100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
College aantekeningen

Internationaal Privaatrecht samenvatting CIJFER 8

Beoordeling
-
Verkocht
4
Pagina's
51
Geüpload op
01-09-2025
Geschreven in
2024/2025

Dit vak wordt als vrij moeilijk beschouwd, maar geloof me het is te doen. Dit is een volledige samenvatting van het vak.

Instelling
Vak











Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
1 september 2025
Aantal pagina's
51
Geschreven in
2024/2025
Type
College aantekeningen
Docent(en)
Oderkerk
Bevat
Alle colleges

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

WERKCOLLEGE 1
OPDRACHT A - ALGEMEEN

DUITS/NEDERLANDSE ECHTSCHEIDING

Echtscheidingsprocedure tussen een Duitse vrouw en een Nederlandse man, die op 1 augustus 1992 in
Duitsland zijn gehuwd. Zij woonden tot 1998 in Duitsland en verhuisden in dat jaar naar Nederland, waar
beide echtgenoten nog steeds zijn gevestigd. De vrouw verzoekt primair echtscheiding, subsidiair scheiding van
tafel en bed, voorts verdeling van de tussen partijen bestaande gemeenschap van goederen, alsmede
toekenning van een uitkering tot levensonderhoud ten laste van de man.

Rechtbank:

‘1. Door de omstandigheid dat verzoekster de Duitse nationaliteit bezit (verweerder is Nederlander)
draagt de onderhavige zaak een internationaal karakter, zodat eerst de vraag dient te worden beantwoord of
de Nederlandse rechter in deze zaak rechtsmacht toekomt. Op grond van art. 3 sub a (i) van de Verordening
Brussel II-ter kan deze vraag ten aanzien van het verzoek tot echtscheiding, subsidiair scheiding van tafel en
bed bevestigend worden beantwoord, nu – naar de rechtbank als vaststaand aanneemt – beide partijen ten
tijde van het indienen van het verzoekschrift hun gewone verblijfplaats in Nederland hadden. Ten aanzien
van de nevenverzoeken komt op grond van art. 5 lid 1 Verordening Huwelijksvermogensstelsels
respectievelijk art. 3 sub a Alimentatieverordening aan de rechtbank eveneens rechtsmacht toe.

2. Vervolgens komt aan de orde de vraag welk rechtsstelsel op hoofd- en nevenverzoeken van
toepassing is. Op het primaire verzoek tot echtscheiding is op grond van art. 10:56 lid 1 BW Nederlands
recht van toepassing, aangezien partijen geen rechtskeuze hebben gedaan en daartoe ook niet – gezien het
feit dat zij geen gemeenschappelijke nationaliteit hebben – de mogelijkheid hebben (vgl art. 10:56 lid 2 BW).
3. Nu partijen vóór 1 september 1992 in het huwelijk zijn getreden, dient de vraag naar het
toepasselijk recht op het nevenverzoek tot boedelverdeling te worden beantwoord naar ongeschreven
regels van Nederlands internationaal privaatrecht (vgl. art. 21 Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978). Op
grond van HR 10 december 1976, NJ 1977, 275 (Chelouche v. Van Leer) is het Duitse recht van toepassing,
aangezien partijen ten tijde van de huwelijkssluiting van nationaliteit verschilden, maar hun eerste
huwelijksdomicilie in Duitsland vestigden. Aangezien het Duitse recht niet de algehele gemeenschap van
goederen, maar een beperkte gemeenschap (de zogenaamde Zugewinngemeinschaft) kent, begrijpt de
rechtbank het nevenverzoek tot boedelverdeling als een verzoek tot verrekening van de
Zugewinngemeinschaft naar Duits recht.
4. Het toepasselijk recht op het verzoek tot toekenning van alimentatie ten behoeve van de vrouw
dient op grond van artikel 15 Alimentatieverordening bepaald te worden aan de hand van het Haags
Alimentatieprotocol 2007. Het Haags Alimentatieprotocol is zowel materieel (art: 1
onderhoudsverplichtingen uit huwelijk), formeel (art. 2: universeel) als temporeel (de regels van het protocol
worden na 18 juni 2011 toegepast door rechters van EU lidstaten) van toepassing. Op grond van art. 3 is het
recht van de gewone verblijfplaats van de schuldeiser (de vrouw) van toepassing: Nederlands recht.
5. Het primaire verzoek tot echtscheiding kan, gelet op het toepasselijke recht, waar ten processe als
gesteld en niet weersproken is komen vast te staan dat het huwelijk duurzaam is ontwricht en tegen dit
verzoek geen verweer is gevoerd, worden toegewezen.
6. Ook de nevenverzoeken kunnen gezien het daarop toe te passen rechtsstelsel - met
inachtneming van het vorenstaande - als gegrond en onbestreden worden toegewezen, met dien
verstande dat het nevenverzoek tot boedelverdeling zal worden verstaan als een verzoek tot
verrekening van de Zugewinngemeinschaft naar Duits recht.’




1

,VRAAG 1


a. Waarom is hier sprake van een IPR-geval?
Het is internationaal rechtelijk van aard en privaatrechtelijk, getrouwd Duitsland, echtscheiding in nl
(echtscheiding en alimentatie)
b. Op welk onderdeel van het IPR hebben de overwegingen 1 t/m 6 betrekking?

Echtscheiding, alimentatie, huwelijksvermogensrecht (hoofdverzoek en nevenverzoeken)

 1  bevoegdheid

 2-4  conflictenrecht, welk recht is van toepassing

 5-6  nationaal recht, gaat niet over ipr, past toepasselijk recht toe

c. Welk type rechtsbron wordt door de rechtbank op verschillende punten gehanteerd (verordening,
verdrag, wet etc.)?
 Brussel II-ter
 Alimentatieverordening
 Alimentatieprotocol
 BW 10
 Verordening Huwelijksvermogensrecht
 Uitspraak HR

Hiërarchie van bronnen is super belangrijk: 1. Verdragen en verordeningen (hvj uitleg ook onderdeel hiervan),
2. Nederlandse wet, 3. Jurisprudentie en doctrine

OPDRACHT B: CASUS – ECHTSCHEIDING BEVOEGDHEID EN TOEPASSELIJKHEID

ADEL EN SABRINA

Wanneer Adel Mahi en Sabrina Amra beiden 20 jaar oud zijn, treden zij in 2007 in Algiers (Algerije) 77met
elkaar in het huwelijk. Beiden hebben zowel de Algerijnse als Portugese nationaliteit. Adel is geboren in
Algerije, maar opgegroeid in Portugal. Sabrina is wel geboren en getogen in Algerije.

Direct na de huwelijkssluiting gaan zij in Lissabon wonen. In augustus 2023 verhuist Sabrina naar
Nederland om een opleiding te gaan volgen. Na enkele maanden besluit zij in Nederland te willen blijven
en de relatie met Adel te willen beëindigen.

In september 2024 dient Sabrina een verzoek tot echtscheiding in bij de rechtbank Amsterdam. Zij geeft in
het verzoekschrift aan te kiezen voor toepasselijkheid van het Algerijnse recht. Adel voert verweer en stelt
dat het echtscheidingsverzoek beoordeeld dient te worden aan de hand van het Nederlandse recht.
Bovendien stelt hij dat het huwelijk niet duurzaam is ontwricht.

VRAAG 2

Is de rechtbank bevoegd om van het echtscheidingsverzoek kennis te nemen?

Is de Brussel II-ter van toepassing?

Materieel wel want het gaan om ontbinding van het huwelijk, art 1 lid 1 sub a.
Ook temporeel is het van toepassing want vordering is ingesteld na 1 augustus 2022, art. 100.


2

,Formele toepassing is af te leiden uit art. 6, in beginsel is de verordening van toepassing als een eu- rechter
bevoegd is obv art. 3 t/m 5. Is niemand bevoegd ogv art. 3 tm 5 dan dient gekeken te worden naar art. 4 rv,
tenzij art. 6 lid 2 Brussel II-ter van toepassing is.  (hier maakt niet uit welke eu-rechter bevoegd is)

Vervolgens dient te worden beantwoord of de Nederlandse rechter bevoegd is. Hiervoor dient gekeken te
worden naar art. 3 sub a Brussel ii-ter.

De rechter is bevoegd door art. 3 sub a onder v, want verzoekster verblijft minimaal 12 maanden in Nederland en
Nederland is haar gewone verblijfplaats (MPA – gewone verblijfplaats is een feitelijk begrip).

De rechtbank is dus bevoegd om van het verzoek kennis te nemen.

N.B. De Portugese rechter is ook bevoegd.

VRAAG 3

Gesteld dat de rechtbank bevoegd is om kennis te nemen van het echtscheidingsverzoek, welk recht is dan
van toepassing?

Bronnen hiërarchie is van belang. Is er een verdrag of verordening dat iets zegt over toepasselijk recht? Ja
namelijk Rome III, maar nl is hier geen lid van. Dus is er geen verdrag of verordening van toepassing en dient er
gekeken te worden naar het Nederlandse recht.

Als de Nederlandse rechter bevoegd is dan is in beginsel Nederlands recht van toepassing ingevolge art. 10:56 lid
1 BW. Dit kan verschillen wanneer een gemeenschappelijke rechtskeuze is gemaakt voor het recht van een
gemeenschappelijke nationaliteit of dat de keuze onweersproken is gebleven (lid 2 sub a). Er is geen
gemeenschappelijke rechtskeuze gemaakt en de keuze bleef niet onweersproken. Sabrina moet dus aanvoeren
dat zij een werkelijk maatschappelijke band hebben met Algerije (lid 2 sub b).

Zij heeft tot haar huwelijkssluiting in Algerije gewoond (elementen verzamelen tbv onderbouwing. Ook dient
gekeken te worden of Adel een maatschappelijke band heeft met Algerije (elementen verzamelen).

In dit geval kan het moeilijk beargumenteerd worden. Als lid 2 niet lukt blijf je in de hoofdregel van lid 1,
Nederlands recht is hier dus van toepassing.

OPDRACHT C: CASUS – ECHTSCHEIDING EN ALIMENTATIE (BEVOEGDHEID EN
TOEPASSELIJKHEID)
FAIZA EN DERK

Op 21 mei 2010 treden de Nederlander Derk en de Duitse Faiza met elkaar in het huwelijk in Arnhem.
Onmiddellijk na het huwelijk gaan zij in Keulen wonen en werken. In 2017 wordt in Keulen hun zoon Max
geboren. Een jaar later volgt een dochter, Lea. De twee kinderen hebben zowel de Duitse als de Nederlandse
nationaliteit. Het verzorgen van twee kinderen blijkt voor Faiza moeilijk te combineren met haar baan op een
advocatenkantoor, waar zij als partner veel verantwoordelijkheid draagt. Zij is daarom blij dat zij in de zomer
van 2021 een prestigieuze, maar slecht betaalde, parttime-positie bij UNESCO in Parijs aangeboden krijgt. Het
lukt Derk om een functie bij de Nederlandse ambassade in Parijs te krijgen, zodat het gezin zich in de lichtstad
kan vestigen.

Eind 2023 lopen de spanningen op. Derk gedraagt zich steeds afstandelijker en de vlam slaat in de pan als hij
een baan bij het ministerie van buitenlandse zaken in Den Haag kan krijgen. Faiza is gelukkig in Parijs en moet er
niet aan denken om naar Nederland te verhuizen. Als Derk zijn plan toch doorzet, raakt het huwelijk ontwricht.




3

, Op 1 februari 2024 neemt Derk zijn intrek in een woning in Den Haag, terwijl Faiza in Parijs achterblijft. Max
en Lea worden inmiddels verzorgd en opgevoed door de ouders van Faiza in Keulen.

Als blijkt dat het huwelijk niet meer te redden is, dient Faiza op 3 augustus 2024 een verzoekschrift tot
echtscheiding in bij de rechtbank in Den Haag. Als nevenverzoek vraagt zij om alimentatie voor haarzelf en
voor de kinderen. Ten aanzien van het eerste nevenverzoek (alimentatie voor zichzelf) neemt zij het standpunt
in dat Nederlands recht hierop van toepassing is, omdat het huwelijk in Nederland is gesloten. In het
verweerschrift werpt de advocaat van Derk de vraag op of Duits recht niet van toepassing is op de
echtscheiding, zonder stelling te nemen over het antwoord op deze vraag. Voor het overige refereert Derk zich
aan het oordeel van de rechtbank (dat is: hij voert geen verweer).

GEGEVENS (GEDEELTELIJK FICTIEF):
 Max en Lea hebben ten tijde van het indienen van het verzoekschrift van Faiza hun gewone
verblijfplaats in Keulen.
 Naar Nederlands recht heeft Faiza recht op alimentatie van circa € 3.000,= per maand voor de duur
van twaalf jaar, terwijl zij naar Duits recht op een gelijk bedrag aanspraak maakt, maar slechts voor
de duur van vijf jaar en het Franse recht zou haar recht geven op € 1.500,= per maand gedurende
vijftien jaar.

VRAAG 4

Is de rechtbank Den Haag bevoegd kennis te nemen van de verzoeken van Faiza?

Verzoek tot echtscheiding:

Is Brussel II-ter van toepassing?

Materieel wel want het gaan om ontbinding van het huwelijk, art 1lid 1 sub a.

Ook temporeel is het van toepassing want vordering is ingesteld na 1 augustus 2022, art. 100.

Formele toepassing is af te leiden uit art. 6, in beginsel is de verordening van toepassing als een eu-rechter
bevoegd is obv art. 3 t/m 5. Is niemand bevoegd ogv art. 3 tm 5 dan dient gekeken te worden naar art. 4 rv,
tenzij art. 6 lid 2 Brussel II-ter van toepassing is. (hier maakt niet uit welke eu-rechter bevoegd is)

De Nederlandse rechter is bevoegd ingevolge art. 3 sub a onder iii  Gewone verblijfplaats van verweerder
(derk woont in NL).

(franse rechter ook bevoegd obv art. 3 sub a onder ii, Als de nl rechter niet bevoegd is kunnen er nog wel andere
rechters bevoegd zijn. Daar moet je dus naar kijken. Als het dan formeel van toepassing en nl is niet bevoegd, dan
verklaard hij zich onbevoegd)

Verzoek tot alimentatie:

Is de alimentatieverordening van toepassing?

Materieel wel art. 1, gaat om partner en kinderalimentatie.

Formeel toepassingsgebied is universeel.

Temporeel toepassingsgebied is ingevolge art. 75 jo. 76 na 18 juni 2011.

Partneralimentatie
Is de Nederlandse rechter bevoegd? De hoofdregel is art. 3 sub a-b, gewone verblijfplaats van de

4
$13.37
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
STUDENTVU55 Erasmus Universiteit Rotterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
36
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
7
Documenten
24
Laatst verkocht
3 weken geleden

3.0

2 beoordelingen

5
0
4
0
3
2
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen