Bedrijfseconomie
Hoofdstuk 22 + 23
Marketing
Doelen van marketing: informeren doelgroep, creëren van een markt.
Waardepropositie: functionele voordelen voor klant en nadelen ?
Klantwaarde = wat het voor de klant betekent zolang hij bezit over het product ?
Klantwaardepropositie = alle aspecten van een product waar een klant voor wil betalen,
bepaald daarmee hoeveel het bedrijf verdient. ?
Vijfkrachtenmodel
Model van Porter is om de aantrekkelijkheid van een bedrijfstak te zien. Is afhankelijk van:
leveranciers, kopers, potentiele toetreders, concurrentie, substituten.
Verticale concurrentie: onderhandelingsmacht van kopers en leveranciers
Horizontale concurrentie: potentiele toetreders, bedrijfstakconcurrentie, aanbieders van substituten.
Concurrentie binnen bedrijfstak ligt aan:
- aantal concurrenten
- verschillen tussen de producten (productdifferentiatie)
- marktcapaciteit (is de markt al vol)
Potentiele toetreders ligt aan:
- is er veel vermogen nodig om onderneming te beginnen (kapitaalintensiteit)
- schaalvoordelen (kan het ook met een kleine productie)
- toegang tot distributiekanalen (of wetgeving)
substituten = alternatief product dat originele product kan vervangen.
Of mensen het kopen hangt af van: prijs, beschikbaarheid over info, is er belang naar in een groep.
Waarde strategiemodel
Model van treacy en Wiersema vinden dat een bedrijf goed loopt als: een strategie uitblinkt en de
andere strategieën een basisniveau hebben ?
Productleiderschap = focus ligt op maken van beste product
Operationele uitmuntendheid = optimaliseren van bedrijfsprocessen voor zo laag mogelijke kosten.
Klantenpartnerschap = klanttevredenheid het beste.
Gap = verschil tussen werkelijke en gewenste plek in waardestrategiemodel.
marketing
Marketinginstrumenten: product, prijs, plaats, promotie. (marketingmix = samenhang hiervan)
Homogene deelmarkt = leden reageren op dezelfde p ?
Marktsegmentatie = onderneming splitst markt op in kleinere delen (homogene) ?
Ongedifferentieerde marketing = brengt van product maar 1 variant op de markt
, Gedifferentieerde marketing = brengt wel verschillende varianten op markt
Geconcentreerde marketing = richt onderneming zich op enkele deelmarkt.
Hoofdstuk 24, product en prijs
Hoofdstuk 22 + 23
Marketing
Doelen van marketing: informeren doelgroep, creëren van een markt.
Waardepropositie: functionele voordelen voor klant en nadelen ?
Klantwaarde = wat het voor de klant betekent zolang hij bezit over het product ?
Klantwaardepropositie = alle aspecten van een product waar een klant voor wil betalen,
bepaald daarmee hoeveel het bedrijf verdient. ?
Vijfkrachtenmodel
Model van Porter is om de aantrekkelijkheid van een bedrijfstak te zien. Is afhankelijk van:
leveranciers, kopers, potentiele toetreders, concurrentie, substituten.
Verticale concurrentie: onderhandelingsmacht van kopers en leveranciers
Horizontale concurrentie: potentiele toetreders, bedrijfstakconcurrentie, aanbieders van substituten.
Concurrentie binnen bedrijfstak ligt aan:
- aantal concurrenten
- verschillen tussen de producten (productdifferentiatie)
- marktcapaciteit (is de markt al vol)
Potentiele toetreders ligt aan:
- is er veel vermogen nodig om onderneming te beginnen (kapitaalintensiteit)
- schaalvoordelen (kan het ook met een kleine productie)
- toegang tot distributiekanalen (of wetgeving)
substituten = alternatief product dat originele product kan vervangen.
Of mensen het kopen hangt af van: prijs, beschikbaarheid over info, is er belang naar in een groep.
Waarde strategiemodel
Model van treacy en Wiersema vinden dat een bedrijf goed loopt als: een strategie uitblinkt en de
andere strategieën een basisniveau hebben ?
Productleiderschap = focus ligt op maken van beste product
Operationele uitmuntendheid = optimaliseren van bedrijfsprocessen voor zo laag mogelijke kosten.
Klantenpartnerschap = klanttevredenheid het beste.
Gap = verschil tussen werkelijke en gewenste plek in waardestrategiemodel.
marketing
Marketinginstrumenten: product, prijs, plaats, promotie. (marketingmix = samenhang hiervan)
Homogene deelmarkt = leden reageren op dezelfde p ?
Marktsegmentatie = onderneming splitst markt op in kleinere delen (homogene) ?
Ongedifferentieerde marketing = brengt van product maar 1 variant op de markt
, Gedifferentieerde marketing = brengt wel verschillende varianten op markt
Geconcentreerde marketing = richt onderneming zich op enkele deelmarkt.
Hoofdstuk 24, product en prijs