100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting - sav1

Rating
4.4
(7)
Sold
9
Pages
55
Uploaded on
30-03-2016
Written in
2015/2016

Inclusief hoorcolleges en de twee boeken, exclusief Tony Attwoord

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 30, 2016
Number of pages
55
Written in
2015/2016
Type
Summary

Subjects

Content preview

SAV 1

Hoorcollege 1: ‘Inleiding op de cursus.’

 SAV gaat over bijzondere kinderen, gewone kinderen met bijzondere ouders,
bijzondere broertjes of zusjes of hun bijzondere leerkrachten.

Structuur per onderwerp:

1. Wat kun je zien; wat moet je weten om het te zien – signaleren.
2. Wat kun je doen; ook als je niet honderd procent zeker bent wat het is – adviseren.
3. Wat voor hulp – verwijzen.

De hbo-pedagoog aan het werk:

Fase 1:

- Signaleren
 Signaleren van kinderen en jeugdigen.
 Signaleren van ouders.
 Signaleren van problemen tussen ouders en kind.
- Screening
 Gesprek aangaan
 Observeren, dossier/lvs raadplegen
- Hypothese opstellen
- Beoordelen ernst
- Bepalen wie er mee verder moet

Fase 2:

- Zelf bepaalde hypotheses toetsen.
- Anderen hypothesen laten toetsen waar jijzelf niet toe bevoegd bent – intelligentie,
stoornis, ziekte.
- Coördinatie van het onderzoek.
- Zorgen dat iedereen het begrijpt – je moet de taal van academici leren begrijpen.

Fase 3:

- Zorgen dat positieve factoren worden benut.
- Contact met hulpvrager onderhouden.
- Ideeën ontwikkelen en selecteren.
- Partijen bij elkaar brengen.

Fase 4:

- Zorgen dat het plan er komt.
- Zorgen dat iedereen alles begrijpt – intermediair tussen mbo en universiteit.
- Coördinatie en dossierbewaking.

Fase 5:

- Coördinatie
- Monitoring
- Zelf (onderdelen) interventie uitvoeren

Fase 6:

- Coördinatie
- Zorgen voor ecologische validiteit van de evaluatie
- Leren met je team

,Vaardigheden in gesprek met deskundigen:

- Vertellen waar het over gaat:
 Gedrag kunnen benoemen.
 Samenhang in gedrag herkennen.
- Snappen hoe een diagnosticus (soms) denkt:
 Vaktermen plaatsen.
 Zin en onzin van classificatie begrijpen.
 Onderzoeken op waarde schatten.
 Durven samenwerken.
- Professionele attitude
 Balans in afstand-nabijheid – maximale nabijheid met behoud van distantie
– stage.
 Vaardigheden in gesprekken gebruiken – training.
 Kennis aanwenden – handboeken.
- Snappen hoe een ouder (soms) denkt
 Weestand plaatsen
 Verantwoordelijkheid – positie begrijpen.
 Coördineren
 22Durven samenwerken

Niet in een gesprek met deskundigen:

- Denken dat jij de diagnosticus bent – niet testen, wel didactisch onderzoek.
- Denken dat je geen diagnostiek doet – wel observeren, praten en ordenen dossier.
- Denken dat je dom bent – wel doorvragen, verbinding leggen met de praktijk.
- Denken dat als jij het raar vindt, het vast toch wel allemaal zo hoort – maar kritisch
en logisch denken en vooral sensitief en responsief zijn, dus menselijk, vraag- en
handelingsgericht.

Maatschappelijk proces:

Passend onderwijs:

- School als vindplaats – van hbo’ers wordt verwacht dat ze signaleren.
- School als werkplaats – ‘we brengen de zorg naar het kind, in plaats van het kind
naar de zorg.’
- Leerkrachten krijgen veel op hun bord – pedagogen moeten kunnen ondersteunen.

Transitie jeugdzorg:

- Doorverwijzen is uit – hbo’ers werken generalistisch, je moet veel aanpakken, je
moet steeds meer dingen kunnen.
- Samenwerking is in – weet wat je grenzen zijn, durf je werk te bespreken en weet
wanneer je anderen nodig hebt.
- Werk met het systeem – ondersteun de ouders en de leerkracht. Systeemdenken is
de basis van het denken van een pedagoog.



Wat is een probleem?

- Problemen zijn situaties die om actie vragen.
- Iets als probleem ervaren is een waarschuwing van je brein; ‘er is iets aan de hand
dat niet goed voor je is, let op!’, maar wat dat is, wat er afwijkt, hoe dat afwijkt en of
dat erg is; daar moet je even over nadenken.




2

,Vier soorten criteria:

1. Is iets een probleem, als: het afwijkt van het gemiddelde?
 Als je normaal* bent, wil dat niet zeggen dat je geen problemen hebt.
 Als je problemen hebt wil dat niet zeggen dat niet normaal* bent.
 Als je ‘normale problemen’ hebt, heb je ook behoefte aan ‘normale steun’.
 Statistiek is geen vervanger van ethiek.
 Voorbeeld: hoogbegaafdheid, depressie.
2. Is iets een probleem, als: het afwijkt van het gemiddelde, het afwijkt van een ideaal?
 Iemand kan raar zijn, maar lijdt hij? Is hij een gevaar voor zichzelf? Hebben
anderen er last van? Kan hij zijn sociale relaties onderhouden? Kan hij zijn
werk doen?
 Excentriciteit doet een beroep op onze tolerantie: ook hier speelt een morele
component, maar ook gevoel voor humor.
3. Is iets een probleem, als: het afwijkt van het gemiddelde, het afwijkt van een ideaal?
 Diagnostiek van stoornissen staat niet los van de cultuur en heeft een morele
component – zie de geschiedenis van homoseksualiteit.
 Sommige stoornissen hebben een bepaald nut en staan niet los van de
situatie; lijdt de persoon? Lijdt de omgeving? Kan hij relaties volhouden? Kan
hij zijn werk volhouden?
4. Integratie. Iets is een probleem, als: het afwijkt van het gemiddelde, het afwijkt van
een ideaal, het een teken van een stoornis is?

Classificatie = Halvediagnostiek:

- Sterk reductionistisch
- Allen maar wel/niet
- Kan stigmatiseren
- Geeft bureaucratie
- Wordt beleidsmatig misbruikt
- Geen stoornis is geen hulp nodig hebben.

Maar:

- Helpt om samenhang in gedrag te zien.
- Helpt termen goed te gebruiken.
- Helpt registratie en research.
- Werkt soms geruststellend.
- Bevordert soms toegang tot hulp.
- Te integreren met dimensionale benadering.

Conclusie classificatie:

- Classificatie is wat je hebt en diagnostiek voor de hulpverlening is wat je nodig hebt.
Om te weten wat je nodig hebt is het handig te weten wat je hebt, maar teveel focus
op wat je hebt kan een rem zijn.



Met diagnostiek toets je:

- Of hulp nodig is.
- Welke hulp er nodig is.
- Wat er aan de hand is.
- Wat er helpt.




3

, - Het individu – sterke en zwakke individuele kanten, de betekenisverlening van de
hulpvraag.
- De omgeving.
- Het proces.

BOEK: PSYCHODIAGNOSTIEK

Hoofdstuk 2, §4.7: ‘visies op normaliteit’.

Normaliteit als de afwezigheid van stoornissen;

- Binnen deze benadering is men gezond zolang men niet ziek is.
- Bij ieder beeld geldt dat pas van een stoornis gesproken kan worden indien
sprake is van lijden of een verstoring van het sociale leven of het
arbeidsleven.

Normaliteit als statistisch gegeven;

- Hierbij wordt gerefereerd aan empirisch vastgestelde normen over welk
gedrag in welke mate op welke leeftijd voorkomt.
- Gebaseerd op onderzoek naar de vraag welk gedrag op welke leeftijd
gemiddeld veel voorkomt.
- Net als bij classificatie het geval is, dienen ook de uitslagen van genormeerde
instrumenten in verband gebracht te worden met de leefsituatie van de
hulpvrager en de vraag hoe de aansluiting bij de omgeving verloopt: de
adaptatie.

Normaliteit als ideale of gewenste toestand;

- Hierbij wordt gerefereerd aan te bereiken doelen, die meestal berusten op
maatschappelijke en culturele overwegingen of op een therapeutische visie.

Normaliteit als succesvolle adaptatie;

- Dat wil zeggen het flexibel en effectief omgaan met de mogelijkheden en
beperkingen van het leven van alledag, zodat het sociale leven en het
arbeidsleven zich optimaal kunnen ontwikkelen.
- Gaat om dynamisch evenwicht tussen de ontwikkeling van het individu
enerzijds en het leren omgaan met de grenzen en eisen die de omgeving stelt
anderzijds.

BOEK: ONTWIKKELINGSPATHOLOGIE

Hoofstuk 2: ‘classificatie, diagnostiek en epidemiologie.’

Classificatie:

- Een persoon (of een voorwerp of situatie) herkennen, er een naam aan geven
en indelen in een categorie.
- Kan helpen om niet alleen onderscheid te maken tussen verschijnselen, maar
ook overeenkomsten te signaleren en zowel oude als nieuwe verschijnselen
in te delen.
- Met zo’n systeem kunnen hulpverleners beter begrijpen wat er met een kind
aan de hand is en hoe ze het kunnen helpen.




4
$4.85
Get access to the full document:
Purchased by 9 students

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Reviews from verified buyers

Showing all 7 reviews
7 year ago

8 year ago

9 year ago

9 year ago

9 year ago

9 year ago

9 year ago

4.4

7 reviews

5
4
4
2
3
1
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
noorhardebol Hogeschool van Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
423
Member since
10 year
Number of followers
281
Documents
4
Last sold
3 year ago

4.2

111 reviews

5
39
4
56
3
12
2
2
1
2

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions