Week 1&2, bestuurssancties
Handhaving: het toezien op de naleving van wettelijke voorschriften en het
sanctioneren van handelingen die in strijd zijn met die wettelijke voorschriften.
Titel 5.2 Awb: toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften.
Toezicht: wordt uitgeoefend zonder dat sprake hoeft te zijn van een redelijk
vermoeden van een strafbaar feit, bestuursrechtelijk karakter.
Uitvoeringstoezicht: toezicht of regels uit wetgeving als zodanig fatsoenlijk
worden toegepast (inkomstenbelasting).
Handhavingstoezicht: toezicht wordt aangewend om naleving van
publiekrechtelijke regels af te dwingen.
Opsporing: wordt uitgeoefend indien er sprake is van een redelijk vermoeden van
een strafbaar feit, strafrechtelijk karakter.
Toezichthouder: art. 5:11 Awb, een persoon die bij of krachtens wettelijk voorschrift is
belast met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
krachtens enig wettelijk voorschrift.
Art. 5:14 Awb: beperking bevoegdheden van de toezichthouder is mogelijk bij wet of
door het bestuursorgaan. Het uitbreiden van de bevoegdheid is slechts mogelijk bij
wet in formele zin.
Specifieke bevoegdheden: art. 5:16 t/m 5:19 Awb.
Taakcriterium: bevoegdheden mogen alleen gebruikt worden voor zover dit
vereist is voor een redelijke vervulling van je taak (art. 5:13 Awb).
Art. 5:13 Awb: een toezichthouder maakt van zijn bevoegdheid slechts gebruik voor
zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van zijn taak nodig is.
Beperking naar object: er mag alleen gebruikt worden gemaakt van de
bevoegdheden voor zover er een relatie is met de wettelijke bepalingen
waarop het toezicht betrekking heeft.
Beperking naar persoon: de bevoegdheid mag alleen worden ingeroepen
jegens personen die betrokken zijn bij de activiteiten waar op grond van de
wettelijke regeling of aan een vergunning verbonden voorschrift toezicht
wordt uitgeoefend.
Een ieder is verplicht aan de toezichthouder medewerking te verlenen, tenzij men
een beroep kan doen op een geheimhoudingsplicht (art. 5:20 jo 5:10a Awb).
Art. 6 EVRM: je hoeft niet mee te werken aan je eigen veroordeling, de overheid
moet je hier op wijzen.
Niet-naleving: art. 184 Sr.
Stappenplan:
1. Is er sprake van een toezichthouder?
2. Heb je een bevoegdheid?
3. Mag je de bevoegdheid in het concrete geval gebruiken?
Bestuurlijke sanctie: de reactie op het niet-naleving van wettelijke voorschriften. Het
is een belastende maatregel die rechtens kan worden opgelegd door het niet-
naleven van rechtsregels. Bestuurlijke sancties zijn de sancties waarbij de oplegging
door bestuursorganen geschiedt.
1
Handhaving: het toezien op de naleving van wettelijke voorschriften en het
sanctioneren van handelingen die in strijd zijn met die wettelijke voorschriften.
Titel 5.2 Awb: toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften.
Toezicht: wordt uitgeoefend zonder dat sprake hoeft te zijn van een redelijk
vermoeden van een strafbaar feit, bestuursrechtelijk karakter.
Uitvoeringstoezicht: toezicht of regels uit wetgeving als zodanig fatsoenlijk
worden toegepast (inkomstenbelasting).
Handhavingstoezicht: toezicht wordt aangewend om naleving van
publiekrechtelijke regels af te dwingen.
Opsporing: wordt uitgeoefend indien er sprake is van een redelijk vermoeden van
een strafbaar feit, strafrechtelijk karakter.
Toezichthouder: art. 5:11 Awb, een persoon die bij of krachtens wettelijk voorschrift is
belast met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
krachtens enig wettelijk voorschrift.
Art. 5:14 Awb: beperking bevoegdheden van de toezichthouder is mogelijk bij wet of
door het bestuursorgaan. Het uitbreiden van de bevoegdheid is slechts mogelijk bij
wet in formele zin.
Specifieke bevoegdheden: art. 5:16 t/m 5:19 Awb.
Taakcriterium: bevoegdheden mogen alleen gebruikt worden voor zover dit
vereist is voor een redelijke vervulling van je taak (art. 5:13 Awb).
Art. 5:13 Awb: een toezichthouder maakt van zijn bevoegdheid slechts gebruik voor
zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van zijn taak nodig is.
Beperking naar object: er mag alleen gebruikt worden gemaakt van de
bevoegdheden voor zover er een relatie is met de wettelijke bepalingen
waarop het toezicht betrekking heeft.
Beperking naar persoon: de bevoegdheid mag alleen worden ingeroepen
jegens personen die betrokken zijn bij de activiteiten waar op grond van de
wettelijke regeling of aan een vergunning verbonden voorschrift toezicht
wordt uitgeoefend.
Een ieder is verplicht aan de toezichthouder medewerking te verlenen, tenzij men
een beroep kan doen op een geheimhoudingsplicht (art. 5:20 jo 5:10a Awb).
Art. 6 EVRM: je hoeft niet mee te werken aan je eigen veroordeling, de overheid
moet je hier op wijzen.
Niet-naleving: art. 184 Sr.
Stappenplan:
1. Is er sprake van een toezichthouder?
2. Heb je een bevoegdheid?
3. Mag je de bevoegdheid in het concrete geval gebruiken?
Bestuurlijke sanctie: de reactie op het niet-naleving van wettelijke voorschriften. Het
is een belastende maatregel die rechtens kan worden opgelegd door het niet-
naleven van rechtsregels. Bestuurlijke sancties zijn de sancties waarbij de oplegging
door bestuursorganen geschiedt.
1