Begrippen pluriforme samenleving
Pluriformiteit in Nederland
Pluriforme samenleving-> land waarin mensen met verschillende idealen met elkaar wonen
Cultuur-> alle waarden/normen en gewoonten die mensen binnen een groep of samenleving
met elkaar delen
Cultuurkenmerk-> kennis, gewoonten, kunst, sport, symbolen
Dominante cultuur-> normen en waarden die de grootsten deel van de samenleving naleeft
Tolerantie-> een ander in zn waarde laten en accepteren
Subcultuur-> binnen de dominante cultuur een groep ook een cultuur deelt
Culturele diversiteit-> verschillende subculturen bij elkaar
Referentiekader-> persoonlijk uitgangspunt waar je indenkt als je beslissingen maakt
Generatieconflict-> als jong en oud tegenover elkaar staan om een bepaalde visie
Bedrijfscultuur-> normen een waarden die gedeeld worden in een bedrijf
Maatschappelijke positie-> plek die je hebt in de samenleving
Rolpatroon-> algemene verwachtingen en opvatten over hoe iemand zich moet gedragen
Allochtoon-> 1 van de ouders in het buitenland is geboren
, Autochtoon-> iedereen die nl is geboren en ouders en grootouders
Cultuur en identiteit
Nature en nurture debat-> debat over hoe je talanten ontwikkelt. Nature-> aangeboren en
nature-> aangeleerd
Socialisatie-> overdracht van cultuur
Socialiserende instituties-> plekken waar socialisatie plaatsvind
Sociale controle-> de omgeving let op hoe jij je gedraagt
Internalisatie-> cultuur dat er ingeprent is en automatisch gaat
Persoonlijke identiteit-> alle aangeleerden kenmerken die jou identiteit vormen (kleding)
Individualistisch -> je mag je eigen talenten ontplooien en zelf carriere maken
Collectivistisch-> bij je geboorte hoor je bij een bepaalde groep, bij een correctie op gedrag
gaat dat de hele groep aan
Masculiene culturen-> wereld van mannen en vrouwen duidelijk gescheiden
Feminiene culturen-> mannelijke en vrouwelijke rollen lopen over in een elkaar
Nederland is veranderd
Gezagsverhouding-> mensen hadden veel respect voor elkaar
Sociale mobiliteit-> klimmen op een maatschappelijke ladder
Verzuiling-> elk gezin zat in een eigen zuil met eigen kerk school radio etc
Pluriformiteit in Nederland
Pluriforme samenleving-> land waarin mensen met verschillende idealen met elkaar wonen
Cultuur-> alle waarden/normen en gewoonten die mensen binnen een groep of samenleving
met elkaar delen
Cultuurkenmerk-> kennis, gewoonten, kunst, sport, symbolen
Dominante cultuur-> normen en waarden die de grootsten deel van de samenleving naleeft
Tolerantie-> een ander in zn waarde laten en accepteren
Subcultuur-> binnen de dominante cultuur een groep ook een cultuur deelt
Culturele diversiteit-> verschillende subculturen bij elkaar
Referentiekader-> persoonlijk uitgangspunt waar je indenkt als je beslissingen maakt
Generatieconflict-> als jong en oud tegenover elkaar staan om een bepaalde visie
Bedrijfscultuur-> normen een waarden die gedeeld worden in een bedrijf
Maatschappelijke positie-> plek die je hebt in de samenleving
Rolpatroon-> algemene verwachtingen en opvatten over hoe iemand zich moet gedragen
Allochtoon-> 1 van de ouders in het buitenland is geboren
, Autochtoon-> iedereen die nl is geboren en ouders en grootouders
Cultuur en identiteit
Nature en nurture debat-> debat over hoe je talanten ontwikkelt. Nature-> aangeboren en
nature-> aangeleerd
Socialisatie-> overdracht van cultuur
Socialiserende instituties-> plekken waar socialisatie plaatsvind
Sociale controle-> de omgeving let op hoe jij je gedraagt
Internalisatie-> cultuur dat er ingeprent is en automatisch gaat
Persoonlijke identiteit-> alle aangeleerden kenmerken die jou identiteit vormen (kleding)
Individualistisch -> je mag je eigen talenten ontplooien en zelf carriere maken
Collectivistisch-> bij je geboorte hoor je bij een bepaalde groep, bij een correctie op gedrag
gaat dat de hele groep aan
Masculiene culturen-> wereld van mannen en vrouwen duidelijk gescheiden
Feminiene culturen-> mannelijke en vrouwelijke rollen lopen over in een elkaar
Nederland is veranderd
Gezagsverhouding-> mensen hadden veel respect voor elkaar
Sociale mobiliteit-> klimmen op een maatschappelijke ladder
Verzuiling-> elk gezin zat in een eigen zuil met eigen kerk school radio etc