KT1 AFP
Week 1
Weet je welke zes voedingsstoffen het menselijk lichaam nodig heeft
Voedingsmiddelen = alle dingen die je eet of drinkt
Voedingsstoffen = de bruikbare bestandsdelen van voedingsmiddelen
Voedingsvezel = stoffen uit plantaardig voedsel; niet door de mens verteerbaar,
bevorderen darmwerking
Eiwitten
Koolhydraten
Vetten
Water
Mineralen
Vitaminen
Ken je de belangrijkste functies van deze voedingsstoffen voor het menselijk lichaam
Eiwitten (proteïnen)
- Functie: bouwstof
- Transport van stoffen, cel communicatie, enzymen, spierwerking, afweer,
hormonale werking, bloedstolling en werking van het zenuwstelsel
- Teveel eiwitten? -> Brandstof
- Eiwitten zijn ketens van aan elkaar gekoppelde aminozuren (koppeling tussen
twee aminozuren: peptidebinding)
- Essentiële aminozuren = lichaam kan deze aminozuren niet zelf maken, ze moet in
het voedsel zitten
Koolhydraten (suikers)
- Functie: brandstof
- Bouwstoffen voor DNA en RNA
- Teveel koolhydraten? Opgeslagen als glycogeen of vet
Vetten (lipiden)
- Functie: brandstof
- Bouwstoffen voor celmembraan
- Niet in water oplosbaar
, - Teveel vetten? Opgeslagen onder de huid/rondom organen
- Essentiële vetten: moeten in het voedsel aanwezig zijn
- Verzadigde vetzuren (dierlijke vetten) = verhogen risico op cholesterol
- Onverzadigde vetzuren (plantaardige vetten) = verlagen cholesterol
Water
- Functie: bouwstof (in lichaamscellen)
- Oplosmiddel, transportmiddel, warmtebuffer, bepaalt osmotische waarde
- Het lichaam bestaat voor 60% uit water
Mineralen (zouten)
- Functie: bouwstof
- Elektrolyten: zouten opgelost in het bloed
- Spoorelementen: chemische elementen die meenstal in veel kleinere
hoeveelheden nodig zijn dan elektrolyten
Vitaminen
- Functie: bouwstof
- Bestanddeel van enzymen
- Tekort en overschot aan vitaminen is gevaarlijk
- De meeste vitaminen zijn essentieel; vitamine D en K kan het lichaam zelf maken
- Vitamine B en C zijn in water oplosbaar
- Vitamine A, D, E, en K zijn in vet oplosbaar
Heb je inzicht in de enzymatische afbraak van koolhydraten, lipiden en eiwitten
De enzymatische afbraak gebeurt in de dunne darm onder invloed van pancreassap
- Amylase: koolhydraten, begint in de mond
- Lipase: lipiden (vetten) m.b.v. galzure zouten, begint in het duodenum
- Pepsinogeen in combinatie met HCl wordt pepsine: eiwitten, begint in de maag
Ken je de bouw en functies van de delen van het spijsverteringskanaal
Bouw van de wand van het spijsverteringskanaal (van binnen naar buiten):
Week 1
Weet je welke zes voedingsstoffen het menselijk lichaam nodig heeft
Voedingsmiddelen = alle dingen die je eet of drinkt
Voedingsstoffen = de bruikbare bestandsdelen van voedingsmiddelen
Voedingsvezel = stoffen uit plantaardig voedsel; niet door de mens verteerbaar,
bevorderen darmwerking
Eiwitten
Koolhydraten
Vetten
Water
Mineralen
Vitaminen
Ken je de belangrijkste functies van deze voedingsstoffen voor het menselijk lichaam
Eiwitten (proteïnen)
- Functie: bouwstof
- Transport van stoffen, cel communicatie, enzymen, spierwerking, afweer,
hormonale werking, bloedstolling en werking van het zenuwstelsel
- Teveel eiwitten? -> Brandstof
- Eiwitten zijn ketens van aan elkaar gekoppelde aminozuren (koppeling tussen
twee aminozuren: peptidebinding)
- Essentiële aminozuren = lichaam kan deze aminozuren niet zelf maken, ze moet in
het voedsel zitten
Koolhydraten (suikers)
- Functie: brandstof
- Bouwstoffen voor DNA en RNA
- Teveel koolhydraten? Opgeslagen als glycogeen of vet
Vetten (lipiden)
- Functie: brandstof
- Bouwstoffen voor celmembraan
- Niet in water oplosbaar
, - Teveel vetten? Opgeslagen onder de huid/rondom organen
- Essentiële vetten: moeten in het voedsel aanwezig zijn
- Verzadigde vetzuren (dierlijke vetten) = verhogen risico op cholesterol
- Onverzadigde vetzuren (plantaardige vetten) = verlagen cholesterol
Water
- Functie: bouwstof (in lichaamscellen)
- Oplosmiddel, transportmiddel, warmtebuffer, bepaalt osmotische waarde
- Het lichaam bestaat voor 60% uit water
Mineralen (zouten)
- Functie: bouwstof
- Elektrolyten: zouten opgelost in het bloed
- Spoorelementen: chemische elementen die meenstal in veel kleinere
hoeveelheden nodig zijn dan elektrolyten
Vitaminen
- Functie: bouwstof
- Bestanddeel van enzymen
- Tekort en overschot aan vitaminen is gevaarlijk
- De meeste vitaminen zijn essentieel; vitamine D en K kan het lichaam zelf maken
- Vitamine B en C zijn in water oplosbaar
- Vitamine A, D, E, en K zijn in vet oplosbaar
Heb je inzicht in de enzymatische afbraak van koolhydraten, lipiden en eiwitten
De enzymatische afbraak gebeurt in de dunne darm onder invloed van pancreassap
- Amylase: koolhydraten, begint in de mond
- Lipase: lipiden (vetten) m.b.v. galzure zouten, begint in het duodenum
- Pepsinogeen in combinatie met HCl wordt pepsine: eiwitten, begint in de maag
Ken je de bouw en functies van de delen van het spijsverteringskanaal
Bouw van de wand van het spijsverteringskanaal (van binnen naar buiten):