Economie
Hoofdstuk 1/8 4 vmbo-GT/TL (Boek- pincode)
Alfabetische begrippenlijst:
A
-
Aanvullende verzekering Niet verplicht deel van de zorgverzekering voor onder andere fysiotherapie of tandarts.
-
Abstracte markt Alle vraag naar en aanbod van een product.
-
ACM Autoriteit Consument & Markt. Deze overheidsinstelling let erop dat bedrijven de consument eerlijk behandelen en dat bedrijven eerlijk met
elkaar concurreren.
-
Actieven Mensen die hun eigen inkomen verdienen.
Afschrijving-De jaarlijkse waardevermindering van kapitaalgoederen.
-
Afzet Het aantal producten dat je verkoopt.
Algemene wet gelijke behandeling-Wet die het maken van onderscheid op basis van geslacht, ras, leeftijd of afkomst verbiedt.
-
Allriskverzekering WA+cascoverzekering. Je bent verzekerd voor schade aan anderen en aan je eigen voertuig.
-
Arbeidsintensief Als er naar verhouding meer met mensen dan met machines wordt geproduceerd.
-
Arbeidsmarkt Het geheel van vraag naar arbeid en aanbod van arbeid.
-
Arbeidsmotieven Redenen om te willen werken.
-
Arbeidsparticipatie Arbeidsdeelname. Het percentage van de bevolking dat tot de beroepsbevolking behoort.
-
Arbeidsproductiviteit De productie per persoon in een bepaalde tijd.
-
Arbeidsverdeling Het werk bij bedrijven is verdeeld in verschillende banen.
AVP-Aansprakelijkheidsverzekering voor particulieren. Deze verzekering vergoedt schade die je zonder opzet aan anderen toebrengt.
Basisverzekering-Wettelijk verplicht deel van de zorgverzekering voor onder andere huisarts, ziekenhuis en medicijnen.
B
-
Bedrijfskolom De bedrijven die na elkaar aan een product meewerken.
Bedrijfskosten-De kosten om een bedrijf te laten functioneren, zoals huur, loonkosten, reclame, enzovoort.
Begroting-Een overzicht van je verwachte inkomsten en uitgaven voor de komende periode.
Begrotingsoverschot-De verwachte uitgaven zijn lager dan de verwachte inkomsten.
Begrotingstekort-De verwachte uitgaven zijn hoger dan de verwachte inkomsten. In het omgekeerde geval is er een begrotingsoverschot.
Beleggen-Je steekt je geld in iets waarvan je verwacht dat het meer oplevert dan sparen.
Beroepsbevolking-Iedereen van vijftien jaar tot de pensioenleeftijd die werkt of werkloos is.
Betalingsbalans-Een overzicht van alle ontvangsten uit het buitenland en alle betalingen aan het buitenland.
-
Bonus-malusregeling Een systeem van premiekortingen en toeslagen.
-
Brutoloon Het loon waarop nog niets is ingehouden.
Brutowinst-Wat je overhoudt van de omzet nadat je de inkoopwaarde ervan betaald hebt.
Brutowinstopslag-Het bedrag dat een winkelier optelt bij de inkoopprijs om daarmee de verkoopprijs te berekenen.
Btw -Belasting over de toegevoegde waarde. Een belasting die de winkelier moet optellen bij de verkoopprijs.
Budgetteren-Je inkomsten en uitgaven op elkaar afstemmen.
Bv-Besloten vennootschap. Onderneming met één of meer eigenaren als aandeelhouder. De aandelen zijn niet voor iedereen te koop.
C
Cao-Collectieve arbeidsovereenkomst. Hierin staan de gezamenlijke afspraken over de arbeidsvoorwaarden in een bedrijfstak.
Cascoverzekering-Verzekering tegen schade aan je eigen scooter of auto.
-
CBS Centraal Bureau voor de Statistiek. Het CBS verzamelt allerlei informatie, onder andere over economische veranderingen.
-
Chartaal geld Tastbaar geld in de vorm van munten en bankbiljetten.
-
Collectieve goederen Voorzieningen waar alle burgers gebruik van kunnen maken en die worden geleverd en betaald door de overheid.
-
Collectieve sector De overheid en de instellingen voor de sociale zekerheid.
Commerciële reclame-Reclame om meer producten te verkopen en daar geld aan te verdienen.
Concrete markt-Plaats waar op bepaalde tijden goederen verhandeld worden.
-
Conjuncturele werkloosheid Werkloosheid die het gevolg is van een daling van de vraag naar goederen en diensten door vermindering van
koopkracht.
Hoofdstuk 1/8 4 vmbo-GT/TL (Boek- pincode)
Alfabetische begrippenlijst:
A
-
Aanvullende verzekering Niet verplicht deel van de zorgverzekering voor onder andere fysiotherapie of tandarts.
-
Abstracte markt Alle vraag naar en aanbod van een product.
-
ACM Autoriteit Consument & Markt. Deze overheidsinstelling let erop dat bedrijven de consument eerlijk behandelen en dat bedrijven eerlijk met
elkaar concurreren.
-
Actieven Mensen die hun eigen inkomen verdienen.
Afschrijving-De jaarlijkse waardevermindering van kapitaalgoederen.
-
Afzet Het aantal producten dat je verkoopt.
Algemene wet gelijke behandeling-Wet die het maken van onderscheid op basis van geslacht, ras, leeftijd of afkomst verbiedt.
-
Allriskverzekering WA+cascoverzekering. Je bent verzekerd voor schade aan anderen en aan je eigen voertuig.
-
Arbeidsintensief Als er naar verhouding meer met mensen dan met machines wordt geproduceerd.
-
Arbeidsmarkt Het geheel van vraag naar arbeid en aanbod van arbeid.
-
Arbeidsmotieven Redenen om te willen werken.
-
Arbeidsparticipatie Arbeidsdeelname. Het percentage van de bevolking dat tot de beroepsbevolking behoort.
-
Arbeidsproductiviteit De productie per persoon in een bepaalde tijd.
-
Arbeidsverdeling Het werk bij bedrijven is verdeeld in verschillende banen.
AVP-Aansprakelijkheidsverzekering voor particulieren. Deze verzekering vergoedt schade die je zonder opzet aan anderen toebrengt.
Basisverzekering-Wettelijk verplicht deel van de zorgverzekering voor onder andere huisarts, ziekenhuis en medicijnen.
B
-
Bedrijfskolom De bedrijven die na elkaar aan een product meewerken.
Bedrijfskosten-De kosten om een bedrijf te laten functioneren, zoals huur, loonkosten, reclame, enzovoort.
Begroting-Een overzicht van je verwachte inkomsten en uitgaven voor de komende periode.
Begrotingsoverschot-De verwachte uitgaven zijn lager dan de verwachte inkomsten.
Begrotingstekort-De verwachte uitgaven zijn hoger dan de verwachte inkomsten. In het omgekeerde geval is er een begrotingsoverschot.
Beleggen-Je steekt je geld in iets waarvan je verwacht dat het meer oplevert dan sparen.
Beroepsbevolking-Iedereen van vijftien jaar tot de pensioenleeftijd die werkt of werkloos is.
Betalingsbalans-Een overzicht van alle ontvangsten uit het buitenland en alle betalingen aan het buitenland.
-
Bonus-malusregeling Een systeem van premiekortingen en toeslagen.
-
Brutoloon Het loon waarop nog niets is ingehouden.
Brutowinst-Wat je overhoudt van de omzet nadat je de inkoopwaarde ervan betaald hebt.
Brutowinstopslag-Het bedrag dat een winkelier optelt bij de inkoopprijs om daarmee de verkoopprijs te berekenen.
Btw -Belasting over de toegevoegde waarde. Een belasting die de winkelier moet optellen bij de verkoopprijs.
Budgetteren-Je inkomsten en uitgaven op elkaar afstemmen.
Bv-Besloten vennootschap. Onderneming met één of meer eigenaren als aandeelhouder. De aandelen zijn niet voor iedereen te koop.
C
Cao-Collectieve arbeidsovereenkomst. Hierin staan de gezamenlijke afspraken over de arbeidsvoorwaarden in een bedrijfstak.
Cascoverzekering-Verzekering tegen schade aan je eigen scooter of auto.
-
CBS Centraal Bureau voor de Statistiek. Het CBS verzamelt allerlei informatie, onder andere over economische veranderingen.
-
Chartaal geld Tastbaar geld in de vorm van munten en bankbiljetten.
-
Collectieve goederen Voorzieningen waar alle burgers gebruik van kunnen maken en die worden geleverd en betaald door de overheid.
-
Collectieve sector De overheid en de instellingen voor de sociale zekerheid.
Commerciële reclame-Reclame om meer producten te verkopen en daar geld aan te verdienen.
Concrete markt-Plaats waar op bepaalde tijden goederen verhandeld worden.
-
Conjuncturele werkloosheid Werkloosheid die het gevolg is van een daling van de vraag naar goederen en diensten door vermindering van
koopkracht.