1. Groei door deling: mitose
In je omgeving delen en groeien cellen voortdurend:
- HERSTELLEN: Als je in je vinger snijdt, groeit de wonde weer dicht.
- GROEIEN: Een pasgeboren baby is ongvr 50 cm, deze groeit door de jaren.
Haar en nagels groeien.
- VERVANGEN: Als je je knie schaaft, dan delen cellen om de oude cellen te vervangen.
- VOORTPLANTEN: één cel deelt zich en vermenigvuldigt zich.
Een organisme groeit door de mitose van cellen.
Verloop van de mitose (mitose is een onderdeel vd celcyclus)
INTERFASE: voorbereiden op het delen van de cel.
G1: toename cytoplasma, aanmaken eiwitten, celdeling wordt voorbereid.
S: DNA wordt verdubbeld. = duplicatie
G2: celvolume neemt toe, celorganellen worden bijgemaakt.
MITOSE:
De mens 46 chromosomen (2n n=23 chromosomenparen)
1. PROFASE
- Kernmembraan verdwijnt.
- Chromatiden condenseren tot chromosomen.
2. METAFASE
- Centriolen aan de polen vormen de spoelfiguur
(steundraden en trekdraden)
- Chromosomen naar midden van de cel,
liggen op evenaarsvlak.
(Een chromosoom bestaat uit 2
chromatiden die aan elkaar
vastzitten op een punt =
centromeer.)
- De 2 chromatiden van 1 chromosoom komen los van elkaar
dochterchromosomen
3. ANAFASE
- Draden trekken dochterchromosomen naar centriolen.