- Complexe werkelijkheid
- Geen gemeenschappelijk standpunt over basisveronderstellingen van
sociologen
- Ook geen gemeenschappelijk standpunt het theoretisch
referentiekader
- Daarom argumenteren sociologen dikwijls met elkaar: hoe
sociologiebeoefening moet worden gedaan of over wat nu eigenlijk het
belangrijkste te onderzoeken probleem is
Ze geven verschillende antwoorden op deze vragen
Daardoor situeren sociologen zich binnen de diverse sociologische
stromingen
Zo bekomen we ≠ sociologische stromingen of sociologisch
paradigma
- Sociologie = huis met verschillende ramen
Beschouwen als een huis met verschillende ramen
Elk raam heeft een ander uitzicht = andere visie op de werkelijkheid
= stroming
Raam = inhoudelijke benadering = paradigma of stroming
o Verschillende scholen binnen sociologie
o Visie op de werkelijkheid
o Positie die je inneemt, vanuit welk raam je kijkt naar de
werkelijkheid
o Beïnvloedt je visie/interactie
Theorie = verklaring voor de manier waarop 2 feiten verband
houden met elkaar
- Maatschappij = chaos
- Sociologen willen orde scheppen in die chaos
- Meeste doen dat op verschillende manieren
O.a. door de (onderzoek)vragen die ze stellen
De regels die ze gebruiken om te antwoorden
Interpretaties
…
ORIËNTATIEMODEL
Sociologische stromingen
A) Actor en systeem
B) Consensus en conflict
C) Het oriëntatiemodel
- 4 verschillende ramen
- 4 stromingen, groepjes waaronder we sociologen kunnen indelen
Actor perspectief: symbolisch interactionisme of sociale ruil
Symbolisch interactionisme:
,- Staat voor blik die je werpt op de werkelijkheid (samenwerking,
overeenkomst, …)
, Sociale ruil:
- Door dat raam kijken hoe mensen conflicten proberen aan te gaan of
op te lossen
- (Equity principe = gelijkheidsprincipe)
- Iets ruilen met iemand, ook perspectief van actor
DUS altijd vanuit het perspectief van de actor (het individu)
- Die 2 stromingen = onderkant van het huis, door een van de onderste
ramen
- Gaan vooral mensen zien, die aan het interageren zijn
- Op een harmonieuze manier (SI) ofwel competitief (SR)
Systeem perspectief: marxisme/conflictsociologie of structureel
functionalisme
- 1e verdieping van het huis
- Overzicht hebben, een ‘helikopterperspectief’ – je kan de hele straat
zien
- Kijken dus niet naar de actoren op zich, maar wel vanuit de systemen,
structuren
Wat doet iedereen samen, welke rol, wat zijn de waarden & normen,
…
MAAR: consensus- & conflictzijde
Structureel functionalisme:
- Consensus zijde, harmonieuze samenwerking/samenleving
- Zie later
Conflictsociologie:
- Marx: klassenverdeling, systeem sprak niet over ‘het individu’
- Revolutie vanuit idee dat er geen harmonieuze ontwikkeling is in de
SAMENLEVING
HET SYMBOLISCH INTERACTIONISME
- Sociaal handelen niet bepaald door structurele factoren
WEL door manier waarop individuen de omgeving & situatie waarin
ze zich bevinden interpreteren
Dus niet omgeving die ons gedrag stuurt, wel manier waarop wij die
interpreteren
- Betekenissen die mensen geven aan situaties krijgen door interactie
een gemeenschappelijk karakter en gaan dan op hun beurt ons
handelen beïnvloeden
Die betekenis zorgt voor bepaald gedrag, dat beïnvloed ons gedrag,
ons handelen
Niet persé iets gebeurd, maar waarom dan onveilig?
Door de interpretaties van de werkelijkheid
Symbolen die gaan interageren, zorgt voor bepaald gedrag & dus
bepaald gevoel
Om te weten waarom een buurt ‘onveilig’ is, is het niet alleen belangrijk
om te kijken naar het % inbraken en diefstallen, maar ook om te weten
dat mensen slecht verlichte ruimtes, afval op straat en jongeren die