Het recht
Objectief recht: het geheel van geldende regels, geldt voor iedereen (ook verdragen,
jurisprudentie, gewoonterecht)
Subjectief recht: rechtsregels die voor bepaalde mensen gelden
Er zijn meerdere functies voor het recht:
o Normatieve functie: gedragsregels geven
o Geschil oplossende functie: rechter lost het geschil op
o Additionele functie: aanvullende functie, zelf moeten regelen als er niks is
o Instrumentele functie: wordt gebruikt om behoeften te vervullen
Formeel recht: het proces; materieel recht: de regels, inhoudelijk
4 stappenplan: Rechtsvraag, dan regelgeving bekijken, toepassen, conclusie
Soorten rechtshandelingen
Je hebt verschillende soorten rechtshandelingen:
1. Als de handeling een rechtsgevolg heeft ZONDER dat je dit wilde is het een rechtsfeit
2. Als de handeling een BEOOGD rechtsgevolg heeft is het een rechtshandeling
3. Je hebt een meerzijdige rechtshandeling= overeenkomst, beide partijen hebben
rechten en plichten hiermee
4. Je hebt ook een eenzijdige rechtshandeling= schenkingsovereenkomst, maar 1 partij
heeft hier rechten en plichten bij gekregen
Verbintenissenrecht
Verbintenis scheppende overeenkomst: schept rechten en plichten voor beide partijen
Een rechtsgeldig aanbod: als er geen onderhandeling is over de prijs/ heel concrete prijs, dan
is het een rechtsgeldig aanbod
Een overeenkomst komt tot stand met een aanbod en een aanvaarding ervan (art
3:33 BW)
, Overeenkomst die niet tot stand komt
Wilsgebreken: ontbreken van de wil. Situatie: Wil en verklaring sluiten wel op elkaar aan -->
Wil is op gebrekkige wijze tot stand gekomen --> Overeenkomst is vernietigbaar
Bedrog (art 3:44 BW): iemand ertoe brengen een bepaalde rechtshandeling te verrichten
onder invloed van het opzettelijk geven van valse informatie of van het verzwijgen van de
juiste informatie of een andere truc (bij bedrog is het met opzet en kan je schadevergoeding
krijgen)
Dwaling (art 6:228 BW): een wilsgebrek waarbij een persoon een overeenkomst is aangegaan
met een onjuiste voorstelling van zaken, terwijl hij de overeenkomst niet zou zijn aangegaan
als hij op de hoogte was van de juiste feiten (bij dwaling is geen sprake van opzet)
Voorwaarden bij beroep op dwaling:
1. De wederpartij is op een of andere manier betrokken bij dwaling (onjuiste info,
verzwijgen van info, beide partijen dwalen over de werkelijke situatie)
2. De dwaling moet gaan over de situatie op het moment van de overeenkomst. Het
mag dus niet meer gaan over een toekomstverwachting
3. De dwalende partij moet d.m.v. onderzoek haar best hebben om niet te dwalen, dus
als de dwaler met meer onderzoek het had kunnen voorkomen, kan hij geen gebruik
maken van wilsgebrek, dit noemen we onderzoek plicht van de wederpartij
Een overeenkomst komt niet tot stand als:
Opdrachten
Als een overeenkomst niet wordt nagekomen, kan je bepaalde dingen doen:
Nakoming vorderen
Overeenkomst ontbinden
Vervangende schadevergoeding vorderen
Aanvullende schadevergoeding
Combinatie van bovenstaande
Verbintenissenrecht
Verbintenissenrecht: persoon staat centraal: koopfase en is relatief recht
Onrechtmatige daad: wanneer je inbreuk maakt op iemand anders recht (art 6:162 lid 2 BW)
Objectief recht: het geheel van geldende regels, geldt voor iedereen (ook verdragen,
jurisprudentie, gewoonterecht)
Subjectief recht: rechtsregels die voor bepaalde mensen gelden
Er zijn meerdere functies voor het recht:
o Normatieve functie: gedragsregels geven
o Geschil oplossende functie: rechter lost het geschil op
o Additionele functie: aanvullende functie, zelf moeten regelen als er niks is
o Instrumentele functie: wordt gebruikt om behoeften te vervullen
Formeel recht: het proces; materieel recht: de regels, inhoudelijk
4 stappenplan: Rechtsvraag, dan regelgeving bekijken, toepassen, conclusie
Soorten rechtshandelingen
Je hebt verschillende soorten rechtshandelingen:
1. Als de handeling een rechtsgevolg heeft ZONDER dat je dit wilde is het een rechtsfeit
2. Als de handeling een BEOOGD rechtsgevolg heeft is het een rechtshandeling
3. Je hebt een meerzijdige rechtshandeling= overeenkomst, beide partijen hebben
rechten en plichten hiermee
4. Je hebt ook een eenzijdige rechtshandeling= schenkingsovereenkomst, maar 1 partij
heeft hier rechten en plichten bij gekregen
Verbintenissenrecht
Verbintenis scheppende overeenkomst: schept rechten en plichten voor beide partijen
Een rechtsgeldig aanbod: als er geen onderhandeling is over de prijs/ heel concrete prijs, dan
is het een rechtsgeldig aanbod
Een overeenkomst komt tot stand met een aanbod en een aanvaarding ervan (art
3:33 BW)
, Overeenkomst die niet tot stand komt
Wilsgebreken: ontbreken van de wil. Situatie: Wil en verklaring sluiten wel op elkaar aan -->
Wil is op gebrekkige wijze tot stand gekomen --> Overeenkomst is vernietigbaar
Bedrog (art 3:44 BW): iemand ertoe brengen een bepaalde rechtshandeling te verrichten
onder invloed van het opzettelijk geven van valse informatie of van het verzwijgen van de
juiste informatie of een andere truc (bij bedrog is het met opzet en kan je schadevergoeding
krijgen)
Dwaling (art 6:228 BW): een wilsgebrek waarbij een persoon een overeenkomst is aangegaan
met een onjuiste voorstelling van zaken, terwijl hij de overeenkomst niet zou zijn aangegaan
als hij op de hoogte was van de juiste feiten (bij dwaling is geen sprake van opzet)
Voorwaarden bij beroep op dwaling:
1. De wederpartij is op een of andere manier betrokken bij dwaling (onjuiste info,
verzwijgen van info, beide partijen dwalen over de werkelijke situatie)
2. De dwaling moet gaan over de situatie op het moment van de overeenkomst. Het
mag dus niet meer gaan over een toekomstverwachting
3. De dwalende partij moet d.m.v. onderzoek haar best hebben om niet te dwalen, dus
als de dwaler met meer onderzoek het had kunnen voorkomen, kan hij geen gebruik
maken van wilsgebrek, dit noemen we onderzoek plicht van de wederpartij
Een overeenkomst komt niet tot stand als:
Opdrachten
Als een overeenkomst niet wordt nagekomen, kan je bepaalde dingen doen:
Nakoming vorderen
Overeenkomst ontbinden
Vervangende schadevergoeding vorderen
Aanvullende schadevergoeding
Combinatie van bovenstaande
Verbintenissenrecht
Verbintenissenrecht: persoon staat centraal: koopfase en is relatief recht
Onrechtmatige daad: wanneer je inbreuk maakt op iemand anders recht (art 6:162 lid 2 BW)