Romeinse Archeologie & kunst
★ Heuristiek (= bronnen)
○ basis bibliografie
○ elektronische zoekwijzers
★ studie van Romeinse kunst & archeologie
HOOFDSTUK 2
★ beschouwingen omtrent Romeinse kunst
○ waardering & betekenis
■ minderwaardig aan Griekse Architectuur?
● eerst zo beschouwd, laatste jaren/eeuwen wel rechtgezet (=
late 19e eeuw)
● Romeinen hebben veel overgenomen van Grieken zonder lang
iets te veranderen → soms door religieuze/spirituele context
■ context is belangrijk
● apart beeldje betekent mss eerst niet veel zonder context
● contextualisering is beter & beter gekend
○ we kunnen zo de complexe Romeinse cultuur beter
vatten
● geografische context
○ Romeinse imperium
■ ingedeeld in provincies
○ samenstellende componenten tijdens vormingsproces (Romeinse kunst →
minder homogeen dan de Griekse)
■ Italisch
● Centraal-,Zuid-Italië
● eigen basis
● deze invloed → minder te zien in dure/officiële werken v/d tijd
● vooral herkenbaar in volkskunst
● ook stukken geproduceerd in keizertijd
■ Etruskisch
● etruskische beschaving → dominant over midden-Italië van 7e-
5e eeuw VC
● invloed = vooral in bouwkunst
■ Grieks-Hellenistisch
● voornaamste invloed
● vanaf 8ste, 7e eeuw VC
○ door kolonies
● overname klassieke repertoria, basistechnieken, grote stijlen,...
● grote doorbraak = gevolg van veroveringspolitiek
● Rome = overspoeld door Griekse kunstwerken
○ 2 bronnen:
■ grootschalige plundering van beelden & andere
kunstwerken
■ golf van imitatie & reproductie
1
,○ algemene kenmerken
○ dualisme van stijlen
■ bv. Romeinse sarcofaag met versiering van eroten
○
■ bv. Oost-Romeins mozaïek uit Syrië
○
○ staatskunst VS volkskunst
■ staatskunst → vaak trouw aan Griekse traditie
○ +ideologisch onderbouwd
■ bv. Augustus in militaire kledij VS mannenportret in terracotta
○ centrum VS periferie
■ gaat meer om vaardigheden, techniek
■ mensen die zich het kunnen permitteren
■ op publieke plaatsen getoond
■ provincieateliers: minder hoogwaardige materialen, ≅
resultaat
○ Romeinen hebben minder oog voor kunst met menselijke
verhoudingen
● ze willen meer indruk maken, proporties zijn vaak ook groter
■ wijkt af van de menselijke verhoudingen v/d Grieken
■ interne proporties zijn niet ‘heilig’
● men stapt af van de correct anatomische verhoudingen
○ architectuur met nadruk op het interieur
■ Romeinen zijn meer geïnteresseerd in persoonlijk comfort ≅
interieur
● rond aangename leefomgeving
2
,○ Horror Vacui
■ lege ruimtes opvullen / volledig gebruiken
■ vertelt niet direct een heilig verhaal
■ soms → sculptuur & architectuur = niet meer te scheiden
○ benadrukken van frontaliteit & monumentaliteit
■ voorkant gebouwen vaak mooier uitgewerkt dan zijkanten
● sculptuur is ook naar buiten gericht + staat meer in verband
met omgevende ruimte
● kolossale afmetingen
■ bv. Tempel van Venus & Roma
■
○ Chronologische indeling Romeinse Kunst
■ Vroeg-Romeinse kunst (8ste-3e/2e eeuw VC)
● nog weinig Romeinse originaliteit → vooral in lagere,
volkse kunstvormen
● koningstijd & vroege/midden republiek
■ Klassiek-Romeinse kunst (2e -3e eeuw NC)
● late republiek & hoge keizertijd
● lange ontwikkelingsperiode (vernieuwingen, creaties,
hoogtepunten)
■ mogelijk dankzij stabiliteit van de Pax Romana
■ Laat-Romeinse kunst (late 3e eeuw-5e eeuw VC)
○ scharnierperiode
■ westen → verval
■ oosten → Byzantijnse kunst
3
, Hoofdstuk 3
★ Vroeg-Romeinse kunst & antecedenten
○ Griekse invloeden vanuit Magna Graecia
○ 3.1 De voorlopers van Romeinse kunst en architectuur in Latium en Etruria
■ tot 3de eeuw VC → weinig specifieke Romeinse kunst
● verklaring
○ agrarische & sobere levenswijze Romeinen in
Koningstijd & vroege Republiek
○ militaire ingesteldheid
■ energie, aandacht & middelen
■ expansie Middellandse zee & Italië
○ op praktisch nut ingestelde samenleving
■ ontstaan drang zich te spiegelen aan hogere, Griekse cultuur +
politieke machthebbers willen hun roem in monumenten gestalten
geven
■ De Griekse bijdrage
● invloed Griekse wereld → via twee kanalen
○ eerst: onrechtstreeks via de Etrusken
○ na verovering Magna Graecia: via Griekse kolonies
● vanaf 5e eeuw VC: tempels voor Griekse goden in Rome
○ overname mythe en artistieke voorstellingsvorm
■ (invloed van) de Etrusken
● etruskische beschaving:
○ chronologie
★ Villanova periode: 900-720 VC
○ soort proto-historische periode (nog
geen schrift)
★ Oriëntaliserende periode: 720-580 VC
★ Archaïsche periode: 580- 480 VC
★ Klassieke periode: 480-320 VC
★ Hellenistische periode: 320-27 VC
4
★ Heuristiek (= bronnen)
○ basis bibliografie
○ elektronische zoekwijzers
★ studie van Romeinse kunst & archeologie
HOOFDSTUK 2
★ beschouwingen omtrent Romeinse kunst
○ waardering & betekenis
■ minderwaardig aan Griekse Architectuur?
● eerst zo beschouwd, laatste jaren/eeuwen wel rechtgezet (=
late 19e eeuw)
● Romeinen hebben veel overgenomen van Grieken zonder lang
iets te veranderen → soms door religieuze/spirituele context
■ context is belangrijk
● apart beeldje betekent mss eerst niet veel zonder context
● contextualisering is beter & beter gekend
○ we kunnen zo de complexe Romeinse cultuur beter
vatten
● geografische context
○ Romeinse imperium
■ ingedeeld in provincies
○ samenstellende componenten tijdens vormingsproces (Romeinse kunst →
minder homogeen dan de Griekse)
■ Italisch
● Centraal-,Zuid-Italië
● eigen basis
● deze invloed → minder te zien in dure/officiële werken v/d tijd
● vooral herkenbaar in volkskunst
● ook stukken geproduceerd in keizertijd
■ Etruskisch
● etruskische beschaving → dominant over midden-Italië van 7e-
5e eeuw VC
● invloed = vooral in bouwkunst
■ Grieks-Hellenistisch
● voornaamste invloed
● vanaf 8ste, 7e eeuw VC
○ door kolonies
● overname klassieke repertoria, basistechnieken, grote stijlen,...
● grote doorbraak = gevolg van veroveringspolitiek
● Rome = overspoeld door Griekse kunstwerken
○ 2 bronnen:
■ grootschalige plundering van beelden & andere
kunstwerken
■ golf van imitatie & reproductie
1
,○ algemene kenmerken
○ dualisme van stijlen
■ bv. Romeinse sarcofaag met versiering van eroten
○
■ bv. Oost-Romeins mozaïek uit Syrië
○
○ staatskunst VS volkskunst
■ staatskunst → vaak trouw aan Griekse traditie
○ +ideologisch onderbouwd
■ bv. Augustus in militaire kledij VS mannenportret in terracotta
○ centrum VS periferie
■ gaat meer om vaardigheden, techniek
■ mensen die zich het kunnen permitteren
■ op publieke plaatsen getoond
■ provincieateliers: minder hoogwaardige materialen, ≅
resultaat
○ Romeinen hebben minder oog voor kunst met menselijke
verhoudingen
● ze willen meer indruk maken, proporties zijn vaak ook groter
■ wijkt af van de menselijke verhoudingen v/d Grieken
■ interne proporties zijn niet ‘heilig’
● men stapt af van de correct anatomische verhoudingen
○ architectuur met nadruk op het interieur
■ Romeinen zijn meer geïnteresseerd in persoonlijk comfort ≅
interieur
● rond aangename leefomgeving
2
,○ Horror Vacui
■ lege ruimtes opvullen / volledig gebruiken
■ vertelt niet direct een heilig verhaal
■ soms → sculptuur & architectuur = niet meer te scheiden
○ benadrukken van frontaliteit & monumentaliteit
■ voorkant gebouwen vaak mooier uitgewerkt dan zijkanten
● sculptuur is ook naar buiten gericht + staat meer in verband
met omgevende ruimte
● kolossale afmetingen
■ bv. Tempel van Venus & Roma
■
○ Chronologische indeling Romeinse Kunst
■ Vroeg-Romeinse kunst (8ste-3e/2e eeuw VC)
● nog weinig Romeinse originaliteit → vooral in lagere,
volkse kunstvormen
● koningstijd & vroege/midden republiek
■ Klassiek-Romeinse kunst (2e -3e eeuw NC)
● late republiek & hoge keizertijd
● lange ontwikkelingsperiode (vernieuwingen, creaties,
hoogtepunten)
■ mogelijk dankzij stabiliteit van de Pax Romana
■ Laat-Romeinse kunst (late 3e eeuw-5e eeuw VC)
○ scharnierperiode
■ westen → verval
■ oosten → Byzantijnse kunst
3
, Hoofdstuk 3
★ Vroeg-Romeinse kunst & antecedenten
○ Griekse invloeden vanuit Magna Graecia
○ 3.1 De voorlopers van Romeinse kunst en architectuur in Latium en Etruria
■ tot 3de eeuw VC → weinig specifieke Romeinse kunst
● verklaring
○ agrarische & sobere levenswijze Romeinen in
Koningstijd & vroege Republiek
○ militaire ingesteldheid
■ energie, aandacht & middelen
■ expansie Middellandse zee & Italië
○ op praktisch nut ingestelde samenleving
■ ontstaan drang zich te spiegelen aan hogere, Griekse cultuur +
politieke machthebbers willen hun roem in monumenten gestalten
geven
■ De Griekse bijdrage
● invloed Griekse wereld → via twee kanalen
○ eerst: onrechtstreeks via de Etrusken
○ na verovering Magna Graecia: via Griekse kolonies
● vanaf 5e eeuw VC: tempels voor Griekse goden in Rome
○ overname mythe en artistieke voorstellingsvorm
■ (invloed van) de Etrusken
● etruskische beschaving:
○ chronologie
★ Villanova periode: 900-720 VC
○ soort proto-historische periode (nog
geen schrift)
★ Oriëntaliserende periode: 720-580 VC
★ Archaïsche periode: 580- 480 VC
★ Klassieke periode: 480-320 VC
★ Hellenistische periode: 320-27 VC
4