9 Verandering,Motivatie en Weerstand
Editie 2024-2025. Vragen en antwoorden.
Cliënten hanteren soms "slachtoffertaal". Wat is een voorbeeld van
slachtoffertaal?
a Soms voel ik me waardeloos
b Ze moeten mij altijd hebben
c Daar baal ik stevig van
d Het lukt me vaak niet om het gedrag te veranderen - ANSb Ze moeten
mij altijd hebben
Cliënten hebben meestal verschillende redenen om wel te veranderen en
net zoveel redenen om dat niet te doen. Hoe noemen we deze
tegenstrijdige redenen?
a Projectie
b Ambivalentie
c Motivatie
d Weerstand - ANSb Ambivalentie
Cliënten kunnen een schriftelijke samenvatting maken van hun motivatie
aan de hand van de vier onderwerpen om wel te veranderen. Dit heeft
verschillende voordelen. Welk hoort er NIET bij?
a De cliënt hoeft niet elke keer moeite te doen om alle argumenten weer op
een rij te zetten.
b De cliënt weet dat bepaald gedrag in het verleden een functie had, maar
dat dit gedrag in het heden niet meer helpend is.
c De hulpverlener hoeft niet telkens aan te halen wat de cliënt motiveert
waardoor hij weerstand kan oproepen.
d De motivatie van de cliënt wordt zo gemakkelijker weer onderwerp van
gesprek. - ANSb De cliënt weet dat bepaald gedrag in het verleden een
functie had, maar dat dit gedrag in het heden niet meer helpend is.
Een cliënt kaart zijn gewichtsprobleem aan en denkt mee met die
consulent. Hoe noemt men zo"n cliëntrelatie?
a Klanttypisch
b Klaagtypisch
c Bezoekerstypisch
d Ideaaltypisch - ANSa Klanttypisch
PG 1
, Een cliënt kijkt ver voor zich uit en ziet alleen maar obstakels in het proces
van afvallen. Wat kan de gewichtsconsulent hierop zeggen? - ANSeen stap
tegelijk
Een cliënt praat voortdurend over haar gewichtsproblemen, maar kijkt niet
echt vooruit. Hoe noemt men zo"n relatie?
a klanttypisch
b klaagtypisch
c bezoekerstypisch
d relationeeltypisch - ANSb Klaagtypisch
Een cliënt vertelt zijn gewichtsconsulent over een goed verlopen periode,
die in contrast staat met alle andere periodes. Hoe zal de
gewichtsconsulent zo"n periode noemen? - ANSc Een
uitzonderingsmoment
Er bestaan drie voorwaarden om succesvol te veranderen. Welke hoort er
NIET bij?
a Redder
b Slachtoffer
c Achtervolger/aanklager
d Bezinner - ANSa Moeten veranderen
Hoe kan een gewichtsconsulent het beste omgaan met zwartkijkers? -
ANS- Laat merken dat je niet erg onder de indruk bent.
- Kom niet meteen met oplossingen aandragen zodat je het gevaar loopt de
redder te worden.
- Laat de patiënt het probleem samenvatten en benoemen en zeg dat je
verwacht dat de problemen van de patiënt voor een groot deel goed op te
lossen zijn
- Wijs op de successen uit het verleden
Hoe reageren cliënten meestal als de hulpverlener kiest om de baten van
verandering te verdedigen?
a Ze passen hun gedrag aan de wensen van de hulpverlener aan.
b Ze vermijden het onderwerp verandering
c Ze spreken steeds meer over de baten van de verandering
d Ze spreken steeds meer over de kosten van de verandering. - ANSd Ze
spreken steeds meer over de kosten van de verandering.
PG 2
Editie 2024-2025. Vragen en antwoorden.
Cliënten hanteren soms "slachtoffertaal". Wat is een voorbeeld van
slachtoffertaal?
a Soms voel ik me waardeloos
b Ze moeten mij altijd hebben
c Daar baal ik stevig van
d Het lukt me vaak niet om het gedrag te veranderen - ANSb Ze moeten
mij altijd hebben
Cliënten hebben meestal verschillende redenen om wel te veranderen en
net zoveel redenen om dat niet te doen. Hoe noemen we deze
tegenstrijdige redenen?
a Projectie
b Ambivalentie
c Motivatie
d Weerstand - ANSb Ambivalentie
Cliënten kunnen een schriftelijke samenvatting maken van hun motivatie
aan de hand van de vier onderwerpen om wel te veranderen. Dit heeft
verschillende voordelen. Welk hoort er NIET bij?
a De cliënt hoeft niet elke keer moeite te doen om alle argumenten weer op
een rij te zetten.
b De cliënt weet dat bepaald gedrag in het verleden een functie had, maar
dat dit gedrag in het heden niet meer helpend is.
c De hulpverlener hoeft niet telkens aan te halen wat de cliënt motiveert
waardoor hij weerstand kan oproepen.
d De motivatie van de cliënt wordt zo gemakkelijker weer onderwerp van
gesprek. - ANSb De cliënt weet dat bepaald gedrag in het verleden een
functie had, maar dat dit gedrag in het heden niet meer helpend is.
Een cliënt kaart zijn gewichtsprobleem aan en denkt mee met die
consulent. Hoe noemt men zo"n cliëntrelatie?
a Klanttypisch
b Klaagtypisch
c Bezoekerstypisch
d Ideaaltypisch - ANSa Klanttypisch
PG 1
, Een cliënt kijkt ver voor zich uit en ziet alleen maar obstakels in het proces
van afvallen. Wat kan de gewichtsconsulent hierop zeggen? - ANSeen stap
tegelijk
Een cliënt praat voortdurend over haar gewichtsproblemen, maar kijkt niet
echt vooruit. Hoe noemt men zo"n relatie?
a klanttypisch
b klaagtypisch
c bezoekerstypisch
d relationeeltypisch - ANSb Klaagtypisch
Een cliënt vertelt zijn gewichtsconsulent over een goed verlopen periode,
die in contrast staat met alle andere periodes. Hoe zal de
gewichtsconsulent zo"n periode noemen? - ANSc Een
uitzonderingsmoment
Er bestaan drie voorwaarden om succesvol te veranderen. Welke hoort er
NIET bij?
a Redder
b Slachtoffer
c Achtervolger/aanklager
d Bezinner - ANSa Moeten veranderen
Hoe kan een gewichtsconsulent het beste omgaan met zwartkijkers? -
ANS- Laat merken dat je niet erg onder de indruk bent.
- Kom niet meteen met oplossingen aandragen zodat je het gevaar loopt de
redder te worden.
- Laat de patiënt het probleem samenvatten en benoemen en zeg dat je
verwacht dat de problemen van de patiënt voor een groot deel goed op te
lossen zijn
- Wijs op de successen uit het verleden
Hoe reageren cliënten meestal als de hulpverlener kiest om de baten van
verandering te verdedigen?
a Ze passen hun gedrag aan de wensen van de hulpverlener aan.
b Ze vermijden het onderwerp verandering
c Ze spreken steeds meer over de baten van de verandering
d Ze spreken steeds meer over de kosten van de verandering. - ANSd Ze
spreken steeds meer over de kosten van de verandering.
PG 2