomsten uit €200
verkoop verkoop
Uitgaven €80 Uitgaven €170
Lonen €80 Lonen €70
Aankoop staal €100