100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Class notes

Complete aantekeningen Beschrijvende en inferentiele statistiek (BIS)

Rating
5.0
(1)
Sold
27
Pages
55
Uploaded on
08-11-2019
Written in
2018/2019

Complete aantekeningen van het vak BIS gegeven in collegejaar . Inclusief plaatjes en uitgebreide toelichting. Duidelijke structuur.

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
November 8, 2019
Number of pages
55
Written in
2018/2019
Type
Class notes
Professor(s)
Jasper muis
Contains
Alle

Subjects

Content preview

Beschrijvende en Inferentiele Statistiek (BIS)
College 1: Beschrijvende univariate statistiek (hoofdstuk 2) | 04/02/2019 | Jasper Muis

Statistiek gaat over de methoden om gegevens te verzamelen, bewerken, interpreteren en
presenteren. Die gegevens noemen we data.
Het ultieme doel is door middel van data kennis vergaren over de wereld om ons heen

Beschrijvende statistiek = puur beschrijven. Je geeft een samenvatting van de verkregen
data.
Inferentiële statistiek = voorspellen (speculeren). Uitspraken en voorspellingen doen over
hele populatie op basis van de verkregen data (steekproef).

To infer = concluderen uit/opmaken uit

U-curve = het is hoog, dan neemt het af, en daarna neemt het weer toe in een U vorm

Verstorende variabelen moet je controleren. Dit doe je door de variabelen te splitsen.

Deeltoets 1: SPSS-practicum 1 & hoorcolleges 1 t/m 4 (25%)
Deeltoets 2: SPSS-practicum 2 & hoorcolleges 5 t/m 8 (25%)

Beschrijvende statistiek
Hoofdstuk 2: beschrijvende univariate statistiek
= Samenvatting van 1 variabele (= univariaat)
o Meetniveau van variabelen
o Centrale tendentie (gemiddelde, mediaan & modus)
o Verdeling (histogram, barchat)
o Spreidingsmaten (standaarddeviatie, variantie)

Type variabelen
o Categorisch versus kwantitatief
o Discreet versus continu
1. Categorische variabelen: hebben als waarde geen getallen, maar alleen kenmerken of
categorieën. Deze kunnen verdeeld worden in nominaal en ordinaal
a. Nominaal (in SPSS: nominal)
i. De variabele heeft meerder groepen, maar er is geen rangordening
ii. Bijvoorbeeld: wat is je lievelingskleur? /Nationaliteit /Religie
iii. Dichotoom = een speciaal geval van een nominale variabele (ook wel:
dummy variabele)
1. = 0/1 kenmerk. Dus of het een of het ander zoals geslacht
2. Je kunt alle variabelen altijd terugbrengen tot een 0/1
dichotomie
iv. Let op dat je altijd nadenkt wanneer je een antwoord krijgt. Je geeft
elke variabele een nummer, als je dan een kommagetal als uitkomst
krijgt dan klopt dat dus niet.
b. Ordinaal (in SPSS: ordinal)
i. De groepen hebben een rangordening, maar geen vast afstand.
1. Dit is bijvoorbeeld rangen in het leger, of opleidingsniveau. De
stap van havo naar vwo is misschien niet hetzelfde als van hbo

, naar wo. De stappen zijn dus niet per se even groot, maar er zit
dus wel een rangordening in
2. Echter, voor het gemak worden deze ordinale variabelen wel als
kwantitatief behandelt
2. Kwantitatief (in SPSS: scale)
a. Variabelen die als waarde getallen aannemen zoals leeftijd, gewicht of
inkomen
b. Is hetzelfde als interval/ratio van methodologie
c. Deze zijn onder te delen in 2 soorten, namelijk:
i. Discreet: variabele waarbij slechts bepaalde waarden kunnen
voorkomen, bijvoorbeeld alleen hele getallen: 0, 1, 2, 3, etc..
1. Bijvoorbeeld het aantal kinderen of het aantal huisdieren
ii. Continu: variabele waarbij oneindig veel mogelijkheden zijn in waarde,
zoals tijd, afstand, gewicht. Met kommagetallen, geen concrete
getallen.
1. Bijvoorbeeld de tijdsduur van dit college (is bijvoorbeeld 44,
999999 minuten)

Dus nominaal en ordinaal zijn categorische variabelen
En discreet en continu zijn onderdelen van kwantitatieve variabelen (interval/ratio, scale)

Samengevat: Het onderscheid tussen meetniveaus is belangrijk, omdat ze verschillende
rekenkundige/statistische operaties toestaan.
Categorische variabelen:
o (1) Nominaal: categorieën zonder rangordening. Een speciaal geval is dichotomie
(0/1).
o (2) Ordinaal: categorieën met rangordening.
(3) Kwantitatieve variabelen = interval/ratio (scale)
o Discreet: hele getallen
o Continu: elk getal mogelijk

Cases = analyse-eenheden

Centrummaten
o Gemiddelde (M)
o Mediaan (Md)
o Modus

Gemiddelde (M)

Een andere belangrijke benaming van
gemiddelde = verwachting. Het gemiddelde is
beste gok over een waarneming, als je verder
nog niks weet. Bijvoorbeeld als iemand vraagt
wat zal ik halen als eindcijfer. Dan is het
antwoord ja het gemiddelde is een 6,5. Wanneer
je meer gegevens/variabelen krijgt dan kun je je
voorspelling aanscherpen.

,Mediaan (Md)
= het middelpunt van de observaties als je ze van laag naar hoog ordent
Als je geen middelpunt hebt: neem je het middelpunt van die 2

Dit is handig wanneer je bijvoorbeeld slechts 1 hele hoge score hebt, dan is je hele
gemiddelde verdraait dus kun je beter de mediaan bekijken. Als vervanging voor gemiddelde
dus.

Modus
= de waarde die het vaakst voorkomt
Dit is vooral van belang bij variabelen waar
je verder niet zo veel mee kan. Bijvoorbeeld:

Bij een ordinale variabele mag je officieel
geen gemiddelde uitrekenen, maar in de
praktijk gebeurt dit wel af en toe.



Verdeling van data (distribution)
= de waarden die een variabele aanneemt en hoe vaak elke waarde voorkomt. Dit is van
belang omdat we bezig zijn met voorspellingen.
Voorbeeld van welk cijfer ga ik halen:
Kleine spreiding = dat is fijn want dan hebben de meeste mensen daadwerkelijk ongeveer
een 6,5 gehaalt
Grote spreiding = dit kan betekenen dat de 1 een 2 heeft en de ander een 9, maar 6,5
gemiddeld

Categorische data:
o Frequentietabel
o Taartdiagram (pie chart)
o Staafdia (bar chart)

Kwantitatieve data:
o Dot plot (punt diagram)
o Stem-and-leaf plot (stam diagram)
o Histogram

, Let op: niet alles wordt behandeld, maar wel tentamenstof. Dus leest de hoofdstukken goed.

Frequentietabel
Analyse eenheden = wat je telt/analyseert

Propostie en percentage

Denk altijd na of dat je een logisch getal hebt!

Proportie: verhouding. Proportie ligt altijd
tussen 0 en 1.
Percentage: proportie x 100


Onderscheid tussen histogram en staafdiagram
Let op dat bij een staafdiagram (barchart) er altijd een witregel tussen moet zitten want het
is geen vloeiende lijn, dit omdat het een categorische variabelen is. De volgorde van de
categorieën maakt niet uit.
Wanneer maar je nou een histogram?
Als het een vloeiende lijn is, er zit dus geen witregel tussen. Als het geen categorische
variabelen is, en wel een kwantitatieve variabelen. In dit geval maak je een histogram.
Dus twee verschillende concepten voor 2 verschillende soorten variabelen.

Unimodaal = maar 1 meest voorkomende waarde, en die zit in het midden.
Bimodaal = 2 modussen. Bijvoorbeeld de een is heel positief en de ander heel negatief. Dan
is zijn de meningen heel erg verdeeld. Meerdere pieken.




Dit zegt ook iets over de spreiding, dus hoe dicht mensen bij het gemiddelde zitten. Bij de
unimodale is de spreiding relatief klein. Bij de bimodale zitten mensen verder van het
gemiddelde af dus is de spreiding relatief groot.

Scheve verdelingen
Skewed to the right: als de rechter ‘trial’ langer is dan de linker ‘trial’

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
5 year ago

5.0

1 reviews

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
kimberlycolijn Vrije Universiteit Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
120
Member since
7 year
Number of followers
95
Documents
19
Last sold
1 month ago

4.3

20 reviews

5
8
4
10
3
2
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions