Week 18 : Bezit, houderschap en verjaring
______________________________________________________________________________________
Literatuur : Brahn/Reehuis, Zwaartepunten van het vermogensrecht
- 92-124 (H5)
- 179-185
- 189-192
- 245- 254 (H9)
- 523-524
______________________________________________________________________________________
Opdracht 1
Noem een voorbeeld van een zaak waarvan u:
a. onmiddellijk houder bent : penningmeester van de tennisclub die de kas van de vereniging bij
hem thuis heeft staan.
b. middellijk houder bent : gehuurde auto parkeren in een garage.
c. onmiddellijk bezitter bent : laptop.
d. middellijk bezitter bent : gestolen fiets uit de fietsenstalling.
Voor zover u één van deze goederenrechtelijke posities niet inneemt, bedenk dan een voorbeeld
waarin deze vormen van bezit en houderschap wél voorkomen. U dient andere voorbeelden te
bedenken dan die in het hoorcollege of het boek zijn gegeven.
Opdracht 2
Bedenk een casus waarbij een overdracht door middel van een brevi manu-levering plaats zou
kunnen vinden. Beschrijf in termen van eigendom, (on)middellijk bezit en houderschap de
goederenrechtelijke posities die de partijen in de casus bij een levering brevi manu innemen vóór
en na de levering.
Mustafa woont in Oss en studeert in Nijmegen. Hij besluit in de carnavalsvakantie een week op
fietsvakantie te gaan. Hij pakt de trein naar Rijkevoort en huurt daar een fiets.
Op de laatste dag van zijn vakantie heeft hij telefonisch contact met de verhuurder en vertelt dat hij
elk weekend naar Rijkevoort wil komen om te gaan fietsen. Mustafa vertelt de huurder dat hij een
eigen fiets wil aanschaffen.
De huurder biedt hem aan om de gehuurde fiets van hem over te kopen voor een mooie prijs.
Mustafa gaat akkoord en spreekt af dat hij de fiets niet meer hoeft terug te brengen en mee mag
nemen naar Oss.
Overdracht (art. 3:114 BW)
‘Een bezitter draagt zijn bezit over door de verkrijger in staat te stellen die macht uit te oefenen,
die hij zelf over het goed kon uitoefenen.’
Bezitsoverdracht zonder feitelijke handeling (art. 3:115 BW).
Art. 3:115 sub b BW : brevi manu, verkrijger van de zaak was houder voor de vervreemder.
Voor de levering :
De verhuurder is de eigenaar (en middelijk bezitter ?).
Mustafa is onmiddellijk houder als de fiets huurt en ermee gaat fietsen.
Na de levering :
De verhuurder is niks meer.
Mustafa is eigenaar en onmiddellijk bezitter.
______________________________________________________________________________________
Literatuur : Brahn/Reehuis, Zwaartepunten van het vermogensrecht
- 92-124 (H5)
- 179-185
- 189-192
- 245- 254 (H9)
- 523-524
______________________________________________________________________________________
Opdracht 1
Noem een voorbeeld van een zaak waarvan u:
a. onmiddellijk houder bent : penningmeester van de tennisclub die de kas van de vereniging bij
hem thuis heeft staan.
b. middellijk houder bent : gehuurde auto parkeren in een garage.
c. onmiddellijk bezitter bent : laptop.
d. middellijk bezitter bent : gestolen fiets uit de fietsenstalling.
Voor zover u één van deze goederenrechtelijke posities niet inneemt, bedenk dan een voorbeeld
waarin deze vormen van bezit en houderschap wél voorkomen. U dient andere voorbeelden te
bedenken dan die in het hoorcollege of het boek zijn gegeven.
Opdracht 2
Bedenk een casus waarbij een overdracht door middel van een brevi manu-levering plaats zou
kunnen vinden. Beschrijf in termen van eigendom, (on)middellijk bezit en houderschap de
goederenrechtelijke posities die de partijen in de casus bij een levering brevi manu innemen vóór
en na de levering.
Mustafa woont in Oss en studeert in Nijmegen. Hij besluit in de carnavalsvakantie een week op
fietsvakantie te gaan. Hij pakt de trein naar Rijkevoort en huurt daar een fiets.
Op de laatste dag van zijn vakantie heeft hij telefonisch contact met de verhuurder en vertelt dat hij
elk weekend naar Rijkevoort wil komen om te gaan fietsen. Mustafa vertelt de huurder dat hij een
eigen fiets wil aanschaffen.
De huurder biedt hem aan om de gehuurde fiets van hem over te kopen voor een mooie prijs.
Mustafa gaat akkoord en spreekt af dat hij de fiets niet meer hoeft terug te brengen en mee mag
nemen naar Oss.
Overdracht (art. 3:114 BW)
‘Een bezitter draagt zijn bezit over door de verkrijger in staat te stellen die macht uit te oefenen,
die hij zelf over het goed kon uitoefenen.’
Bezitsoverdracht zonder feitelijke handeling (art. 3:115 BW).
Art. 3:115 sub b BW : brevi manu, verkrijger van de zaak was houder voor de vervreemder.
Voor de levering :
De verhuurder is de eigenaar (en middelijk bezitter ?).
Mustafa is onmiddellijk houder als de fiets huurt en ermee gaat fietsen.
Na de levering :
De verhuurder is niks meer.
Mustafa is eigenaar en onmiddellijk bezitter.