Onderzoeksartikel
Naam:
School: Hanzehogeschool Groningen
Studentnummer:
Opleiding: Bachelor verpleegkunde deeltijd
Module: 7 Zorginnovatie in de praktijk | HVMB20ONDM7
Datum: 18 januari 2024
Klas: D7D2
Tutor:
1e Examinator:
2e Examinator:
Studiecoach:
Werkbegeleider:
Werkplek: TSN zorg
, Aantal woorden: 3988
Op weg naar een sneller wondgenezingsproces...
Een praktijkgericht onderzoek naar de belemmerende factoren van gezondheidsvoorlichting over
voeding en het wondgenezingsproces
Samenvatting
Inleiding Jaarlijks krijgen ongeveer 350.000 zorgvragers te maken met een
acute/gecompliceerde wond. Ruim 19,3% van deze zorgvragers worden behandeld
door de wijkverpleging en 15% tot 30% van de zorgvragers met een wond is
ondervoed. De verpleegkundigen ervaren belemmeringen in het geven van
gezondheidsvoorlichting over voeding ten aanzien van het wondgenezingsproces.
Doelstelling Hetgeen inzicht bieden in de ervaren belemmeringen van verpleegkundigen voor het
geven van gezondheidsvoorlichting over voeding bij wonden met als doel
aanbevelingen te realiseren ter verbetering.
Methode Het onderzoek betreft een praktijkgericht onderzoek met een kwalitatief karakter.
Middels acht halfgestructureerde interviews met verpleegkundigen bij TSN in de wijk
- heeft de dataverzameling plaatsgevonden.
Resultaten Door middel van dit praktijkonderzoek is duidelijk geworden dat de respondenten
onvoldoende kennis hebben om een gezondheidsvoorlichting te geven aan cliënten
met een wond. Mede doordat er geen scholingen zijn en doordat er geen duidelijke
richtlijnen aanwezig zijn. Er is behoefte aan een scholing om de kennis te verbeteren
en de respondenten willen een multidisciplinaire samenwerking.
Conclusie Er is behoefte aan meer kennis door een scholing vanuit een diëtiste. De overdracht
is onduidelijk vanuit het ziekenhuis waardoor de respondenten niet weten welke
informatie al verteld is aan de cliënt. Daarnaast is er behoefte aan duidelijke
richtlijnen wanneer een gezondheidsvoorlichting gegeven moet worden. Tot slot
komt uit de resultaten en discussie naar voren dat een SNAQ-scorelijst bij het
intakegesprek ingezet moet worden om ondervoeding vroegtijdig te signaleren. Bij
een risico op ondervoeding mag vanuit de ZWV, WLZ en PGB extra tijd worden
geïndiceerd door verpleegkundigen om een gezondheidsvoorlichting over voeding te
geven.
Aanbeveling Een scholing realiseren door een diëtiste om de kennis te verbeteren, duidelijke
richtlijnen verkrijgen, informatiemateriaal beschikbaar stellen, meer tijd indiceren bij
het risico op ondervoeding. Tot slot is er een vervolg onderzoek nodig om de
overdracht vanuit het ziekenhuis te onderzoeken.
2
Naam:
School: Hanzehogeschool Groningen
Studentnummer:
Opleiding: Bachelor verpleegkunde deeltijd
Module: 7 Zorginnovatie in de praktijk | HVMB20ONDM7
Datum: 18 januari 2024
Klas: D7D2
Tutor:
1e Examinator:
2e Examinator:
Studiecoach:
Werkbegeleider:
Werkplek: TSN zorg
, Aantal woorden: 3988
Op weg naar een sneller wondgenezingsproces...
Een praktijkgericht onderzoek naar de belemmerende factoren van gezondheidsvoorlichting over
voeding en het wondgenezingsproces
Samenvatting
Inleiding Jaarlijks krijgen ongeveer 350.000 zorgvragers te maken met een
acute/gecompliceerde wond. Ruim 19,3% van deze zorgvragers worden behandeld
door de wijkverpleging en 15% tot 30% van de zorgvragers met een wond is
ondervoed. De verpleegkundigen ervaren belemmeringen in het geven van
gezondheidsvoorlichting over voeding ten aanzien van het wondgenezingsproces.
Doelstelling Hetgeen inzicht bieden in de ervaren belemmeringen van verpleegkundigen voor het
geven van gezondheidsvoorlichting over voeding bij wonden met als doel
aanbevelingen te realiseren ter verbetering.
Methode Het onderzoek betreft een praktijkgericht onderzoek met een kwalitatief karakter.
Middels acht halfgestructureerde interviews met verpleegkundigen bij TSN in de wijk
- heeft de dataverzameling plaatsgevonden.
Resultaten Door middel van dit praktijkonderzoek is duidelijk geworden dat de respondenten
onvoldoende kennis hebben om een gezondheidsvoorlichting te geven aan cliënten
met een wond. Mede doordat er geen scholingen zijn en doordat er geen duidelijke
richtlijnen aanwezig zijn. Er is behoefte aan een scholing om de kennis te verbeteren
en de respondenten willen een multidisciplinaire samenwerking.
Conclusie Er is behoefte aan meer kennis door een scholing vanuit een diëtiste. De overdracht
is onduidelijk vanuit het ziekenhuis waardoor de respondenten niet weten welke
informatie al verteld is aan de cliënt. Daarnaast is er behoefte aan duidelijke
richtlijnen wanneer een gezondheidsvoorlichting gegeven moet worden. Tot slot
komt uit de resultaten en discussie naar voren dat een SNAQ-scorelijst bij het
intakegesprek ingezet moet worden om ondervoeding vroegtijdig te signaleren. Bij
een risico op ondervoeding mag vanuit de ZWV, WLZ en PGB extra tijd worden
geïndiceerd door verpleegkundigen om een gezondheidsvoorlichting over voeding te
geven.
Aanbeveling Een scholing realiseren door een diëtiste om de kennis te verbeteren, duidelijke
richtlijnen verkrijgen, informatiemateriaal beschikbaar stellen, meer tijd indiceren bij
het risico op ondervoeding. Tot slot is er een vervolg onderzoek nodig om de
overdracht vanuit het ziekenhuis te onderzoeken.
2