100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Chronologische begrippenlijst doorheen cursus Tijd incl. paginanummers

Rating
-
Sold
-
Pages
17
Uploaded on
13-01-2026
Written in
2023/2024

Dit is een chronologische begrippenlijst doorheen de cursus Tijd van het vak WO1. Er staan steeds het paginanummer uit de cursus, het begrip en de uitleg bij het begrip in de lijst. Ze staan chronologisch van langst geleden tot meest recent met duidelijke afbakening tussen de delen van de tijdlijn. De begrippen die in de begrippenlijst staan, staan steeds vetgedrukt als ze ergens anders nog uitgelegd worden.

Show more Read less
Institution
Module










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
January 13, 2026
Number of pages
17
Written in
2023/2024
Type
Summary

Subjects

Content preview

Pg. Begrip Omschrijving

Inleiding

7 Verleden Wat er gebeurd is.
Een beeld, een mogelijke reconstructie v.h. verleden, gemaakt door
7 Geschiedenis
historici op basis van (historisch waardevolle) bronnen.
Historisch
7 Indeling van de geschiedenis in tijdsperiodes.
referentiekader
Tijdsperiode 1: PREHISTORIE / OUDHEID (… - ca. 500 n.C.)

PREHISTORIE | ALGEMEEN
‘voorgeschiedenis’, de geschiedenis VOOR de geschreven bronnen.
9 Prehistorie
[= niet overal op dezelfde moment begonnen]
Verhaal waarin het ontstaan van de wereld en de mens ‘verklaard’
9 Scheppingsverhaal
wordt. (bv. scheppingsverhaal in Bijbeltekst Genesis)
Meest aanvaarde (wetenschappelijke) theorie voor ontstaan van het
Big Bang /
9 heelal. Uit een enorme ontploffing ontstond het heelal 13,7 miljard
oerknaltheorie
jaar geleden. De aarde zou 4,5 miljard jaar geleden ontstaan zijn.
Theorie van Charles Darwin over de evolutie van het leven op aarde.
Vormt de basis van de huidige wetenschappelijke verklaringen. Hoe
9 Evolutietheorie
beter een soort aangepast is aan haar omgeving, hoe meer kans ze
heeft om te overleven.
Mensachtigen / Behoren tot de klasse van de zoogdieren, orde primaten (zoals
9
hominiden mensapen, dichtste verwanten in dierenrijk)
Wezens die slechts beperkte menselijke eigenschappen bezitten en dus
10 Mensachtigen
tussen mensaap en mens schommelen.
Zwervers, vroeger in clans van ca. 30 man. Dit deden ze om het wild te
12 Nomadenbestaan volgen (noordelijkere gebieden) of omwille van de uitputting van
plantaardig voedsel en beschikbaar water ([sub-]tropische gebieden)
Het meest gebruikte soort steen als materiaal voor werktuigen en
13 Vuursteen / silex
wapens. Ook in België is er een vuursteenmijn gevonden.
Woningen vanaf de neanderthaler worden gestructureerd. Ze kunnen
13 Tenten / hutten bestaan uit dierenhuiden en natuurlijke materialen. Ook grotten zijn
een mogelijke woonst.
Graveringen op botten, stenen of ivoren voorwerpen = verplaatsbaar
14 Mobiele kunst
en dus mobiel.
De levenswijze van de zwervende (nomadische) mens verandert op
15 Landbouwrevolutie korte tijd heel fel en blijvend door het ontstaan van de landbouw. Kon
plaatsvinden dankzij klimaatwijziging na de laatste ijstijd.
Regio in het Nabije Oosten, waaronder het gebied van het Taurus- en
15 Vruchtbare Sikkel Zagrosgebergte waar domesticatie van graan en andere gewassen
plaatsvindt.
15 Veeteelt Het houden van o.a. schapen en geiten voor wol en melk.

15 Sedentarisatie Ontstaan van de eerste dorpen door een sedentaire levensstijl
Mensen vestigen zich permanent op een plaats waar de bodem genoeg
15 Sedentair
opbrengt om te overleven. Gemeenschappen en dorpen worden

, gevormd, en groeien later uit tot steden. Hieruit ontstaan ook
grondconflicten.
Megalithische
17 Cultuurgroepen die megalithische monumenten gebruikt hebben.
cultuur
Megalithische Gebouwen, graven en gedenktekens, met zware onbewerkte
17
monumenten reuzestenen zonder kalk- of mortelverband geconstrueerd.
17 Mehnirs Megalithisch bouwwerk; alleenstaande rechtopstaande stenen.

17 Dolmen Megalithisch bouwwerk; 2 menhirs met een horizontale deksteen

17 Ganggraf Megalithisch bouwwerk; verschillende dolmen achter elkaar

DE PREHISTORIE | OUDE EGYPTE
Bloeiende en hoogstaande beschavingen ontwikkelen met de
landbouw als basis aan grote rivieren op verschillende plaatsen in de
17 Wereldrijk wereld. Ze hebben een grote populatie, omvangrijke stedelijke centra
en een complexe bestuurlijke administratie.
(oudste in Mesopotamië : Irak en Syrië) vb. = OUDE EGYPTE
De manier waarop gesproken taal wordt weergegeven in schrifttekens.
17 Schriftsystemen
Ontstaan in functie van registreren handelsgegevens.
Een rivier in Egypte die gunstige geografische en ecologische
omstandigheden creëert voor de Egyptenaren en de basis vormt voor
het ontstaan van de beschaving van de farao’s. Ontspringt in Oeganda.
Vormt de basis voor landbouw met stand van waterpeil.



17 De Nijl




Dam aangelegd in 20ste eeuw die een stuwmeer doet ontstaan en het
18 Aswandam overstromen van de Nijl stopzet. Toch is deze nog belangrijk voor
toerisme, elektriciteit, irrigatie, …
18 Zwarte land Vruchtbare land langs de Nijl.

18 Rode land Woestijngebieden.

18 Nijlvallei Verdeeld door Nijl, vormt smalle strook vruchtbare grond
Verdeeld door Nijl, vormt breed uitgewaaierd vruchtbaar gebied,
18 Nijldelta
doorsneden met Nijlarmen
Aftakkingen van de Nijl die zich niet ver voor de monding afscheiden
18 Nijlarm
van hoofdstroom en daar ook weer me samen kunnen stromen.
Natuurlijke
18 Woestijnen, Nijlwatervallen en zeeën schermen Egypte af.
beschermingsgordel

, Een modderige laag van in stromend water aanwezige vaste deeltjes,
18 Vruchtbare sliblaag
afgezet van de bodem. Slib zorgt vaak voor vruchtbare bodem.
Kanaaltjes graven en dijken bouwen om water bij de akkers te houden
en zo uitdroging door de woestijnzon tegen te gaan. Zo wil men de
18 Irrigatiesysteem jaarlijkse overstroming behouden om voedsel te kunnen produceren,
en bij te lange overstromingen gaan gewassen verloren. De volledige
Egyptische cultuur draait rond dit irrigatiesysteem.
Riet waarvan in de oudheid een soort papier werd gemaakt, alsook
18 Papyrus boten, touwen, manden en sandalen. Een heel belangrijke grondstof
dus!
De farao had een monopolie in buitenlandse handel. Dit wilt zeggen
19 Monopolie
dat hij de enige is die hieraan kan/mag doen.
Een samenleving waarin de bevolking in verschillende groepen of
19 Standenmaatschappij standen is opgedeeld die elk hun eigen functies en rechten hebben.
Farao > priesters > edelen > vrije mensen > boeren > slaven
Werd als goddelijk beschouwd, plaatsvervanger van God Horus op
aarde. Bemiddelaar tussen goden en mensen, hoogste priester.
19
Handhaven van de Maät is voornaamste taak. Zijn attributen
& Farao
onderscheiden hem (uiting macht en goddelijke status)
20
=> scepter, vlegel, rode kroon, witte kroon, koningsbaard, goddelijke
cobraslang, blauw en geel gestreepte hoofddoek
19 Maät Wereldorde, overwinning van goede op kwade.
Gewone Egyptenaren werden in een put begraven. Hun lichamen
20 Kuilgraf
drogen uit door contact met warme zand en blijven zo bewaard.
Stenen bouwwerk op een ondergrondse grafkamer, mummificatie was
21 Mastaba noodzakelijk. Voor rijke Egyptenaren en belangrijke ambtenaren
(en sommige farao’s)
In Oude rijk en Middenrijk werden farao’s hierin begraven, maar
21 Piramide
werden vaak geplunderd.
In Nieuwe rijk beter verborgen graven voor farao’s in Vallei der
21 Rotsgraf
Koningen in graven uitgehouwen in woestijnrotsen.
Laatste stap naar eeuwige leven, soort godenrechtbank waar
overledene zich moet verantwoorden voor levenskeuzes voor toelating
21 Dodengericht
tot hiernamaals. O.a. de weegschaal bij godin Maät. (hart t.o.v. veer)
Positief = hiernamaals, negatief = verslonden door monster Amnet.
Verzameling teksten meegegeven in graf overledene op tocht naar
21 Dodenboek
dodenrijk om goden gunstig te stemmen
Een piramidevormig bouwwerk met een vierkant of rechthoekig
22 Piramide grondvlak en taps toelopende zijvlakken eindigend in een punt / een
afgeknotte top. Dient als laatste rustplaats Farao, vooral in Oude Rijk
Een gebouw of ruimte waar religieuze bijeenkomsten plaatsvinden.
Hier kan een mens 'in contact treden' met diens god(en) en deze
22 Tempel
vereren. Enkel de Farao en hoge priesters mochten dit betreden. In het
midden beeld van de god geplaatst. Bouwen tempels is taak van Farao.
Een gedenknaald. Het gaat om een vierkante, naar boven toe iets
dunner wordende zuil of kolom, met een piramidevormige punt (goud),
22 Obelisk
meestal van graniet gemaakt (uit 1 stuk). Als herdenkingsmoment bij
belangrijke gebeurtenis. Belangrijke zonnesymboliek (schittering)
Stellen pictogrammen, ideogrammen en lettergrepen voor. Het vormt
23 Hiërogliefen
een onderdeel van een pictografisch schrift.
£9.88
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
noortjeswijgers

Get to know the seller

Seller avatar
noortjeswijgers Katholieke Hogeschool Leuven
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
New on Stuvia
Member since
11 hours
Number of followers
0
Documents
3
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions