Week 3
AA20070685: Geboorteakte interseksuele persoon
De omstandigheid dat na een jarenlang proces van ervaring en bewustwording de
overtuiging heeft gekregen noch tot het mannelijke noch tot het vrouwelijke geslacht te
behoren, geen grond is om de vermelding in de geboorteakte als misslag te beschouwen als
in art. 1:24 lid 1 BW.
Week 4
AA20070696: Status en Statuut “Het Nederlandse opengestelde huwelijk op Aruba”
Art. 40 Statuut: alle delen van het Koninkrijk moeten elkaars rechtsorden aanvaarden, ook
als ze niet bij de eigen aansluiten
AA20110299: EHRM Schalk & Kopf versus Oostenrijk
Art. 12 EVRM legt aan de staten geen verplichting op om koppels van gelijk geslacht
toegang te bieden tot het burgerlijk huwelijk. Hierdoor kunnen art. 8 en 14 EVRM niet zo
worden uitgelegd.
Week 5
AA20110640: HR verwekker naast juridische vader onderhoudsplichtig?
Art. 1:394 lid 1 BW: de kinderen hebben een aanspraak op levensonderhoud jegens hun
biologische vader hebben voor zover de wettige vader geen draagkracht heeft.
AA20090561: Biologische vader of verwekker?
In beginsel geldt de hoofdregel van art. 150 Rv, waarin de moeder van het kind feiten en
omstandigheden moet stellen waaruit kan volgen dat de in rechte aangesproken man de in
art. 1:394 BW bedoelde verwekker is. Indien de man dit gemotiveerd heeft betwist, dan moet
de moeder dit in beginsel bewijzen, bijvoorbeeld door een DNA-onderzoek. Indien hieruit
blijkt dat de man de biologische vader is, dan wordt aangenomen dat hij tevens de
verwekker van het kind is in de zin van art. 1:394 BW. De man wiens biologische
vaderschap is aangetoond moet gemotiveerd betwisten dat hij de verwekker is, stellende dat
het biologische vaderschap zijn grond vindt in het feit dat hij als spermadonor is opgetreden.
Week 6 & 7
AA20040276: HR ontkenning vaderschap door bijzondere curator minderjarige
Art. 1:200 BW: een minderjarig kind kan vaderschap ontkennen vertegenwoordigd door
bijzondere curator (art. 1:212 BW)
AA20050733: Vernietiging door de verwekker van erkenning door niet verwekker
Een moeder kan een in recht te respecteren belang hebben bij het al dan niet weigeren van
toestemmingverlening tot de erkenning van een kind door de man.
AA20070354: Postma
Postnatale erkenning + bewijs van verwekkerschap= gerechtelijke vaststelling als in art. 4
RWN.
AA20100264: HR afwikkeling nalatenschap notaris Postma
Art. 1:207 lid 5: erfgenaam als vastgesteld biologisch kind
AA20150215: HR bekrachtiging van nietige erkenning
Art. 1:209 BW: erkenning door een gehuwde man is niet in strijd met de openbare orde
AA20160041: HR de voorwaardelijke toestemming tot erkenning
Art. 1:204 lid 3 BW: een grond voor vervangende toestemming tot erkenning van een kind
AA20160045: HR vervangende toestemming bij misbruik van bevoegdheid
AA20070685: Geboorteakte interseksuele persoon
De omstandigheid dat na een jarenlang proces van ervaring en bewustwording de
overtuiging heeft gekregen noch tot het mannelijke noch tot het vrouwelijke geslacht te
behoren, geen grond is om de vermelding in de geboorteakte als misslag te beschouwen als
in art. 1:24 lid 1 BW.
Week 4
AA20070696: Status en Statuut “Het Nederlandse opengestelde huwelijk op Aruba”
Art. 40 Statuut: alle delen van het Koninkrijk moeten elkaars rechtsorden aanvaarden, ook
als ze niet bij de eigen aansluiten
AA20110299: EHRM Schalk & Kopf versus Oostenrijk
Art. 12 EVRM legt aan de staten geen verplichting op om koppels van gelijk geslacht
toegang te bieden tot het burgerlijk huwelijk. Hierdoor kunnen art. 8 en 14 EVRM niet zo
worden uitgelegd.
Week 5
AA20110640: HR verwekker naast juridische vader onderhoudsplichtig?
Art. 1:394 lid 1 BW: de kinderen hebben een aanspraak op levensonderhoud jegens hun
biologische vader hebben voor zover de wettige vader geen draagkracht heeft.
AA20090561: Biologische vader of verwekker?
In beginsel geldt de hoofdregel van art. 150 Rv, waarin de moeder van het kind feiten en
omstandigheden moet stellen waaruit kan volgen dat de in rechte aangesproken man de in
art. 1:394 BW bedoelde verwekker is. Indien de man dit gemotiveerd heeft betwist, dan moet
de moeder dit in beginsel bewijzen, bijvoorbeeld door een DNA-onderzoek. Indien hieruit
blijkt dat de man de biologische vader is, dan wordt aangenomen dat hij tevens de
verwekker van het kind is in de zin van art. 1:394 BW. De man wiens biologische
vaderschap is aangetoond moet gemotiveerd betwisten dat hij de verwekker is, stellende dat
het biologische vaderschap zijn grond vindt in het feit dat hij als spermadonor is opgetreden.
Week 6 & 7
AA20040276: HR ontkenning vaderschap door bijzondere curator minderjarige
Art. 1:200 BW: een minderjarig kind kan vaderschap ontkennen vertegenwoordigd door
bijzondere curator (art. 1:212 BW)
AA20050733: Vernietiging door de verwekker van erkenning door niet verwekker
Een moeder kan een in recht te respecteren belang hebben bij het al dan niet weigeren van
toestemmingverlening tot de erkenning van een kind door de man.
AA20070354: Postma
Postnatale erkenning + bewijs van verwekkerschap= gerechtelijke vaststelling als in art. 4
RWN.
AA20100264: HR afwikkeling nalatenschap notaris Postma
Art. 1:207 lid 5: erfgenaam als vastgesteld biologisch kind
AA20150215: HR bekrachtiging van nietige erkenning
Art. 1:209 BW: erkenning door een gehuwde man is niet in strijd met de openbare orde
AA20160041: HR de voorwaardelijke toestemming tot erkenning
Art. 1:204 lid 3 BW: een grond voor vervangende toestemming tot erkenning van een kind
AA20160045: HR vervangende toestemming bij misbruik van bevoegdheid