Persoon en vermogen
Rechtssubject en vermogen
Rechtssubject is drager van vermogensrechtelijke rechten en plichten.
Vermogen bestaat uit iemands op geld waardeerbare rechten en plichten.
- Geen sociale en morele verplichtingen
Objectief en subjectief recht
Aanspraken van personen zijn ontleend aan het objectieve recht: het geheel van
rechtsregels dat in een bepaalde samenleving geldt.
Deze regels zijn met name gecodificeerd in het Burgerlijk Wetboek (in Nederland eerste
codificatie in 1809; huidige BW stamt grotendeels uit 1992).
Rol van het objectieve recht
Bepaalt:
1. Wie rechtssubject is:
- Natuurlijke personen (zelfs een ongeborene) + rechtspersonen
2. Welke subjectieve rechten/bevoegdheden een persoon kan hebben:
- Recht om datgene met een zaak te doen wat men wil
- Recht om een uitgeleende geldsom terug te vorderen
Gelaagde structuur BW
Vermogensrecht
- Vermogensrecht in het algemeen (Boek 3)
o Erfrecht (Boek 4)
o Zakelijke rechten (Boek 5)
o Verbintenissenrecht (Boek 6)
Bijzondere overeenkomsten (Boek 7 en Boek 7a)
Personenrecht: natuurlijk persoon (Boek 1) of rechtspersoon (Boek 2)
Inhoud vermogen
1. Absolute rechten
2. Relatieve rechten/persoonlijke rechten
3. Verplichtingen/schulden
Een vorderingsrecht is een recht tegen een persoon en niet tegen een goed.
Je kan alleen maar eigenaar zijn van zaken, dingen die tastbaar zijn. Geld op een
bankrekening is een relatief recht tussen jou en de bank.
, Betaling is verbintenisrechtelijk niet van belang. In een restaurant word je eerst eigenaar van
het eten en daarna moet je pas betalen.
Verbintenissenrecht
Verbintenis is een rechtsband tussen 2 personen.
- Schuldeiser/crediteur heeft een recht ten opzichte van een andere persoon
- Schuldenaar/debiteur heeft een daarmee corresponderende verplichting
Hoe ontstaan verbintenissen?
‘’Verbintenissen kunnen slechts ontstaan, indien dit uit de wet voortvloeit.’’ (art. 6:1 BW).
Toch een open stelsel.
Bron van verbintenissen
- Overeenkomst (6:213 BW)
- Onrechtmatige daad (6:162 BW)
- Overig: rechtmatige daden (zaakwaarneming/onverschuldigde
betaling/onrechtvaardigde verrijking)
Goederenrecht
Recht van een persoon op een bepaald goed. Goederenrechtelijke werking/werking
tegenover de rest van de wereld: gesloten stelsel (numerus clausus)
Categorieën
1. Eigendomsrecht
2. Beperkte rechten
- Art. 3:81 lid 1 BW: Hij aan wie een zelfstandig en overdraagbaar recht toekomt, kan
(…) de in de wet genoemde beperkte rechten vestigen.
Contractenrecht: iedereen mag de afspraken binnen een contract zelf bepalen
Goederenrecht: wanneer de wet dat bepaalt, heb je pas een recht op een goed
Eigendomsrecht/beperkte rechten
Art. 5:1 lid 1 BW: meest omvattende recht dat een persoon op een zaak kan hebben.
(gebruik/vruchten trekken/beschikken).
Beperkte rechten (art. 3:8 BW)
- Genotsrechten (vruchtgebruik/erfdienstbaarheid/erfpacht/opstal)
- Zekerheidsrechten (pand/hypotheek)
Speciale kenmerken goederenrecht
- Recht op een goed (vs. recht tegen een persoon)
- Werking erga omnes (recht tegenover allen)
- Droit de suite (meteen werkend recht) en droit de préférence (voorrangsrecht)
- Publiciteit
Rechtssubject en vermogen
Rechtssubject is drager van vermogensrechtelijke rechten en plichten.
Vermogen bestaat uit iemands op geld waardeerbare rechten en plichten.
- Geen sociale en morele verplichtingen
Objectief en subjectief recht
Aanspraken van personen zijn ontleend aan het objectieve recht: het geheel van
rechtsregels dat in een bepaalde samenleving geldt.
Deze regels zijn met name gecodificeerd in het Burgerlijk Wetboek (in Nederland eerste
codificatie in 1809; huidige BW stamt grotendeels uit 1992).
Rol van het objectieve recht
Bepaalt:
1. Wie rechtssubject is:
- Natuurlijke personen (zelfs een ongeborene) + rechtspersonen
2. Welke subjectieve rechten/bevoegdheden een persoon kan hebben:
- Recht om datgene met een zaak te doen wat men wil
- Recht om een uitgeleende geldsom terug te vorderen
Gelaagde structuur BW
Vermogensrecht
- Vermogensrecht in het algemeen (Boek 3)
o Erfrecht (Boek 4)
o Zakelijke rechten (Boek 5)
o Verbintenissenrecht (Boek 6)
Bijzondere overeenkomsten (Boek 7 en Boek 7a)
Personenrecht: natuurlijk persoon (Boek 1) of rechtspersoon (Boek 2)
Inhoud vermogen
1. Absolute rechten
2. Relatieve rechten/persoonlijke rechten
3. Verplichtingen/schulden
Een vorderingsrecht is een recht tegen een persoon en niet tegen een goed.
Je kan alleen maar eigenaar zijn van zaken, dingen die tastbaar zijn. Geld op een
bankrekening is een relatief recht tussen jou en de bank.
, Betaling is verbintenisrechtelijk niet van belang. In een restaurant word je eerst eigenaar van
het eten en daarna moet je pas betalen.
Verbintenissenrecht
Verbintenis is een rechtsband tussen 2 personen.
- Schuldeiser/crediteur heeft een recht ten opzichte van een andere persoon
- Schuldenaar/debiteur heeft een daarmee corresponderende verplichting
Hoe ontstaan verbintenissen?
‘’Verbintenissen kunnen slechts ontstaan, indien dit uit de wet voortvloeit.’’ (art. 6:1 BW).
Toch een open stelsel.
Bron van verbintenissen
- Overeenkomst (6:213 BW)
- Onrechtmatige daad (6:162 BW)
- Overig: rechtmatige daden (zaakwaarneming/onverschuldigde
betaling/onrechtvaardigde verrijking)
Goederenrecht
Recht van een persoon op een bepaald goed. Goederenrechtelijke werking/werking
tegenover de rest van de wereld: gesloten stelsel (numerus clausus)
Categorieën
1. Eigendomsrecht
2. Beperkte rechten
- Art. 3:81 lid 1 BW: Hij aan wie een zelfstandig en overdraagbaar recht toekomt, kan
(…) de in de wet genoemde beperkte rechten vestigen.
Contractenrecht: iedereen mag de afspraken binnen een contract zelf bepalen
Goederenrecht: wanneer de wet dat bepaalt, heb je pas een recht op een goed
Eigendomsrecht/beperkte rechten
Art. 5:1 lid 1 BW: meest omvattende recht dat een persoon op een zaak kan hebben.
(gebruik/vruchten trekken/beschikken).
Beperkte rechten (art. 3:8 BW)
- Genotsrechten (vruchtgebruik/erfdienstbaarheid/erfpacht/opstal)
- Zekerheidsrechten (pand/hypotheek)
Speciale kenmerken goederenrecht
- Recht op een goed (vs. recht tegen een persoon)
- Werking erga omnes (recht tegenover allen)
- Droit de suite (meteen werkend recht) en droit de préférence (voorrangsrecht)
- Publiciteit