Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 35 pages
Summary

Samenvatting Onderzoeksmethoden II TEW

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 35 pages

Uitgebreide samenvatting van het vak Onderzoeksmethoden II

Content preview

OM: samenvatting
H2: Goed marktonderzoek
2.1 Wat is goed onderzoek?
Kenmerken van goed marktonderzoek:

1. Toegepast onderzoek: beslissingsgericht en probleemoplossend
2. Empirisch: informatieverzameling
3. Systematisch
4. Objectief
5. Kritisch
6. Gecontroleerd en te controleren

Goed onderzoek = systematische, kritische en gecontroleerde procedure aan de hand waarvan
informatie wordt verzameld die ertoe leidt de onzekerheid m.b.t. beleidsbeslissingen te reduceren

 Onderzoek geeft nooit een oplossing maar het helpt om onzekerheden weg te nemen

Voorwaarden voor goed onderzoek:

1. Het doel is goed afgebakend (probleemstelling)
2. Onderzoeksprocedures exact beschrijven (maak herhaling mogelijk)
3. Juiste onderzoeksopzet
4. Beperkingen en fouten
5. Gegevensanalyse
6. Conclusies beperken tot wat je onderzocht hebt

Goede informatie is relevant en accuraat!

2.2 Wetenschappelijk karakter van marktonderzoek
3 kenmerken:

1. Theorievorming en modelopbouw
2. Validiteit
3. Betrouwbaarheid

Theorievorming en modelopbouw = kaderen in een bepaalde theorie hoe een bestudeerd deel van de
realiteit in elkaar zit; gebaseerd op een model

 Hypothesen formuleren (veronderstelling over de realiteit)
 Veel onderzoek is confidentieel
 Definitorische verwarring in sociale wetenschappen

Validiteit = meet je wat je zou willen meten?; vrij van systematische fouten/biases

Betrouwbaarheid = consistent; vrij van toevalsmatige fouten/random error

Als het niet betrouwbaar is, kan het NOOIT valide zijn!!

 MAAR het is niet omdat een onderzoek betrouwbaar is, dat het ook valide is
 Fundamenten voor goed onderzoek!

1

,2.2.1 Validiteit en betrouwbaarheid
4 stappen van meten:

1. De betekenis van een concept en construct verduidelijken a.d.h.v. een theoretische definitie
2. Een concept wordt vertegenwoordigd door een latente variabele(n)
3. Operationele definitie (procedures beschrijven) + manifeste of geobserveerde variabele(n)
4. Het meetmodel of structureel model legt de relaties tussen de latente variabelen en
geobserveerde variabelen

2 foutbronnen bij stap 4:

 Random fouten (conform betrouwbaarheid)
 Systematische fouten (conform validiteit)
Concept = een idee dat fenomenen onder één enkele term verenigt

 Puur theoretisch
 Kunnen we niet met het blote oog zien (bv. persoonlijkheid)

Latente variabele = de vertegenwoordigers van concepten in een
meetmodel

 Hoe gaan we dat meten? (is eigenlijk hetzelfde als concept)

Geobserveerde variabele = hetgeen in de vragenlijst staat

Meten = proces waarbij een concept gelinkt wordt aan 1 of meer latente variabelen en die worden
gelinkt aan geobserveerde variabelen

Interne validiteit = meet men wat men beoogt te meten?

Externa validiteit = veralgemeenbaar naar andere personen, tijden en/of situaties

2.2.2 Soorten interne validiteit
5 soorten:

Face validiteit = beoordeling van meetinstrument ‘op het zicht’ door niet-experten

 Pre-test bij een aantal mensen
 Evaluatie
o Zeer zwakke vorm van validiteit
o Zeer exploratief; altijd de eerste stap

Inhoudsvaliditeit = beoordeling van meetinstrument door experten op inhoudelijke correctheid

 Doe aan literatuuronderzoek (secundaire bronnen)
 Evaluatie
o Kwalitatief
o Groot probleem in marketing: geen overeenstemming in theoretische definities door
verschillende experten

Criterium gerelateerde validiteit = zoeken naar een criterium gerelateerd aan een concept

 Predictieve validiteit : voorspellende waarde van het meetinstrument naar de toekomst toe
 Concurrent/Gelijktijdige validiteit : voorspellende waarde naar het heden toe
 Evaluatie

2

, o Een geschikt criterium vinden kan gekwantificeerd worden (groot probleem)

Construct/Concept validiteit = construct wordt verwacht op een bepaalde manier te correleren met
andere constructen binnen een theorie

 Evaluatie: kan gekwantificeerd worden

Convergent- en discriminantvaliditeit

 Convergent: wanneer 1 of meer constructen, gemeten via 2 of meer methoden, overeenkomen
(hoog correleren)
 Discriminant: wanneer 2 of meer constructen, gemeten via minstens 1 methode, voldoende
verschillen van elkaar (correlatie ≠ 1 of -1)
 Gemeten via multitrait-multimethod design

Multitrait-multimethod design: voorbeeld

Multitrait = 5 constructen/traits worden gemeten van banken

 De ene groep via semantisch differentiaal, de andere via pick any methode

Methodes gaan correleren met elkaar dus bekijk convergent- en discriminantvaliditeit

 Convergent: kijk naar de rij semantisch differentiaal en kolom pick any methode
o T1 – T1 = 0,58 is niet slecht maar ook niet goed (moet hoog zijn!)
 Discriminant: kijk naar de rij en de kolom semantisch differentiaal
o T1 – T2 = 0,24 is goed (moet laag zijn!)

T1 die met zichzelf correleert moet HOGER zijn dan wanneer het met andere T’s correleert




Unidimensionaliteit = de correlatie tussen elk item/vraag en elke latente variabele/construct

 Moet hoog zijn tussen een item en de latente variabele dat het item moet meten
 Moet laag zijn tussen een item en alle andere latente variabelen

2.2.3 Soorten betrouwbaarheid
Test – hertest betrouwbaarheid

 Correlatie berekenen; stabiliteit van de meting nagaan
 Evaluatie:
o Niet te snel herhalen: herinneringseffect
o Niet te lang wachten: externe variabelen

Alternatieve vormen van betrouwbaarheid

 Items worden anders verwoord om herinneringseffect op te lossen bij test – hertest


3

,  Correlaties berekenen; stabiliteit van de meting nagaan
 Evaluatie: moeilijk om andere verwoording te vinden

Parallelle vormen van betrouwbaarheid (variant)

 Interessant bij observatiemethoden om verschillende observatoren te beoordelen

Interne consistentie betrouwbaarheid

 Hoe hangen de items, die samen een construct moeten meten, onderling samen?
 Cronbach’s coëfficiënt alpha

Cronbach’s alpha = de correlatie tussen deze schaal en alle andere mogelijke schalen (met eenzelfde
aantal items) geconstrueerd uit een hypothetisch universum van items die hetzelfde construct meten

 Getal tussen 0 en 1 (hoe meer items, hoe hoger)
 α > 0.95: probleem want de items zijn ongeveer dezelfde vraag
 α < 0.60: probleem

+ Naast validiteit en betrouwbaarheid zijn er ook operationele vereisten:

1. Doelmatigheid (efficiëntie van een procedure of meetinstrument)
2. Gebruiksgemak (moeilijkheidsgraad om het instrument te hanteren)
3. Interpreteerbaarheid (de mate waarin de onderzoeker zelf of andere personen de resultaten
gemakkelijk kunnen interpreteren)

2.2.4 Lineaire structurele modellen
Elk van deze methoden is niet echt correct wanneer toegepast vanuit de true score theorie want er
wordt geen rekening gehouden met systematische fouten

 Herdefiniëren van betrouwbaarheid en validiteit vanuit een structural equations benadering

2.3 Wanneer onderzoek doen en wanneer vermijden?
Goede redenen om onderzoek te vermijden als:

1. Niet gerelateerd aan concreet probleem
2. Geen onzekerheid
3. Vermindering eigen onzekerheid
4. Fishing expedition (verzamelen van gegevens uit nieuwsgierigheid)

Slechte redenen om onderzoek te vermijden:

1. Data overkill; er is zogezegd al voldoende onderzoek
2. Secundaire bronnen
3. Enkel voor belangrijke beslissingen
4. Controle verliezen
5. Ondervragen van grote hoeveelheden mensen
6. Duur
7. Verspilling
8. Glazen bol mythe (= onderzoek zal alles oplossen; niet zo in realiteit)
9. Saai




4

Document information

Study
Uploaded on
April 28, 2025
Number of pages
35
Written in
2022/2023
Type
Summary
$7.20

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
hannedewint
3.0
(1)
Sold
4
Followers
0
Items
10
Last sold
5 months ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions