100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

volledige samenvatting testen WPO inleiding tot het recht (geslaagd op beide testen)

Rating
-
Sold
-
Pages
50
Uploaded on
08-08-2025
Written in
2024/2025

Met deze volledige samenvatting van de werkcolleges van inleiding tot het recht (eerste semester, eerste bachelor rechten, VUB), ben ik in totaal met een 7/10 geslaagd op de testen! De samenvatting is gebaseerd op de werkcolleges, de online, cursus, powerpoints en hoorcolleges. Bovendien kan de samenvatting ook nog gebruikt worden voor het eindexamen inleiding tot het recht (eerste semester).

Show more Read less
Institution
Module











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Module

Document information

Uploaded on
August 8, 2025
Number of pages
50
Written in
2024/2025
Type
Summary

Subjects

Content preview

INLEIDING TOT HET RECHT
ALGEMENE INLEIDING: WAT IS RECHT?
Enkele basisconcepten van het recht

Objectief recht vs. Subjectief recht

 Objectief recht = het recht als geheel van regels, als object – alle
regels die boven ons hoofd hangen (algemeen – van toepassing op
iedereen, abstract)
 Subjectief recht = de concrete macht/bevoegdheid van een
rechtssubject o.b.v. objectief recht; vloeit voort uit het objectief recht
(individueel, concreet) – een werkelijke toepassing van wat er in de
wet staat
 Bv. Eigendomsrecht
 Ieder heeft het recht om te beschikken en genoten over
een eigendom – algemeen, staat in de wet, geldt voor
iedereen die een eigenaar is -> objectief recht
 Ieder heeft het eigendom gebruikt, en mogelijks
verkocht -> subjectieve recht, men gebruikt het
individuele recht
 Bv. Met de auto rijden
 Ieder heeft het recht om met de auto te rijden – objectief
recht
 Een persoon die minderjarig is mag dit niet doen –
subjectief recht, gaat over de situatie van een persoon
zelf
 Schade aan de laptop van een medestudent
 In Art 6.5 BW staat “eenieder is aansprakelijk voor de
schade die hij door zijn fout aan een ander veroorzaakt”
– staat in de wet , is geldig voor alle mensen – objectief
recht
 In de situatie waar men een schade aan de laptop van
een persoon heeft aangebracht: medestudent vindt dat
die een vergoeding moet krijgen voor de aangebrachte
schade – subjectief recht, gaat uit van het standpunt van
het rechtssubject (medestudent)

Positief recht vs. Natuurrecht

 Positief recht = geldend recht op bepaald tijdstip in bepaalde
samenleving (evolutief) (hoe het nu is)
 Bv. Abortus: is vandaag volgens Belgisch recht onder bepaalde
voorwaarden toegelaten

,  Natuurrecht/wenselijk recht = overeenstemming met
rechtsethische beginselen (hoe het zou moeten zijn volgens
bepaalde principes)
 Bv. Homohuwelijk was vroeger niet mogelijk – vanaf 2003 wel
 Men gaat op basis van ethische beginselen, het positief
recht toetsen/ in vraag stellen en deze dan aanpassen


Gemeen recht vs. Uitzonderingsrecht

 Gemeen recht = geldt normaal, algemene regel, wat van
toepassing is in normale omstandigheden
 Bv. Iemand huurt een huis om in te wonen – huurrecht is van
toepassing: huur betalen, … (alles wat er mee gepaard gaat)
 Uitzonderingsrecht = afwijking op het normaal geldend recht –
wanneer het anders is of enkel een specifieke groep erbij betrokken
is
 Bv. Bestuursrecht – gaat over hoe de overheid moet besturen –
enkel van toepassing op de overheid en niet op iedereen, niet
algemeen
 Een onderneming huurt een pand om er een winkel in uit te
baten – gaat niet om gewoon huurrecht, maar om
handelshuurrecht (en alles wat er mee gepaard gaat)


Juridische vermoedens = onzekere toestand als bewezen of vaststaand
of ‘zeker’ beschouwd – een vermoeden is niet altijd fout

 Feitelijk vermoeden = rechter leidt onbekend feit af uit bekend
feit (Art. 8.1, 9° BW)
 Bv. Was de verdachte thuis op bepaalde avond? Geen getuige
dast verdachte effectief thuis was
MAAR de verdachte werd op dezelfde avond geflitst op de
autosnelweg
DUS: niet thuis op het moment dat die geflitst werd en periode
van traject van en naar huis
 Wettelijk vermoeden = wetgever beschouwt onzeker feit als
bewezen of vaststaand om bewijslast te vergemakkelijken of doen
verdwijnen (Art. 8.7)
 Bv. Vermoeden vaderschap: als het kind tijdens het huwelijk is
geboren, of 300d na de scheiding, is de echtgenoot de vader
(Art. 315)
 Weerlegbaar (jus tantum = enkel van de wet) = men mag
tegenbewijs voor het juridisch vermoeden leggen

,  Bv. De vader kan een DNA-onderzoek aanvragen (bij de
situatie van Art.315 oud BW)
 Onweerlegbaar (juris et de jure = van de rechter en over het recht
– onveranderlijk bij de rechter) = men kan geen tegenbewijs voor
het juridisch vermoeden leggen
 Bv. Art 229 oud BW


Juridische ficties = niet bestaande of ingebeelde toestand als
werkelijkheid beschouwd door recht

 “Alsof”-bepaling: volledig kunstmatig
 Bv. Rechtspersonen
 Zoals een naamloze vennootschap
 Mensen worden in het recht als natuurlijke personen
beschouwd – hebben rechten en plichten
 Men gaat m.b.v. juridische constructies, bedrijven
aansprakelijk maken en ook beschouwen als
rechtspersonen met plichten en rechten
 Bv. Iedereen wordt geacht de wet te kennen – is een
ingebeelde toestand die onrealistisch is



Hiërarchie der normen: Inleiding rechtsbronnen

Normconflicten

 Alle rechtsregels/normen zijn afdwingbaar en moeten worden
nageleefd
 Maar er zijn veel regelgevers
 Zorgt voor tegenstrijdigheden tussen normen
 Normen wijken van elkaar af
 Hierdoor ontstaan er normconflicten


Hiërarchie der normen

Er is een nood aan het onderscheiden van criterium voor voorkoming en
oplossing normconflicten

 Uitgangspunt: niet alle normen hebben dezelfde waarde
 Oplossing: leer van de hiërarchie der normen = rangschikking
 Piramide:

1 Internationaal/supranationaal recht (met directe werking*)
2 Grondwet
3 Bijzondere wet - bijzonder decreet – bijzondere ordonnantie

, 4 Samenwerkingsakkoord
5 Gewone wet – decreet – wetskrachting KB - ordonnantie
6 Koninklijk besluit + besluiten regeringen gewesten en
gemeenschappen
7 Ministeriële besluiten
(Federaal, gewesten en gemeenschappen)
8 Besluiten federale staatssecretarissen
9 Besluiten gedecentraliseerde besturen (provincies en gemeenten)
*directe werking: men gaat kijken of het een subjectieve werking heeft op
de burgers – het kan direct doorwerken, het internationaal recht moet niet
worden vertaald naar het nationale recht

 4 principes
 Lagere norm = hoger gerangschikte norm respecteren
 Lagere regelgever = handelt conform hogere normen
 Conflict: rechter geeft voorrang hoger norm
 Onduidelijkheid of verschillende interpretaties -> interpretatie
conform hoger norm
 Men gaat kijken naar de hoger norm en het op deze
manier interpreteren – lagere norm wordt op die manier
geïnterpreteerd
 Bv. Grondwetsconforme interpretatie
 Opgepast
 Hiërarchie: alleen verhouding tussen rechtsregels (normen)
onderling
 Niet: verhouding norm en individuele beslissingen (=
toepassing norm in concreet geval) – gaat enkel over
algemene regels
 Aard beginsel
 Grondwettelijk Hof en Raad van State: algemeen
rechtsbeginsel – wordt als een wetgeving beschouwd
 Cass.: ARB met grondwettelijke waarde – komt boven de
wetgeving te staan



Materiële en formele wet

Wetgeving in materiële zin

 Wetgeving in materiële zin/wetgeving sensu lato
 = Elke rechtsregel uitgevaardigd door een daartoe bevoegde
overheid die wordt gekend door duurzaamheid en algemene
draagwijdte – alle rechtsregels die voldoen aan deze
voorwaarden
 Synoniem van 'norm'
£9.88
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
rechtenstudent777

Get to know the seller

Seller avatar
rechtenstudent777 Vrije Universiteit Brussel
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
6
Member since
5 months
Number of followers
0
Documents
6
Last sold
1 day ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions