Samenvatting colleges 1.3
Gedragswetenschappen
Week 1: adolescentie en volwassenheid
Menselijke ontwikkeling
Persoonlijkheidsontwikkeling (Erikson)
- Conflict per levensfase
- Ervaring
- Zelfbeeld
Fases van Freud
Orale fase: 0 – 21 maanden (baby en peuterfase)
Anale fase: 15 maanden – 3 jaar (baby en peuterfase)
Fallische fase: 3-6 jaar (pre schoolperiode, jongentjes verliefd op moeder (oedipuscomplex),
meisjes verliefd op vader (elektracomplex))
Latentie fase: 6-12 jaar (midden van de jeugd, drang om alles te willen weten)
Genitale fase: 12-20 jaar (pubertijd/adolescentie, geslachtsdrift ontwikkelen)
Jong volwassenheid: 20-40 jaar
Middelbare leeftijd: 40-65 jaar (volwassenheid)
Ouderen: 65+
, Freud vs Eriksson
Ontwikkeling hersenen
Bij occipitale lob ontwikkel je als eerste de eenvoudige basishandeling. Gedurende
ontwikkeling afname grijze massa van achteren naar voren richting prefrontale cortex. Leren
van plannen, impulsbeheersing en doelgericht handelen. Verantwoordelijk voor cognitieve,
emotionele en motivationele processen.
Executieve functies
Hogere hersenfuncties zorgen ervoor dat je jezelf ontwikkeld tot een uniek individu. Vormt
normen en waarden en laat je de consequenties van je keuzes overzien en je krijgt
verantwoordelijkheid gevoel. Leert groepsdruk ervaren en leert hiermee om te gaan. Bij
jongens ontwikkelt hij later dan bij meisjes.
Conflicten
Je wordt zelfstandiger en dat kan botsen met je omgeving. Bijvoorbeeld relaties met ouders
of rol in de wereld omdat je een eigen mening en visie hebt. Heeft te maken met je
hormonale, mentale en sociale ontwikkeling.
Waar worstelen adolescenten mee?
- Familie, relaties, zelfvertrouwen, praten, drugs en alcohol, misbruik, seksualiteit, de
dood, zwangerschap, etc.
Impact
Gedragswetenschappen
Week 1: adolescentie en volwassenheid
Menselijke ontwikkeling
Persoonlijkheidsontwikkeling (Erikson)
- Conflict per levensfase
- Ervaring
- Zelfbeeld
Fases van Freud
Orale fase: 0 – 21 maanden (baby en peuterfase)
Anale fase: 15 maanden – 3 jaar (baby en peuterfase)
Fallische fase: 3-6 jaar (pre schoolperiode, jongentjes verliefd op moeder (oedipuscomplex),
meisjes verliefd op vader (elektracomplex))
Latentie fase: 6-12 jaar (midden van de jeugd, drang om alles te willen weten)
Genitale fase: 12-20 jaar (pubertijd/adolescentie, geslachtsdrift ontwikkelen)
Jong volwassenheid: 20-40 jaar
Middelbare leeftijd: 40-65 jaar (volwassenheid)
Ouderen: 65+
, Freud vs Eriksson
Ontwikkeling hersenen
Bij occipitale lob ontwikkel je als eerste de eenvoudige basishandeling. Gedurende
ontwikkeling afname grijze massa van achteren naar voren richting prefrontale cortex. Leren
van plannen, impulsbeheersing en doelgericht handelen. Verantwoordelijk voor cognitieve,
emotionele en motivationele processen.
Executieve functies
Hogere hersenfuncties zorgen ervoor dat je jezelf ontwikkeld tot een uniek individu. Vormt
normen en waarden en laat je de consequenties van je keuzes overzien en je krijgt
verantwoordelijkheid gevoel. Leert groepsdruk ervaren en leert hiermee om te gaan. Bij
jongens ontwikkelt hij later dan bij meisjes.
Conflicten
Je wordt zelfstandiger en dat kan botsen met je omgeving. Bijvoorbeeld relaties met ouders
of rol in de wereld omdat je een eigen mening en visie hebt. Heeft te maken met je
hormonale, mentale en sociale ontwikkeling.
Waar worstelen adolescenten mee?
- Familie, relaties, zelfvertrouwen, praten, drugs en alcohol, misbruik, seksualiteit, de
dood, zwangerschap, etc.
Impact