VTV college 1
Observatiepunten en acties
-Algehele conditie en uithoudingsvermogen
-Mobiliteitsklasse
-Pijn
-Mondslijmvlies
-Haarconditie
-Huid
-Abdomen
-Conditie nagels
-Bewegelijkheid gewrichten
-Bijzonderheden
Beroepsziekten door fysieke belasting
-Hernia nuclei pulosi (HNP)
-Uitstulping van de zachte kern van de tussenwervelschijf door de kraakbeering,
geeft zenuwprikkeling
-Ischias
-Ontsteking van de grote beenzenuw
-Lumbago/spit
-Lage rugpijn door reactie van spieren op overbelasting
-Schouderklachten
Rijregels
-Gebruik maken van lichaamsgewicht
-Naar voren hangen -> duwen
-Naar achteren hangen -> trekken
-Duw en draai nooit tegelijk
-Bij draaien, loop om met het opbject heen en neem object in die beweging mee
-Gebruik voeten op onderstel
-Beweeg gelijkmatig en rustig
-3-sec-regel
-Keep ‘m Rolling
Dynamisch & Statisch
Dynamische belasting
-Alle belasting die ontstaat bij het bewegen en verplaatsen van een draaglast (de
patient). De last die je mag en kan dragen is beperkt
Statische belasting
Langer dan 30 seconden! in een belastende houding staan.
Voorovergebogen romp >30°
Gedraaide romp
,Overstrekte knieën
Spanning in schouders en nek
Wetgeving
ARBO WET (CAO)
-Ziekteverzuim terugbrengen
-Egocoach
-Protocollen
-Max 23 kg tillen
Benaderingswijze
Haptonomie:
-Communicatie verbaal en non-verbaal
-Lichaamshouding
-Ruimte geven voor beweging
-Rust
-Uitnodigen tot beweging
-Aanraking (gevoel) -> impuls geven
-Niet knijpen in ledematen
Basistechnieken
Protocol
Zorg voor ruimte
Juiste werkhoogte
Werk vanuit de benen:
Spreidstand/schredestand/gecombineerde stand
Verplaats je gewicht in de richting van de beweging
Niet tegen zwaartekracht in verplaatsen
Last dicht bij jezelf, dicht bij de borst, lastarm
Gebruik hefboom
Inzet patiënt, maak afspraken, commando
Bij statische belasting, verandering houding
Adviezen en richtlijnen voor het verplaatsen van patiënten/veiligheid
Bed op werkhoogte
Bedhekken: uitgangspunt => Bed laag/bedhek
laag
Bij manoeuvre: bedhek hoog aan t.o. gestelde
zijde, bed omhoog
Hulpmiddelen inzetten afhankelijk van
mobiliteitsklasse
Faciliteren, klein maken, kin op de borst.
BIJ VERLATEN PATIËNT ALTIJD BED LAAG
,Definitie transfertechniek
Door middel van de
juiste benadering (haptonomie), houding en techniek (kinesiologie) de patiënt verplaatsen,
waarbij de patiënt in staat wordt gesteld met minimale hulp van de zorgverlener zoveel
mogelijk zelf te doen
Mobiliteitsklasse A
Zelfstandig
Actief
Onderhouden van mobiliteit
Hulpmiddelen w.o.:
Stok
Sta-op hulp
‘Armpie-door’
Beugels
Mobiliteitsklasse B
Vrijwel zelfstandig
Hulp geven
Aanwijzingen of richting geven
bij het opstaan.
Kleine hulpmiddelen bijv.:
Papegaai
Touwladder
Toiletverhoger
Opstahulp
Looprek
Rollator
Mobiliteitsklasse C
Cliënt zelf (beperkt) actief
Hulpmiddelen
Kunnen zelf niet opstaan,
meestal rolstoelgebonden
Rompbalans aanwezig
Steun op één been
Hulpmiddelen bijv.:
Actieve lift
Glijzeil
Papagaai
, Mobiliteitesklasse D
Rolstoelafhankelijk
Transfers en ADL niet zelfstandig.
Hulpmiddelen die de handeling geheel
overnemen.
Rompbalans afwezig.
Kunnen niet staan, ook niet ‘even’
Stimulatie ADL van groot belang
Hulpmiddelen bijv.:
Glijzeil
Passieve lift
Douchebrancard
Glijplank
Mobiliteitsklasse E
Passief
Geheel bedlegerig
Volledig afhankelijk
Vaak stijf, contracturen
Stimulatie is geen doel
Hulpmiddelen bijv.:
Passieve lift
Glijzeil
Douchebrancard
Glijplank
Niet bewegen (bv in bed), grote kans op hypostatische pneunonie
Hypostatische pnuemonie
Verschijnselen
Algehele malaise
Benauwdheid
Koorts
(groen) sputum opgeven
Preventie
Doorzuchten
Ophoesten
Pijnbestrijding
Mobiliseren
Wisselligging
(pijn) medicatie
Observatiepunten en acties
-Algehele conditie en uithoudingsvermogen
-Mobiliteitsklasse
-Pijn
-Mondslijmvlies
-Haarconditie
-Huid
-Abdomen
-Conditie nagels
-Bewegelijkheid gewrichten
-Bijzonderheden
Beroepsziekten door fysieke belasting
-Hernia nuclei pulosi (HNP)
-Uitstulping van de zachte kern van de tussenwervelschijf door de kraakbeering,
geeft zenuwprikkeling
-Ischias
-Ontsteking van de grote beenzenuw
-Lumbago/spit
-Lage rugpijn door reactie van spieren op overbelasting
-Schouderklachten
Rijregels
-Gebruik maken van lichaamsgewicht
-Naar voren hangen -> duwen
-Naar achteren hangen -> trekken
-Duw en draai nooit tegelijk
-Bij draaien, loop om met het opbject heen en neem object in die beweging mee
-Gebruik voeten op onderstel
-Beweeg gelijkmatig en rustig
-3-sec-regel
-Keep ‘m Rolling
Dynamisch & Statisch
Dynamische belasting
-Alle belasting die ontstaat bij het bewegen en verplaatsen van een draaglast (de
patient). De last die je mag en kan dragen is beperkt
Statische belasting
Langer dan 30 seconden! in een belastende houding staan.
Voorovergebogen romp >30°
Gedraaide romp
,Overstrekte knieën
Spanning in schouders en nek
Wetgeving
ARBO WET (CAO)
-Ziekteverzuim terugbrengen
-Egocoach
-Protocollen
-Max 23 kg tillen
Benaderingswijze
Haptonomie:
-Communicatie verbaal en non-verbaal
-Lichaamshouding
-Ruimte geven voor beweging
-Rust
-Uitnodigen tot beweging
-Aanraking (gevoel) -> impuls geven
-Niet knijpen in ledematen
Basistechnieken
Protocol
Zorg voor ruimte
Juiste werkhoogte
Werk vanuit de benen:
Spreidstand/schredestand/gecombineerde stand
Verplaats je gewicht in de richting van de beweging
Niet tegen zwaartekracht in verplaatsen
Last dicht bij jezelf, dicht bij de borst, lastarm
Gebruik hefboom
Inzet patiënt, maak afspraken, commando
Bij statische belasting, verandering houding
Adviezen en richtlijnen voor het verplaatsen van patiënten/veiligheid
Bed op werkhoogte
Bedhekken: uitgangspunt => Bed laag/bedhek
laag
Bij manoeuvre: bedhek hoog aan t.o. gestelde
zijde, bed omhoog
Hulpmiddelen inzetten afhankelijk van
mobiliteitsklasse
Faciliteren, klein maken, kin op de borst.
BIJ VERLATEN PATIËNT ALTIJD BED LAAG
,Definitie transfertechniek
Door middel van de
juiste benadering (haptonomie), houding en techniek (kinesiologie) de patiënt verplaatsen,
waarbij de patiënt in staat wordt gesteld met minimale hulp van de zorgverlener zoveel
mogelijk zelf te doen
Mobiliteitsklasse A
Zelfstandig
Actief
Onderhouden van mobiliteit
Hulpmiddelen w.o.:
Stok
Sta-op hulp
‘Armpie-door’
Beugels
Mobiliteitsklasse B
Vrijwel zelfstandig
Hulp geven
Aanwijzingen of richting geven
bij het opstaan.
Kleine hulpmiddelen bijv.:
Papegaai
Touwladder
Toiletverhoger
Opstahulp
Looprek
Rollator
Mobiliteitsklasse C
Cliënt zelf (beperkt) actief
Hulpmiddelen
Kunnen zelf niet opstaan,
meestal rolstoelgebonden
Rompbalans aanwezig
Steun op één been
Hulpmiddelen bijv.:
Actieve lift
Glijzeil
Papagaai
, Mobiliteitesklasse D
Rolstoelafhankelijk
Transfers en ADL niet zelfstandig.
Hulpmiddelen die de handeling geheel
overnemen.
Rompbalans afwezig.
Kunnen niet staan, ook niet ‘even’
Stimulatie ADL van groot belang
Hulpmiddelen bijv.:
Glijzeil
Passieve lift
Douchebrancard
Glijplank
Mobiliteitsklasse E
Passief
Geheel bedlegerig
Volledig afhankelijk
Vaak stijf, contracturen
Stimulatie is geen doel
Hulpmiddelen bijv.:
Passieve lift
Glijzeil
Douchebrancard
Glijplank
Niet bewegen (bv in bed), grote kans op hypostatische pneunonie
Hypostatische pnuemonie
Verschijnselen
Algehele malaise
Benauwdheid
Koorts
(groen) sputum opgeven
Preventie
Doorzuchten
Ophoesten
Pijnbestrijding
Mobiliseren
Wisselligging
(pijn) medicatie