100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Anatomie en fysiologie H2 , de essentie met MyLab NL toegangscode - medische kennis

Rating
-
Sold
-
Pages
5
Uploaded on
16-01-2026
Written in
2025/2026

Deze samenvatting bevat alle hoofdstukken van Medische Kennis jaar 1, volledig en nauwkeurig gebaseerd op het officiële boek. Alles is duidelijk, logisch en zeer gestructureerd uitgewerkt, zodat je snel inzicht krijgt in anatomie, fysiologie en de belangrijkste basisconcepten. De inhoud is betrouwbaar, compleet en ideaal voor toetsvoorbereiding. Perfect voor studenten die overzicht willen zonder kwaliteit te verliezen.

Show more Read less
Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofstuk 2
Uploaded on
January 16, 2026
Number of pages
5
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

HOOFDSTUK 2: CELLEN EN WEEFSELS
Cellen zijn de kleinste levende eenheden, bouwstenen van het lichaam en 80 procent van
ons lichaamsvocht bevind zich in de cellen

EEN CEL BEVAT:

 Celmembraan – Dun vlies dat de cel omhult, regelt wat in en uit de cel gaat.
 Cytoplasma – Gelachtige substantie waarin organellen zweven; zorgt voor
transport binnen de cel. (cytosol heet de vloeistof)
 Celkern (nucleus) – Bevat DNA; regelt groei, ontwikkeling en celfuncties.
 Ribosomen – Kleine bolletjes die eiwitten maken; kunnen vrij in cytoplasma of op
het ER zitten.

 Endoplasmatisch reticulum (ER)
- Ruw ER – Bedekt met ribosomen; maakt en transporteert eiwitten.
- Glad ER – Geen ribosomen; maakt vetten en breekt giftige stoffen af.

 Golgi-apparaat – Pakt eiwitten en lipiden in en stuurt ze naar de juiste plek.
 Mitochondriën – “Energiecentrale” van de cel; zet glucose om in ATP (energie).
 Lysosomen – Bevatten enzymen; breken afval en oude celonderdelen af.
 Vacuoles – Kleine blaasjes die water, voedingsstoffen of afval tijdelijk opslaan.
 Cytoskelet – Netwerk van vezels dat de cel vorm geeft en organellen op hun plek
houdt; betrokken bij transport.
 Peroxisomen – Kleine organellen die enzymen bevatten om lange vetzuren af
te breken en sommige fosfolipiden voor het celmembraan te produceren; ze
neutraliseren ook giftige stoffen zoals waterstofperoxide.
 Centriolen – Helpen bij celdeling; organiseren het cytoskelet en spoeldraden.




Trilhaartjes (cilia) – Korte, haarachtige uitstulpingen op het celmembraan; bewegen
synchroon om vloeistoffen of deeltjes over het celoppervlak te verplaatsen, bijvoorbeeld
slijm in de luchtwegen.




Zweepstaart (flagel/flagellum) – Lange, dunne staartachtige
structuur; zorgt voor voortbeweging van de cel, bijvoorbeeld bij
zaadcellen.




Microvilli – Kleine, vingervormige uitstulpingen van het celmembraan; vergroten het
oppervlak van de cel voor betere opname van stoffen, bijvoorbeeld in de dunne darm.




SOORTEN CELLEN EN FUNCTIES

, Functie Type cel Wat ze doen
Fibroblasten maken
bindweefsel (collageen,
elastine) dat organen,
Verbinding van
Fibroblasten / botcellen spieren en botten verbindt.
lichaamsdelen
Botcellen geven stevigheid
aan het skelet zodat
beweging mogelijk is.
Bedekken organen en
oppervlakken (huid, darm,
Bekleding / bescherming Epitheelcellen
longen); beschermen tegen
infecties en beschadiging.
Kunnen samentrekken om
botten en organen te
Beweging Spiercellen
bewegen (skeletspier,
hartspier).
Slaan energie op in vet en
Opslaan Vetcellen (adipocyten)
isoleren het lichaam.
Detecteren en vernietigen
Bestrijden van ziekte Witte bloedcellen ziekteverwekkers zoals
bacteriën en virussen.
Verzenden elektrische
signalen; verbinden
Signalen ontvangen /
Zenuwcellen (neuronen) hersenen, ruggenmerg en
verzenden
organen; coördineren
reacties.
Zaadcellen en eicellen
Seksuele cellen
Voortplanting zorgen voor voortplanting
(gameten)
en genetische overdracht.



OSMOSE
 Wat beweegt? Watermoleculen.

 Richting: water van Laag (hypotoon) naar Hoog (hypertoon)
geconcentreerde opgeloste stoffen.

 Waarom? Water wil de concentratie van de opgeloste stoffen gelijkmaken
(verdunnen).

 Voorbeeld: Een cel in zout water → water gaat uit de cel naar het zoute milieu.



DIFFUSIE
 Wat beweegt? Opgeloste stoffen (zoals zuurstof, koolstofdioxide).

 Richting: Van hoog naar laag (van veel naar weinig).

 Waarom? Moleculen bewegen vanzelf mee met het concentratieverschil, tot het
gelijk verdeeld is.
$9.16
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
nynkevanaalst

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
nynkevanaalst Christelijke Hogeschool Ede
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
New on Stuvia
Member since
1 day
Number of followers
0
Documents
13
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions