Klinische vraagstukken Cluster A
A1 Risicofactoren
Hypertensie = bloeddruk > 140/90 mmHg, hierdoor is o.a. het
linkerventrikel overbelast en ontstaat coronaire sclerose (verharding
kransslagaders).
Primaire/ Essentiële hypertensie = oorzaak onbekend, mechanismen bij
ontstaan/onderhouden:
1. Door geringe nierschade ischeamie
2. RAAS geactiveerd
3. Verhoogde concentratie angiotensine II
4. Afferente zenuwactiviteit neemt toe
5. Stimulatie sympatische zenuwactiviteit via het centrale zenuwstelsel
6. Verhoogde Bloeddruk
RAAS = Renine – Angiotensine – Aldosteron, actief bij verminderd effectief
circulerend volume. Bij verminderde Na concentratie gaat signaal naar
Renine productie waardoor angiotensinogeen in lever omgezet wordt in
angiotensine I en vervolgens in angiotensine II door ACE. Uiteindelijk
aldosteron vrij dat zorgt voor terugresorptie Na + H2O.
Secundaire Hypertensie = oorzaak wel bekend, bv: primaire
hyperaldosteronsime zoals syndroom van Conn of het onvermogen van de
nieren om water uit te scheiden.
Coarctatio aortae = congenitale vernauwing van de aorta, in bovenste
helft van het lichaam ontstaat er hypertensie terwijl de onderste helft
bloeddruk normaal/verlaagd is, kan 2 vormen aannemen:
1. Gelokaliseerde stenose ter hoogte van de ductus Botalli (verbinding
aorta en longslagader)
2. Langwerpige segmentale vernauwing van de thoracale aorta
Renovasculaire hypertensie = vernauwing in de nierarterie kan zorgen
voor verhoogde bloeddruk, achter vernauwing daalt de bloeddruk en wordt
RAAS geactiveerd hoge bloeddruk.
Hypertensie bij vrouwen = veroorzaakt door bijvoorbeeld zwangerschap,
nierarteriestenose, pilgebruik, drophypertensie, menopauze
Dropmisbruik = glycyrrhizine zuur geeft smaak aan drop en zorgt dat in de
nieren cortisol wordt omgezet, een overmaat aan cortisol -> Na in en
vochtretentie en K excretie -> hypertensie + hypokaliëmie en onderdrukt
RAAS.
BD verhogende middelen = NSAIDs, orale anticonceptie, alcohol, naproxen
Syndroom van Cushing = overmaat cortisol gemaakt, zorgt hoge BD.
Syndroom van Conn = primaire hyperaldosteronisme, hierdoor meer
terugresorptie Na + H2O en kaliumsecretie, zorgt escape-fenomeen (Na
secretie naar voorurine neemt weer toe), Na-balans is weer in evenwicht
hierbij wel verhoogde bloedruk en vaatweerstand, bij labonderzoek:
hypernatriëmie en hypokaliëmie.
Door langdurige hypertensie kan de vaatwand van bloedvaten blijvend
veranderen en organen die de bloeddrukregulatie regelen (hart + nieren)
beschadigd raken.
Hypertensieve crisis = zeer ernstig verhoogde BD ( > 200 mmHg
bovendruk en > 120 mmHg onderdruk).
, Hypertensief noodgeval = situatie waarbij snelle en gecontroleerde
bloeddrukverlaging met intraveneuze middelen noodzakelijk is, acute
orgaanschade aanwezig.
Hypertensieve urgentie = situatie waarbij wenselijk om BD binnen enkele
uren te verlagen om schade te voorkomen.
Myocardinfarct = gevolg hypertensie omdat het bijdraagt aan
atherosclerose door hoge BD veranderingen in vaatwand wat leidt tot
verlies beschermende endotheelfunctie wat kan zorgen voor
trombusvorming.
Maligne hypertensie = snelle, zeer sterke stijging diastolische BD, ontstaat
door necrose in nieren door vaatverandering (stenose in arteriolen ->
activatie RAAS -> BD nog hoger).
Linkerventrikelhypertrofie = sterker en dikker worden linker ventrikel, spier
kan hierdoor slechter ontspannen waardoor diastolisch hartfalen.
De BD wordt normaal meerder keren gemeten. Bij een behandelindicatie
ook een ‘ambulante meting’ gedaan (BD voor 24 uur gemeten). Als dit niet
haalbaar is dan wordt een ‘BP30-meting’ (voor 30 minuten BD gemeten)
gedaan.
Behandeling niet-medicamenteus = verminderen overgewicht, minder
zout, meer bewegen, minder alcohol, DASh-voeding, stoppen met roken.
Streefwaarde BD =
In praktijk <140/90
Thuis <135/85
Ambulante meting <130/80
Kwetsbare ouderen bovendruk <150-160
Nierpatiënten bovendruk <130
Het effect van medicatie is even groot als het verminderen van gewicht en
een goed voedingspatroon. Vetcellen zorgen vetopslag en productie
cytokines en hormonen die betrokken zijn bij glucose/lipiden metabolisme,
ontstekingsmechanismen, bloeddruk en eetgedrag. Obesitas gaat gepaard
met hoge concentraties vrije vetzuren in het bloed, wat leidt tot oxidatieve
stress in cellen (wat ook zorgt voor verstoring van het glucose/lipiden
metabolisme).
Perifiere adipositas = peervormig lichaam, vet gelijk verdeeld in subcutane
vetweefsel
Centrale adipositas = appelvormig lichaam, verhoogde waist-hip ratio en
grote taille omvang -> buik bol en navel ondiep (teken weinig subcutaan
vet).
Mobilisatie van vet betekent hoge concentratie vrije vetzuren in poortader,
zet gluconeogenese aan in lever en vetzuren worden veresterd tot
triglyiceriden. Dit leidt tot stenose en vorming van VLDL waardoor HDL-
concentratie daalt. Bij insulineresistentie laat het vetweefsel extra
vetzuren los en krijgt de lever nog meer vetzuren te verwerken, zo
ontstaat: hypertriglyceridemie, lage HDL-concentratie, verhoogde
bloedglucose en insulineresistentie. Als hierbij ook een verhoogde BD
aanwezig, is ‘metabool syndroom (syndroom X)’ compleet.
Chronische gewrichtsklachten = artose kan door overgewicht bevorderd
worden, echter zijn botte van zware vrouwen na de overgang sterker dan
van slanke vrouwen.
A1 Risicofactoren
Hypertensie = bloeddruk > 140/90 mmHg, hierdoor is o.a. het
linkerventrikel overbelast en ontstaat coronaire sclerose (verharding
kransslagaders).
Primaire/ Essentiële hypertensie = oorzaak onbekend, mechanismen bij
ontstaan/onderhouden:
1. Door geringe nierschade ischeamie
2. RAAS geactiveerd
3. Verhoogde concentratie angiotensine II
4. Afferente zenuwactiviteit neemt toe
5. Stimulatie sympatische zenuwactiviteit via het centrale zenuwstelsel
6. Verhoogde Bloeddruk
RAAS = Renine – Angiotensine – Aldosteron, actief bij verminderd effectief
circulerend volume. Bij verminderde Na concentratie gaat signaal naar
Renine productie waardoor angiotensinogeen in lever omgezet wordt in
angiotensine I en vervolgens in angiotensine II door ACE. Uiteindelijk
aldosteron vrij dat zorgt voor terugresorptie Na + H2O.
Secundaire Hypertensie = oorzaak wel bekend, bv: primaire
hyperaldosteronsime zoals syndroom van Conn of het onvermogen van de
nieren om water uit te scheiden.
Coarctatio aortae = congenitale vernauwing van de aorta, in bovenste
helft van het lichaam ontstaat er hypertensie terwijl de onderste helft
bloeddruk normaal/verlaagd is, kan 2 vormen aannemen:
1. Gelokaliseerde stenose ter hoogte van de ductus Botalli (verbinding
aorta en longslagader)
2. Langwerpige segmentale vernauwing van de thoracale aorta
Renovasculaire hypertensie = vernauwing in de nierarterie kan zorgen
voor verhoogde bloeddruk, achter vernauwing daalt de bloeddruk en wordt
RAAS geactiveerd hoge bloeddruk.
Hypertensie bij vrouwen = veroorzaakt door bijvoorbeeld zwangerschap,
nierarteriestenose, pilgebruik, drophypertensie, menopauze
Dropmisbruik = glycyrrhizine zuur geeft smaak aan drop en zorgt dat in de
nieren cortisol wordt omgezet, een overmaat aan cortisol -> Na in en
vochtretentie en K excretie -> hypertensie + hypokaliëmie en onderdrukt
RAAS.
BD verhogende middelen = NSAIDs, orale anticonceptie, alcohol, naproxen
Syndroom van Cushing = overmaat cortisol gemaakt, zorgt hoge BD.
Syndroom van Conn = primaire hyperaldosteronisme, hierdoor meer
terugresorptie Na + H2O en kaliumsecretie, zorgt escape-fenomeen (Na
secretie naar voorurine neemt weer toe), Na-balans is weer in evenwicht
hierbij wel verhoogde bloedruk en vaatweerstand, bij labonderzoek:
hypernatriëmie en hypokaliëmie.
Door langdurige hypertensie kan de vaatwand van bloedvaten blijvend
veranderen en organen die de bloeddrukregulatie regelen (hart + nieren)
beschadigd raken.
Hypertensieve crisis = zeer ernstig verhoogde BD ( > 200 mmHg
bovendruk en > 120 mmHg onderdruk).
, Hypertensief noodgeval = situatie waarbij snelle en gecontroleerde
bloeddrukverlaging met intraveneuze middelen noodzakelijk is, acute
orgaanschade aanwezig.
Hypertensieve urgentie = situatie waarbij wenselijk om BD binnen enkele
uren te verlagen om schade te voorkomen.
Myocardinfarct = gevolg hypertensie omdat het bijdraagt aan
atherosclerose door hoge BD veranderingen in vaatwand wat leidt tot
verlies beschermende endotheelfunctie wat kan zorgen voor
trombusvorming.
Maligne hypertensie = snelle, zeer sterke stijging diastolische BD, ontstaat
door necrose in nieren door vaatverandering (stenose in arteriolen ->
activatie RAAS -> BD nog hoger).
Linkerventrikelhypertrofie = sterker en dikker worden linker ventrikel, spier
kan hierdoor slechter ontspannen waardoor diastolisch hartfalen.
De BD wordt normaal meerder keren gemeten. Bij een behandelindicatie
ook een ‘ambulante meting’ gedaan (BD voor 24 uur gemeten). Als dit niet
haalbaar is dan wordt een ‘BP30-meting’ (voor 30 minuten BD gemeten)
gedaan.
Behandeling niet-medicamenteus = verminderen overgewicht, minder
zout, meer bewegen, minder alcohol, DASh-voeding, stoppen met roken.
Streefwaarde BD =
In praktijk <140/90
Thuis <135/85
Ambulante meting <130/80
Kwetsbare ouderen bovendruk <150-160
Nierpatiënten bovendruk <130
Het effect van medicatie is even groot als het verminderen van gewicht en
een goed voedingspatroon. Vetcellen zorgen vetopslag en productie
cytokines en hormonen die betrokken zijn bij glucose/lipiden metabolisme,
ontstekingsmechanismen, bloeddruk en eetgedrag. Obesitas gaat gepaard
met hoge concentraties vrije vetzuren in het bloed, wat leidt tot oxidatieve
stress in cellen (wat ook zorgt voor verstoring van het glucose/lipiden
metabolisme).
Perifiere adipositas = peervormig lichaam, vet gelijk verdeeld in subcutane
vetweefsel
Centrale adipositas = appelvormig lichaam, verhoogde waist-hip ratio en
grote taille omvang -> buik bol en navel ondiep (teken weinig subcutaan
vet).
Mobilisatie van vet betekent hoge concentratie vrije vetzuren in poortader,
zet gluconeogenese aan in lever en vetzuren worden veresterd tot
triglyiceriden. Dit leidt tot stenose en vorming van VLDL waardoor HDL-
concentratie daalt. Bij insulineresistentie laat het vetweefsel extra
vetzuren los en krijgt de lever nog meer vetzuren te verwerken, zo
ontstaat: hypertriglyceridemie, lage HDL-concentratie, verhoogde
bloedglucose en insulineresistentie. Als hierbij ook een verhoogde BD
aanwezig, is ‘metabool syndroom (syndroom X)’ compleet.
Chronische gewrichtsklachten = artose kan door overgewicht bevorderd
worden, echter zijn botte van zware vrouwen na de overgang sterker dan
van slanke vrouwen.