John Locke
- belangrijk figuur in de verlichtingsfilosofie!
- geest = tabula rasa bij geboorte. Dit onbeschreven blad wordt dan gevuld met
ideeën.
- 2 soorten ideeën: Sensations (ervaringen) en Reflections ( innerlijke
gewaarwordingen
ideeën beantwoorden aan kwaliteiten die zich voordoen in de werkelijkheid.
Deze kunnen primair zijn (voor iedereen hetzelfde, bv. lengte, aantallen…)
of secundair (subjectief, bv. kleur, temperatuur…)
- indirect realisme
idee = reflectie van een kwaliteit in buitenwereld.
de kwaliteit wordt dus afgebeeld als een idee. Bijgevolg bestaat de kwaliteit in de
realiteit want er moet een oorzaak van het idee zijn.
- Wanneer ideeën op geest geschreven zijn → Het denken gaat ermee aan de slag op
drie manieren:
- Combineren: simple ideas (rood, zoet, sappig, rond) worden complex ideas
(appel)
- verbanden leggen: bv. bepaalde vorm vergelijken
- Abstraheren: uit particuliere ideeën (++ waarnemingen van appels) abstracte
ideeën afleiden (het idee appel)
- Enige waarnemingen = kwaliteiten
→ Substantie = ‘a supposed but unknown support’
verklaart het terugkeren van bepaalde combinaties van kwaliteiten (bv. appel) We
kunnen substantie zelf echter niet waarnemen.
- De reële vs. nominale essentie:
het woord dat we gebruiken om naar een object te verwijzen = de nominale
essentie (obv. waargenomen kwaliteiten). De reële essentie kunnen we niet kennen
(want substantie is niet waarneembaar → essentie niet kenbaar)
- belangrijk figuur in de verlichtingsfilosofie!
- geest = tabula rasa bij geboorte. Dit onbeschreven blad wordt dan gevuld met
ideeën.
- 2 soorten ideeën: Sensations (ervaringen) en Reflections ( innerlijke
gewaarwordingen
ideeën beantwoorden aan kwaliteiten die zich voordoen in de werkelijkheid.
Deze kunnen primair zijn (voor iedereen hetzelfde, bv. lengte, aantallen…)
of secundair (subjectief, bv. kleur, temperatuur…)
- indirect realisme
idee = reflectie van een kwaliteit in buitenwereld.
de kwaliteit wordt dus afgebeeld als een idee. Bijgevolg bestaat de kwaliteit in de
realiteit want er moet een oorzaak van het idee zijn.
- Wanneer ideeën op geest geschreven zijn → Het denken gaat ermee aan de slag op
drie manieren:
- Combineren: simple ideas (rood, zoet, sappig, rond) worden complex ideas
(appel)
- verbanden leggen: bv. bepaalde vorm vergelijken
- Abstraheren: uit particuliere ideeën (++ waarnemingen van appels) abstracte
ideeën afleiden (het idee appel)
- Enige waarnemingen = kwaliteiten
→ Substantie = ‘a supposed but unknown support’
verklaart het terugkeren van bepaalde combinaties van kwaliteiten (bv. appel) We
kunnen substantie zelf echter niet waarnemen.
- De reële vs. nominale essentie:
het woord dat we gebruiken om naar een object te verwijzen = de nominale
essentie (obv. waargenomen kwaliteiten). De reële essentie kunnen we niet kennen
(want substantie is niet waarneembaar → essentie niet kenbaar)