Juridische vaardigheden
H1 Leren hanteren van een wettenbundel
1.1
Wettenbundel: verzameling van officiële teksten van regels
Inhoud wettenbundel: wetten in formele zin(=wetten in formele zin worden tot stand
gebracht door de regering en de Staten-Generaal)
Opschrift: officiële naam van een regeling
Citeertitel: officiële naam waarmee de betreffende wet wordt aangeduid.
Aanhef: stuk tekst dat vooraf gaat aan de inhoudelijke regeling
Considerans: beweegredenen van de wetgever
Corpus: de kern van de regeling bestaat uit genummerde wetsartikelen die onderling
een samenhang vertonen.
Wetten moeten gepubliceerd worden, pas na publicatie treden deze wetten in werking,
iedereen heeft dan kennis kunnen nemen van de wet.
In het slot van een wet staat het bevel tot publicatie. Ook staan er de handtekeningen
van de Koning en de verantwoordelijke ministers/staatssecretarissen(contraseign).
De wet wordt op deze manier bekrachtigd.
1.2+1.3
Burgerlijk Wetboek (BW)
Het burgerlijk wetboek bestaat uit 8 verschillende boeken.
1. Personen- en Familierecht
Regels met betrekking tot naam, woonplaats, huwelijk, adoptie, gezag over
minderjarige kinderen etc.
2. Rechtspersonen
Geen personen van vlees en bloed, maar personen die juridisch gezien wel
bestaansrecht hebben. Voorbeeld van een rechtspersoon: vereniging, stichting,
bv’s etc. Regels met betrekking tot familiebanden van rechtspersonen. Regels met
betrekking tot besturing van een onderneming.
3. Vermogensrecht in het algemeen
Vermogen zal de ene keer toenemen en de andere keer afnemen.
4. Erfrecht
Hoe komt het vermogen van een overleden toe aan een bepaald persoon?
5. Zakelijke rechten
Eigendom, erfpacht, erfdienstbaarheid
6. Verbintenissenrecht
Regels met betrekking tot verbintenissen en overeenkomsten.
7. Bijzondere overeenkomsten
Regelt omtrent koop-, huur- en arbeidsovereenkomst.
Rechtshandeling: een handeling die een bepaald juridisch rechtsgevolg teweegbrengt.
Overeenkomst: een aanbod van de een en een aanvaarding van de ander.
Koopovereenkomst: als de een verplicht is een zaak te verschaffen en de ander
hiervoor een prijs in geld betaalt.
- Wil die zich door een verklaring openbaart (art. 3:33 BW)
- Aanbod en aanvaarding (art. 6:217 BW)
, - Zaak waarvoor een prijs in geld wordt betaald (art. 7:1 BW).
Strijdige regels
1. In geval van strijdige regels gaan de bijzondere wetsartikelen voor de algemene
wetsartikelen.
2. In geval van regels uit 1 en hetzelfde boek in strijd met elkaar, gaat het meest
specifieke wetsartikel voor het meer algemene wetsartikel.
Bij een ruilovereenkomst geeft de ene partij een zaak aan de andere partij, in dit geval
betaalt de andere partij geen geld, maar krijgt de ene partij bijvoorbeeld een fiets.
Schakelbeperking: een wetsartikel dat bepalingen van toepassing verklaart buiten de
afdeling, titel en/of wet waarin de betreffende bepalingen zijn opgenomen.
1.4
De Algemene wet bestuursrecht (Awb) regelt de verhouding tussen burger en openbaar
bestuur(centrale of decentrale overheid). Het is een jonge wet, in 1994 begon de
invoering. De wet bestaat uit 4 tranches(gedeelten). De eerste 3 zijn ingevoerd, de 4e nog
niet. De Awb is opgebouwd uit 11 hoofdstukken, titels en afdelingen. De Awb heeft een
gelaagde structuur.
1.5
Wettenbundels worden opgedeeld in publiekrechtelijke- en privaatrechtelijke
regelingen. De indeling is dus gebaseerd op samenhang. Er is een publiekrechtelijke
bundel en een privaatrechtelijke bundel.
Naast de tabs(gekleurde vlakjes aan de zijkant, snel iets vinden), zijn er ook
margeteksten. Margeteksten geven in enkele woorden de inhoud van een wetsartikel
weer. Achteraan een lid(onderdeel artikel) kun je een verwijzingsartikel vinden. Deze
verwijzingen staan tussen haakjes
1.6
Wetsartikelen mogen nooit aangehaald worden m.b.v. paginanummers. Elke
wettenbundel heeft een andere indeling, paginanummers zijn dus niet betrouwbaar.
Bij het aanhalen van een bepaling dient alleen het wetsartikel en de regeling vermeld te
worden, titels etc. worden niet vermeld.
Voorbeeld: art. 310 van het Wetboek van Strafrechtart. 310 Sr.
Als een wet uit meerdere boeken bestaat, moet je wel het nummer van het boek
vermelden het BW. Artikel 33 van BW 3 art. 3:33 BW.
Het Awb bestaat niet uit verschillende boeken, maar wel uit verschillende hoofdstukken.
Hier vermeld je dus ook het hoofdstuk. Artikel 2 van hoofdstuk 6 art. 6:2 Awb
Uitspreken:
Art. 3:33 BW artikel 33, boek 3 BW
Art. 6:2 Awb artikel 6, 2 Awb
Artikelen die samenhangen, jo ertussen.
Art. 3:33 BW jo art. 3:35 BW
H1 Leren hanteren van een wettenbundel
1.1
Wettenbundel: verzameling van officiële teksten van regels
Inhoud wettenbundel: wetten in formele zin(=wetten in formele zin worden tot stand
gebracht door de regering en de Staten-Generaal)
Opschrift: officiële naam van een regeling
Citeertitel: officiële naam waarmee de betreffende wet wordt aangeduid.
Aanhef: stuk tekst dat vooraf gaat aan de inhoudelijke regeling
Considerans: beweegredenen van de wetgever
Corpus: de kern van de regeling bestaat uit genummerde wetsartikelen die onderling
een samenhang vertonen.
Wetten moeten gepubliceerd worden, pas na publicatie treden deze wetten in werking,
iedereen heeft dan kennis kunnen nemen van de wet.
In het slot van een wet staat het bevel tot publicatie. Ook staan er de handtekeningen
van de Koning en de verantwoordelijke ministers/staatssecretarissen(contraseign).
De wet wordt op deze manier bekrachtigd.
1.2+1.3
Burgerlijk Wetboek (BW)
Het burgerlijk wetboek bestaat uit 8 verschillende boeken.
1. Personen- en Familierecht
Regels met betrekking tot naam, woonplaats, huwelijk, adoptie, gezag over
minderjarige kinderen etc.
2. Rechtspersonen
Geen personen van vlees en bloed, maar personen die juridisch gezien wel
bestaansrecht hebben. Voorbeeld van een rechtspersoon: vereniging, stichting,
bv’s etc. Regels met betrekking tot familiebanden van rechtspersonen. Regels met
betrekking tot besturing van een onderneming.
3. Vermogensrecht in het algemeen
Vermogen zal de ene keer toenemen en de andere keer afnemen.
4. Erfrecht
Hoe komt het vermogen van een overleden toe aan een bepaald persoon?
5. Zakelijke rechten
Eigendom, erfpacht, erfdienstbaarheid
6. Verbintenissenrecht
Regels met betrekking tot verbintenissen en overeenkomsten.
7. Bijzondere overeenkomsten
Regelt omtrent koop-, huur- en arbeidsovereenkomst.
Rechtshandeling: een handeling die een bepaald juridisch rechtsgevolg teweegbrengt.
Overeenkomst: een aanbod van de een en een aanvaarding van de ander.
Koopovereenkomst: als de een verplicht is een zaak te verschaffen en de ander
hiervoor een prijs in geld betaalt.
- Wil die zich door een verklaring openbaart (art. 3:33 BW)
- Aanbod en aanvaarding (art. 6:217 BW)
, - Zaak waarvoor een prijs in geld wordt betaald (art. 7:1 BW).
Strijdige regels
1. In geval van strijdige regels gaan de bijzondere wetsartikelen voor de algemene
wetsartikelen.
2. In geval van regels uit 1 en hetzelfde boek in strijd met elkaar, gaat het meest
specifieke wetsartikel voor het meer algemene wetsartikel.
Bij een ruilovereenkomst geeft de ene partij een zaak aan de andere partij, in dit geval
betaalt de andere partij geen geld, maar krijgt de ene partij bijvoorbeeld een fiets.
Schakelbeperking: een wetsartikel dat bepalingen van toepassing verklaart buiten de
afdeling, titel en/of wet waarin de betreffende bepalingen zijn opgenomen.
1.4
De Algemene wet bestuursrecht (Awb) regelt de verhouding tussen burger en openbaar
bestuur(centrale of decentrale overheid). Het is een jonge wet, in 1994 begon de
invoering. De wet bestaat uit 4 tranches(gedeelten). De eerste 3 zijn ingevoerd, de 4e nog
niet. De Awb is opgebouwd uit 11 hoofdstukken, titels en afdelingen. De Awb heeft een
gelaagde structuur.
1.5
Wettenbundels worden opgedeeld in publiekrechtelijke- en privaatrechtelijke
regelingen. De indeling is dus gebaseerd op samenhang. Er is een publiekrechtelijke
bundel en een privaatrechtelijke bundel.
Naast de tabs(gekleurde vlakjes aan de zijkant, snel iets vinden), zijn er ook
margeteksten. Margeteksten geven in enkele woorden de inhoud van een wetsartikel
weer. Achteraan een lid(onderdeel artikel) kun je een verwijzingsartikel vinden. Deze
verwijzingen staan tussen haakjes
1.6
Wetsartikelen mogen nooit aangehaald worden m.b.v. paginanummers. Elke
wettenbundel heeft een andere indeling, paginanummers zijn dus niet betrouwbaar.
Bij het aanhalen van een bepaling dient alleen het wetsartikel en de regeling vermeld te
worden, titels etc. worden niet vermeld.
Voorbeeld: art. 310 van het Wetboek van Strafrechtart. 310 Sr.
Als een wet uit meerdere boeken bestaat, moet je wel het nummer van het boek
vermelden het BW. Artikel 33 van BW 3 art. 3:33 BW.
Het Awb bestaat niet uit verschillende boeken, maar wel uit verschillende hoofdstukken.
Hier vermeld je dus ook het hoofdstuk. Artikel 2 van hoofdstuk 6 art. 6:2 Awb
Uitspreken:
Art. 3:33 BW artikel 33, boek 3 BW
Art. 6:2 Awb artikel 6, 2 Awb
Artikelen die samenhangen, jo ertussen.
Art. 3:33 BW jo art. 3:35 BW