Huisvestigingsmanagement hoofdstuk 9, 11.4, 11.5 en 11.7
Hoofdstuk 9 Programmeren
9.1 Doel van een programma van eisen
Programma van eisen omschrijving: wat er in een gebouw moet kunnen, wat het gebouw moet
kunnen.
Programmeren: het in kaart brengen van eisen, wensen en randvoorwaarden in het bouwproces.
PVE: document waarin de eisen, wensen, behoeftes en verwachtingen van de opdrachtgever en
huidige en toekomstige gebruikers wordt vastgelegd, op basis van heldere uitgangspunten en
rekening houdend met relevante randvoorwaarden.
Functies PVE:
- Het dwingt de opdrachtgever en andere betrokken tot reflectie op de huisvestingsopgave
- Het overdragen van informatie tussen alle betrokkenen
- Communicatiemiddel tussen de opdrachtgever en gebruikers enerzijds en de architect en
adviseur anderzijds.
- Biedt goede basis voor de contractvorming tussen de opdrachtgever
- Toetsen of de opgave haalbaar is
9.2 opbouw en inhoud van een programma van eisen
Hierna volgt de indeling van PVE volgens NEN 2658 van NEN- Bouw in delft en twee indelingen van
Stichting Bouwresearch Rotterdam (SBR 258 en SBR 421.04)
9.2.1 NEN 2658
PVE volgens NEN 2658 (gebouwen en bijhorende projectprocedure) bestaat uit 3 onderdelen:
1. Randvoorwaarden. (bijv. wet- en regelgeving)
2. Karakteristieken van de te huisvesten doelgroep(en). (doelstelling)
3. Eisen aan het object, onderscheiden in de eisen aan de locatie, gebouw, ruimtedelen.
Lees waarvoor eisen geformuleerd worden door op blz. 201
9.2.2 SBR 258
PVE SBR 258 (instrument voor kwaliteitsbeheersing) bestaat uit vijf blokken:
1. Gebruikseisen (eisen betreffende de huisvesting direct voortvloeit uit het beoogde gebruik)
2. Functies en prestaties (kenmerken vertaald in ruimtelijke- bouwkundige eisen met
betrekking tot de locatie)
3. Beeldverwachtingen (eigen beeldverwachting helder te formuleren)
4. Interne voorwaarden (specifieke eisen, financieel- economische voorwaarden)
5. Externe eisen en voorwaarden (de eisen vanuit ruimtelijke ordening en andere wet- en
regelgeving).
, 9.2.3 SBR 421.04
PVE SBR 421.04 onderscheidt zes bouwstenen:
1. Projectdefinitie (kijk afbeelding)
2. Gebruiksfuncties (waaraan onderdak moet bieden en voorzien)
3. Waarden (waarden die de organisatie uit het oogpunt Van de gebruiksmogelijkheden Aan de
gebruiksfuncties toekent)
4. Beeldvorming (inzicht in de werking en de ruimtelijke consequenties)
5. Budgetten (de beschikbare budgetten)
6. Normen (waarmee het ontwerp van het gebouw kan worden getoetst)
9.2.4 Overeenkomsten en verschillen
Functioneel PVE of Ruimtelijk PVE = vierkante meters, ruimtelijke relaties, gebouwvorm
Technische PVE= bouwfysische eisen en veiligheid
9.3 Organisatieconcept en huisvestingsconcept
Organisatie en huisvesting zijn twee niveaus te onderscheiden:
1. Een conceptueel niveau
2. De concrete uitwerking in respectievelijk de opbouw en inrichting Van de organisatie en de
eisen en wensen ten aanzien Van huisvesting.
Concept: een paradigma of leidend beginsel, een kernachtige samenvatting in woord, vaak ook in
beeld, van wat de organisatie wil en hoe zij dat wil bereiken.
Hoofdstuk 9 Programmeren
9.1 Doel van een programma van eisen
Programma van eisen omschrijving: wat er in een gebouw moet kunnen, wat het gebouw moet
kunnen.
Programmeren: het in kaart brengen van eisen, wensen en randvoorwaarden in het bouwproces.
PVE: document waarin de eisen, wensen, behoeftes en verwachtingen van de opdrachtgever en
huidige en toekomstige gebruikers wordt vastgelegd, op basis van heldere uitgangspunten en
rekening houdend met relevante randvoorwaarden.
Functies PVE:
- Het dwingt de opdrachtgever en andere betrokken tot reflectie op de huisvestingsopgave
- Het overdragen van informatie tussen alle betrokkenen
- Communicatiemiddel tussen de opdrachtgever en gebruikers enerzijds en de architect en
adviseur anderzijds.
- Biedt goede basis voor de contractvorming tussen de opdrachtgever
- Toetsen of de opgave haalbaar is
9.2 opbouw en inhoud van een programma van eisen
Hierna volgt de indeling van PVE volgens NEN 2658 van NEN- Bouw in delft en twee indelingen van
Stichting Bouwresearch Rotterdam (SBR 258 en SBR 421.04)
9.2.1 NEN 2658
PVE volgens NEN 2658 (gebouwen en bijhorende projectprocedure) bestaat uit 3 onderdelen:
1. Randvoorwaarden. (bijv. wet- en regelgeving)
2. Karakteristieken van de te huisvesten doelgroep(en). (doelstelling)
3. Eisen aan het object, onderscheiden in de eisen aan de locatie, gebouw, ruimtedelen.
Lees waarvoor eisen geformuleerd worden door op blz. 201
9.2.2 SBR 258
PVE SBR 258 (instrument voor kwaliteitsbeheersing) bestaat uit vijf blokken:
1. Gebruikseisen (eisen betreffende de huisvesting direct voortvloeit uit het beoogde gebruik)
2. Functies en prestaties (kenmerken vertaald in ruimtelijke- bouwkundige eisen met
betrekking tot de locatie)
3. Beeldverwachtingen (eigen beeldverwachting helder te formuleren)
4. Interne voorwaarden (specifieke eisen, financieel- economische voorwaarden)
5. Externe eisen en voorwaarden (de eisen vanuit ruimtelijke ordening en andere wet- en
regelgeving).
, 9.2.3 SBR 421.04
PVE SBR 421.04 onderscheidt zes bouwstenen:
1. Projectdefinitie (kijk afbeelding)
2. Gebruiksfuncties (waaraan onderdak moet bieden en voorzien)
3. Waarden (waarden die de organisatie uit het oogpunt Van de gebruiksmogelijkheden Aan de
gebruiksfuncties toekent)
4. Beeldvorming (inzicht in de werking en de ruimtelijke consequenties)
5. Budgetten (de beschikbare budgetten)
6. Normen (waarmee het ontwerp van het gebouw kan worden getoetst)
9.2.4 Overeenkomsten en verschillen
Functioneel PVE of Ruimtelijk PVE = vierkante meters, ruimtelijke relaties, gebouwvorm
Technische PVE= bouwfysische eisen en veiligheid
9.3 Organisatieconcept en huisvestingsconcept
Organisatie en huisvesting zijn twee niveaus te onderscheiden:
1. Een conceptueel niveau
2. De concrete uitwerking in respectievelijk de opbouw en inrichting Van de organisatie en de
eisen en wensen ten aanzien Van huisvesting.
Concept: een paradigma of leidend beginsel, een kernachtige samenvatting in woord, vaak ook in
beeld, van wat de organisatie wil en hoe zij dat wil bereiken.