Voorblad paper
Studentnummer:
Naam:
Naam opleiding: HBO Bachelor Pedagogiek
Opleidingscode: 7932
Modulenummer: 1671
Modulenaam: Waarnemen en observeren
Versie (indien meerdere versies aanwezig): 1
Herkansing?: ja/nee nee
Titel literatuur: Celistin-Westreich, S., & Celistin, L.P.
(2017). Observeren en rapporteren (3e dr.).
Amsterdam: Pearson Benelux B.V. ISBN:
9789043033817
Smit, J.F.P. de. (2011). Professioneel
Schrijven. (1e dr.). Leiden: Educatief.
Druk: Zie ‘Titel literatuur’
In de opdracht is de juiste bronvermelding Ja
toegepast:
In de opdracht zijn de verslagtechnieken Ja
toegepast:
, Inhoudsopgave
Observatieplan 3
Adviesrapport 6
Reflectie 9
,Literatuurlijst 10
Bijlagen:
I. Observatieschaal 11
, Observatieplan
Dit verslag betreft een 30 minuten durende observatie van een meisje van 2,5 jaar oud met
betrekking tot de grof motorische ontwikkeling. Ik heb het meisje voor dit verslag de fictieve naam
Bo gegeven. Bo komt 2 dagen bij de dagopvang. Vanwege de beperkingen in verband met het
corona-virus was ik voornemens de observatie uit te voeren tijdens het buitenspelen bij de
kinderopvang. Omdat er momenteel strenge maatregelen gelden, waarbij er helemaal niet op locatie
geobserveerd mag worden, heb ik een moeder benaderd met de vraag of ik de observatie in haar
tuin mag uitvoeren. Middels een systematische observatie wil ik nagaan of de grove motoriek van
het kind aansluit op de gemiddelde grof motorische ontwikkeling van leeftijdsgenoten. De criteria
zijn gebaseerd op gemiddelde gedragingen van leeftijdsgenoten. Door middel van de observatie
wordt een beeld van de grof motorische ontwikkeling van het kind geschetst. Wanneer je weet waar
een kind staat in zijn of haar ontwikkeling, kun je planmatig handelen en gebruik maken van de
factoren die voor dit kind de ontwikkeling belemmeren of bevorderen, rekening houdend met het
ontwikkelingsniveau (SLO, 2014).
Omdat het om afzonderlijke gedragingen van het kind gaat, zal ik veldonafhankelijk observeren. Ik
zorg ervoor dat ik me al enige tijd in de ruimte bevindt om eventuele effecten als buitenstaander te
minimaliseren. Tevens zorg ik voor een plek met de minst visuele obstakels.
Voorafgaand aan de observatie heb ik de moeder verteld dat de verslaglegging anoniem gebeurt. Ik
zal mijn bevindingen met de ouders delen en bespreken. Ook eventueel belemmerende signalen of
tekortkomingen op de grof motorische ontwikkeling zal ik benoemen en mogelijke verklaringen
bespreken. Indien van toepassing zal ik mogelijke handelingsadviezen (vanuit de literatuur)
aanreiken. Indien gewenst krijgen de ouders mijn verslag.
Mijn toetsende vraag luidt: ‘Sluit de grof motorisch ontwikkeling van Bo van 2,5 jaar oud aan op de
gemiddelde grof motorische ontwikkeling van leeftijdsgenoten?‘
Om de observatie gericht uit te kunnen voeren heb ik onderzocht wat een kind van 2,5 jaar met
betrekking tot grof motorische ontwikkeling zou moeten kunnen. Volgens ontwikkelingspsychologe
Gesell kan een kind van 2 - 2,5 jaar (kijkopontwikkeling.nl, z.d.):
Rennen
Tegen een bal schoppen
Op een loopfietsje ‘fietsen’
Zelfstandig van een glijbaan glijden
. 3
Studentnummer:
Naam:
Naam opleiding: HBO Bachelor Pedagogiek
Opleidingscode: 7932
Modulenummer: 1671
Modulenaam: Waarnemen en observeren
Versie (indien meerdere versies aanwezig): 1
Herkansing?: ja/nee nee
Titel literatuur: Celistin-Westreich, S., & Celistin, L.P.
(2017). Observeren en rapporteren (3e dr.).
Amsterdam: Pearson Benelux B.V. ISBN:
9789043033817
Smit, J.F.P. de. (2011). Professioneel
Schrijven. (1e dr.). Leiden: Educatief.
Druk: Zie ‘Titel literatuur’
In de opdracht is de juiste bronvermelding Ja
toegepast:
In de opdracht zijn de verslagtechnieken Ja
toegepast:
, Inhoudsopgave
Observatieplan 3
Adviesrapport 6
Reflectie 9
,Literatuurlijst 10
Bijlagen:
I. Observatieschaal 11
, Observatieplan
Dit verslag betreft een 30 minuten durende observatie van een meisje van 2,5 jaar oud met
betrekking tot de grof motorische ontwikkeling. Ik heb het meisje voor dit verslag de fictieve naam
Bo gegeven. Bo komt 2 dagen bij de dagopvang. Vanwege de beperkingen in verband met het
corona-virus was ik voornemens de observatie uit te voeren tijdens het buitenspelen bij de
kinderopvang. Omdat er momenteel strenge maatregelen gelden, waarbij er helemaal niet op locatie
geobserveerd mag worden, heb ik een moeder benaderd met de vraag of ik de observatie in haar
tuin mag uitvoeren. Middels een systematische observatie wil ik nagaan of de grove motoriek van
het kind aansluit op de gemiddelde grof motorische ontwikkeling van leeftijdsgenoten. De criteria
zijn gebaseerd op gemiddelde gedragingen van leeftijdsgenoten. Door middel van de observatie
wordt een beeld van de grof motorische ontwikkeling van het kind geschetst. Wanneer je weet waar
een kind staat in zijn of haar ontwikkeling, kun je planmatig handelen en gebruik maken van de
factoren die voor dit kind de ontwikkeling belemmeren of bevorderen, rekening houdend met het
ontwikkelingsniveau (SLO, 2014).
Omdat het om afzonderlijke gedragingen van het kind gaat, zal ik veldonafhankelijk observeren. Ik
zorg ervoor dat ik me al enige tijd in de ruimte bevindt om eventuele effecten als buitenstaander te
minimaliseren. Tevens zorg ik voor een plek met de minst visuele obstakels.
Voorafgaand aan de observatie heb ik de moeder verteld dat de verslaglegging anoniem gebeurt. Ik
zal mijn bevindingen met de ouders delen en bespreken. Ook eventueel belemmerende signalen of
tekortkomingen op de grof motorische ontwikkeling zal ik benoemen en mogelijke verklaringen
bespreken. Indien van toepassing zal ik mogelijke handelingsadviezen (vanuit de literatuur)
aanreiken. Indien gewenst krijgen de ouders mijn verslag.
Mijn toetsende vraag luidt: ‘Sluit de grof motorisch ontwikkeling van Bo van 2,5 jaar oud aan op de
gemiddelde grof motorische ontwikkeling van leeftijdsgenoten?‘
Om de observatie gericht uit te kunnen voeren heb ik onderzocht wat een kind van 2,5 jaar met
betrekking tot grof motorische ontwikkeling zou moeten kunnen. Volgens ontwikkelingspsychologe
Gesell kan een kind van 2 - 2,5 jaar (kijkopontwikkeling.nl, z.d.):
Rennen
Tegen een bal schoppen
Op een loopfietsje ‘fietsen’
Zelfstandig van een glijbaan glijden
. 3