100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Verbintenissenrecht periode 2 leerjaar 1 JHS

Rating
-
Sold
-
Pages
10
Uploaded on
27-01-2021
Written in
2020/2021

In deze samenvatting kun je alles lezen en leren om een voldoende op je tentamen te krijgen.

Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 27, 2021
Number of pages
10
Written in
2020/2021
Type
Summary

Subjects

Content preview

Samenvatting verbintenissenrecht periode 2

Week 1 inleiding

Vermogensrecht -> rechtsgebied waarbij de regels omtrent vermogen centraal staan. Dit is
onder te verdelen in verbintenissenrecht en goederenrecht

Vermogen -> het geheel van rechten en plichten dat op een bepaald moment aan een
rechtssubject toekomt en dat op geld waardeerbaar is

Als het niet gaat over zaken die tot het personen- en familierecht en het
rechtspersonenrecht behoren, dan gaat het over vermogensrecht.

Rechtssubject -> drager van echten en plichten. Natuurlijke personen en rechtspersonen.

Verbintenissenrecht -> regelt de rechtsverhoudingen tussen rechtssubjecten

Verbintenis -> een vermogensrechtelijke rechtsbetrekking tussen twee (of meer) personen,
op grond waarvan de ene persoon (schuldeiser) recht heeft op een prestatie, waartoe de
ander (schuldenaar) is verplicht.

Rechtsfeit -> gebeurtenis waaraan het recht gevolgen (rechtsgevolgen) verbindt.
Bijvoorbeeld het kopen van een telefoon.
We maken onderscheid tussen:
- Menselijk handelen -> kopen van een telefoon
- Blote rechtsfeiten -> rechtsgevolgen die gebeuren door het leven. Je hoeft er niets
voor te doen. Denk aan geboren worden, maar het heeft wel een rechtsgevolg.

Twee soorten menselijk handelen met rechtsgevolg

1. Rechtshandelingen -> handelingen gericht op rechtsgevolg. Zie artikel 3:33 BW.
Meerzijdige rechtshandelingen zijn verricht door twee of meer personen. Eenzijdige
rechtshandelingen zijn verricht door één persoon.
2. Feitelijke handelingen -> handelingen die niet op rechtsgevolg zijn gericht, maar waar
het recht wel rechten en plichten aan verbindt. Zie artikel 6:162 BW
Je doet iets zonder wil van rechtsgevolg, maar de actie heeft wel een rechtsgevolg.

Verbintenissen kunnen alleen ontstaan indien dit uit de wet voortvloeit (artikel 6:1 BW). Dit
gebeurt onder andere door:
- Een overeenkomst artikel 6:213 BW rechtshandeling
- Onrechtmatige daar artikel 6:162 BW feitelijke handeling
- Een rechtmatige daad artikel 6:298 BW rechtshandeling

Nietig -> het beoogde rechtsgevolg treedt niet in, omdat de wet dit verbiedt. Bijvoorbeeld
artikel 3:40 BW. Het treedt in van rechtswege, je hoeft er geen beroep op te doen. Het
treedt vanzelf in.

, Vernietigbaar -> de rechtshandeling is geldig, maar de nietigheid ervan kan achteraf worden
ingeroepen. Bijvoorbeeld bij minderjarigen. Je moet een beroep doen op vernietigbaarheid.

Handelingsbekwaamheid

Handelingsbekwaam -> de bevoegdheid om rechtshandelingen te verrichten.
Iedere natuurlijke persoon is handelingsbekwaam tenzij de wet anders bepaald. Art 3:32 BW
In het algemeen niet handelingsbekwaam zijn:
- minderjarigen artikel 1:233 BW
- onder curatelen gestelde artikel 1:381 BW (wordt uitgesproken door de rechter)

Week 2 totstandkoming en inhoud overeenkomst

Aangeven of er een gelde overeenkomst tot stand is gekomen doe je aan de hand van de
volgende elementen:
- Is er sprake van een aanbod en aanvaarding? Artikel 6:217 BW
Deze eenzijdige rechtshandeling toetsen aan:
- Persoon -> zijn partijen handelingsbekwaam? Artikel 3:32 BW
- Totstandkoming -> komt de wil overeen met de verklaring?
- Inhoud: is de overeenkomst in strijd met de wet, de goede zede en de openbare
orde?

Een aanbod met aan meerdere juridische eisen voldoen wil het een aanbod zijn:
1. Een aanbod moet alle essentiële elementen van de te sluiten overeenkomst
bevatten. Wat de essentiële elementen zijn is afhankelijk van de overeenkomst. Dit
heet dat het aanbod voldoende bepaalbaar moet zijn.
2. Het aanbod moet niet zijn vervallen of door tijdsverloop of door verwerping (artikel
6:221 BW) in lid 1 wordt dit duidelijker.
3. Het aanbod moet niet herroepelijk zijn (artikel 6:219 BW)

Uitnodiging om in handeling te treden: aanbod zonder essentiële eisen. Bijvoorbeeld: “wil je
mijn fiets?” zonder prijs of details aan te bieden.

Individueel bepaalbare zaken -> waarvan er maar 1 is. Bijvoorbeeld een huis of een puppy. Er
is maar 1 gelijke van.
Soortzaken -> zaken waar er meer van zijn. Bijvoorbeeld een wasmachine of tv.


Persoon: zijn partijen handelingsbekwaam?

In artikel 3:32 BW staat: iedere natuurlijke persoon is handelingsbekwaam tenzij de wet
anders bepaald. Art 3:32 BW
In het algemeen niet handelingsbekwaam zijn:
- minderjarigen artikel 1:233 BW
- onder curatelen gestelde artikel 1:381 BW (wordt uitgesproken door de rechter)

Een rechtshandeling van een niet bekwame is vernietigbaar.
$3.60
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
veravandenhoven1312

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
veravandenhoven1312 Juridische Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
4 year
Number of followers
1
Documents
6
Last sold
3 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions