100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Uitgebreide samenvatting van het vak Goederenrecht + mogelijke examenvragen gedoceerd door meneer Nicolas Carette

Rating
-
Sold
-
Pages
250
Uploaded on
29-12-2025
Written in
2025/2026

Dit document bevat een volledige samenvatting over het vak Goederenrecht. Mogelijke examenvragen zitten erin vervat alsook de volledige handboek is erin verwerkt. U kan deze samenvatting ook in bundel kopen met de oefeningenbundel omtrent goederenrecht. U kan me altijd een bericht sturen moest u vragen hebben.

Show more Read less
Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Unknown
Uploaded on
December 29, 2025
Number of pages
250
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

Goederenrecht
Praktisch

Examen: schriftelijk op pc - waar-fout vragen (motiveren waarom iets waar of fout is) - Klemtoon
ligt op de motivering.
Volledig en grondig de vraag antwoorden, niet gewoon ‘ hij kan schadevergoeding krijgen’-
zeggen waarom, welk zakelijk recht enzov.
Wetboek is van belang + addendum!



Deel 1: Algemeen deel
1. OVERZICHT
 Structuur cursus
- Deel 1 Algemeen deel
- Deel 2 Goederen
- Deel 3 Zakelijke rechten
 Terminologie
- Voorwerpen < goederen < zaken
- Voorwerpen (3.38 BW) muv personen en dieren (3.39 BW)
 3.38: alles behalve de mens en een dier, is een voorwerp. Mensen is personen en
familierecht. Dieren zijn geen voorwerpen, heeft biologische noden, gevoelens.
 3.39 heeft symboolfunctie, om te zeggen dat men een dier niet met een stoel kunnen
vergelijken, maar in de mate dat dit er gedeeltelijk is, passen we lichamelijke goederen
toe.
 Binnen categorie van voorwerpen, hebben we voorwerpen waarover je kan beschikken en
waarover je niet kan beschikken zoals de lucht/zee.
- Goederen: voorwerpen die toe-eigenbaar zijn (3.41 BW) = mogelijk voorwerp ZR (art. 3.7
BW)
- Lichamelijke goederen (art. 3.40 BW) = zaken
 3.40: onderscheid lichamelijk en onlichamelijk goed. Lichamelijk goed is een zaak,
onlichamelijk goed, zijn de vermogensrechten.


 Als we dit samenvatten hebben we de drie belangrijke begrippen binnen goederenrecht, namelijk:
voorwerp - goed - zaak.




1

,  Wat is een goed meer dan een zaak? - Naast de zaken, ook de onlichamelijke goederen?
Vroeger heette dit vak het zakenrecht, omdat de slag lag op lichamelijke goederen, zijnde zaken. Vanuit de
dematerialisering is de aandacht meer verschoven naar de goederen en is de naam verschoven naar het
goederenrecht.


 Wat is een zakelijk recht en wat is daar typisch aan? - Wat is het onderscheid tussen zakelijk recht en
persoonlijk recht  zijn beide vermogensrechten.
 Wat is een vermogen? Omdat de inpassing van het zakelijk recht daarmee verband houdt.
Dus eerste vraag is: wat is een vermogen? Art 3.35 BW is een juridische algemeenheid van alle in geld
waardeerbare rechten en plichten van een persoon. (zie titel 3).




Titel 1: Situering van het goederenrecht
1. SITUERING

Burgerlijk recht regelt grosso modo personen, goederen en verbintenissen:
 Goederenrecht: regelt het regime van goederen. Het omvat de studie van de zakelijke rechten enerzijds en
van goederen anderzijs.
Goederen zijn een deelcategorie van voorwerpen, namelijk voorwerpen die voor toe-eigenig vatbaar zijn (art 3.41 BW).
Enkel goederen kunnen het voorwerp zijn van zakelijke rechten art 3.7 BW).
o Voorwerpen < goederen < zaken:
 Voorwerpen(art.3.38BW):Voorwerpen zijn alles wat bestaat,minus de persoon,minus
dieren.
 Goederen: Binnen die voorwerpen is er een deelcategorie, goederen.Typisch voor een
goed is dat het toe-eigenbaar is, dat het juridisch te capteren is. Enkel goederen kunnen
voorwerp zijn van ZR (art. 3.7 BW).
 Zaken: Binnen die goederen moeten we nog een onderscheid maken:
 Lichamelijke goederen: zintuiglijk (horen, ruiken, zien, voelen, proeven)
waarneembaar = zaken (Bijvoorbeeld: papier, water, elektriciteit (voelen)...)
 Onlichamelijke goederen: vermogensrechten



2. CODE CIVIL

2. Code civil: het goederenrecht werd lange tijd voornamelijk beheerst door boek 2 van het BW van 1804, naast een
aantal bijzondere regelingen, zoals de Opstalwet en Erfpachtwet (beide van 1824), bepalingen uit het Veldwetboek
enz.
 Tijdsgeest: BW is een “cadeau” van Napoleon en is gesteund op denkbeelden van de Franse Revolutie: met
name het economisch liberalisme.
o Code civil is tot stand gekomen vlak na het Ancien regime als reactie tegen de
standenmaatschappij en economisch immobilisme van het Ancien Regime:
 Beperkt aantal mensen had eigendom, dat leidde tot feitelijke en politiek macht
 Economische immobilisme: eigendom moest bij dezelfde beperkte groep

2

, o Uitgangspunt: het autonomiebeginsel of de wilsautonomie staat centraal: de gelijke, autonome
en vrije burger, die vrij kan handelen naar eigen inzichten op basis van een principieel
zelfbeschikkingsrecht en die beschikt over een individueel eigendomsrecht


 3 kernbepalingen van het BW en dus fundamentele principes van het burgerlijk recht:
o (Individuele) eigendom: art. 544 oud BW
 Individuele eigendom is een premisse – ipv machtsconcentratie en dat iemand slaafje is
van iemand anders grond  moeten we komen tot individuele eigendom.
Vandaar dat voor Napoleon de bouwsteen van privaatrecht/ van het OBW, eigendom was.
= was beeld van Napoleon.
o Contractvrijheid en testeervrijheid: art. 1134 BW
 Daarnaast om te komen tot vrijheid/ gelijkheid, hadden we ccvrijheid. Je hebt eigendom
en je mag doen wat je wilt, je mag cc’en sluiten met wie je wil - idee van de
wilsautonomie.
 Voor Napoleon zaten = economisch imobilisme1 - na Napoleon = economisch
liberalisme2= maximale vrijheid.  gepaard met vrijheid, komt er ook
verantwoordelijkheid.
Hoe meer vrijheid, hoe groter u verantwoordelijkheid en hoe meer er een
consequentie is - je mag doen wat je wilt maar je bent er dan wel aan gebonden.
o Foutaansprakelijkheid: art. 1382 BW
 Wel 2 pandanten: Dat is de bindende kracht van ccvrijheid en ook art 1382, namelijk de
buitencctuele aansprakelijkheid, namelijk als je schade brengt aan andere, moet je
daarvoor instaan.




Ideën van Napoleon= idee van de maatschappij als egoïsten = iedereen handelt vanuit zijn eigen belang en dan zijn we
het beste af.
Vanaf 20e eeuw: een evolutie naar een socialisering van het privaatrecht, ook van het goederenrecht. Idee dat de
overheid een aantal correcties moet toepassen op die vrijheidsgedachte.
o zien we onder meer in het goederenrecht: meer begrenzingen op het eigendomsrecht gekomen,
zoals rechtsmisbruik  correctie op het vermogensrecht.
o Ook maatschappelijke evoluties: Code civil van 1804 ging over boeren, landbouw - was een
agrarische maatschappij over grond en werktuigen.
Vandaag verschuiving naar vb. de waarde van aandelen  dematerialisering van materiele dingen
naar een hoge waarde naar immateriele onlichamelijke dingen, zoals aandelen van vennootschap.




1
Ecnomische imobilisme= Economisch immobilisme betekent dat de economie weinig of niet verandert, vaak omdat er belemmeringen zijn voor groei, innovatie
of verandering. Het idee is dat de economie “vastzit” en zich niet dynamisch ontwikkelt.
2
Economisch liberalisme= Economisch liberalisme is een denkrichting binnen de economie waarbij vrije marktwerking en zo min mogelijk
overheidsbemoeienis centraal staan. Het uitgangspunt is dat de economie het beste floreert als bedrijven en individuen vrij zijn om te handelen, produceren en
concurreren.


3

, 3. EVOLUTIE VAN HET GOEDERENRECHT

 19e eeuw: Het eigendomsrecht werd in de 19e eeuw vrijwel absoluut opgevat. Het werd beschouwd als de
hoeksteen van het privaatrecht. Beperkingen op het eigendomsrecht (over generaties heen) moesten zoveel
mogelijk worden beperkt.
o Daarom moeten zakelijke rechten, met als kenmerken volgrecht en bestendigheid, worden
beheerst. Ze worden limitatief in de wet opgenomen (cf. numerus clausus-beginsel), met een strikt
regime.
 In de 20e eeuw onderging het goederenrecht 3 belangrijke evoluties die samen hangen met een gewijzigde
maatschappij:
Zo is het doembeeld van het Ancien Régime intussen al lang naar de achtergrond verdwenen en zijn we vanuit een
voornamelijk agrarische maatschappij geëvolueerd naar een maatschappij met een belangrijkere plaats voor technologie,
nieuwe bouwtechnieken, duurzaamheid.


1. Dematerialisering van het goederenrecht: Toenemende aandacht voor RG en onlichamelijke G
o Nu: aandacht voor roerende goederen en onlichamelijke goederen (bv. voor zakelijke rechten op
subjectieve rechten, in het bijzonder voor zakelijke rechten op schuldvorderingen), men woont
dichter bij elkaar (tendens tot verdichting)
 <-> Ten tijde van Code Civil: aandacht voor lichamelijke goederen (agrarische
maatschappij, veel landbouwers), in bijzonder onroerende goederen


o dematerialisering wordt doorgetrokken en verankerd (art. 3.7 juncto 3.41 BW):
 Voorbeeld: ook de grondeigendom wordt gedematerialiseerd door die te beschouwen als
omvattende onlichamelijke volumes, die zich materialiseren in de mate dat daarmee
bouwwerken of beplantingen worden verbonden.
Zo wordt er uitdrukkelijk bepaald dat zakelijke rechten betrekkingen kunnen hebben op goederen in
de ruimste zin, zijnde alle voorwerpen die vatbaar zijn voor toe-eigening, met inbegrip van de
vermogensrechten artikel 3.7, juncto 3.41 BW.
 De dematerialisering heeft ertoe geleid dat het zakenrecht thans wordt geduid met de
omvattendere term goederenrecht.


2. Vermaatschappelijking en socialisering:
o strikt liberalisme en individualisme die kenmerkend waren voor de napoleontische tijdsgeest
waarin de Code Civil tot stand kwam, werden in toenemende mate getemperd: De maatschappij
die Napoleon voor ogen had, was een maatschappij van een bende egoïsten: vrijheid leidt namelijk
niet altijd tot gelijkheid. Deze ontwikkeling ontstond bij het meest omvattende zakelijk recht, nl.
eigendom.
o Zo ontstond de theorie van rechtsmisbruik die nu wordt aangenomen voor subjectieve rechten in
het algemeen. Daarnaast ontstand ook de theorie van de burenhinder die wordt toegepast tussen
titularissen van een attribuut van het eigendomsrecht (zowel voor zakelijk als persoonlijk recht).




4
$15.30
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
linedherbecourt Universiteit Antwerpen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
49
Member since
11 months
Number of followers
1
Documents
18
Last sold
1 day ago

4.0

2 reviews

5
1
4
0
3
1
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions