Les 1 introductie rekenen en wiskunde hele getallen
De inhoud van het rekenonderwijs
- Hele getallen
- Meten en meetkunde
- Breuken, kommagetallen procenten en verhoudingen (BKPV)
- Verbanden
Realistisch rekenonderwijs
- Sluit aan bij hoe leerlingen leren
- Leerlingen kunnen zich iets voorstellen bij de aangeboden leerstof’
1
, Les 2 Ontluikende gecijferdheid en tellen
Didactische opbouw
Context Model Formeel
Realistisch vraagstuk dat - Schematische Kale sommen
aansluit bij de weergave
belevingswereld van de - Meestal een plaatje
leerlingen. - Brug tussen concreet
en formeel
Betekenissen/ functies van getallen
- Hoeveelheidsgetal/ kardinaal getal -> resultaat van een telling
- Telgetal/ ordinaal getal -> getal wordt gebruikt te tellen, niet om het te bepalen van
het aantal
- Meetgetal -> getal wordt als maat gebruikt
- Naamgetal -> getal wordt als naam gebruikt
- Rekengetal -> formeel getal dat wordt gebruikt mee te rekenen
Ontluikende gecijferdheid
Proces waarbij kinderen grotendeels op eigen kracht geleidelijk meer besef krijgen van de
verschillende betekenissen en gebruikswijzen van getallen, en de samenhang daartussen.
Verschillende vormen van tellen
- Akoestisch tellen -> opzeggen van de telrij
- Asynchroon tellen -> een-voor-een tellen waarbij hardop tellen niet gelijktijdig
verloopt met het aanwijzen van voorwerpen. Hulpmiddel: wegleggen/ organiseren.
- Synchroon tellen -> een-voor-een tellen van voorwerpen
- Resultatief tellen -> tellen om aantallen te bepalen
Twee manieren:
- Een-voor-een-tellen van hoeveelheden
- Subiteren -> het aantal ineens herkennen
- Verkort tellen -> tellen met behulp van structuren, bijvoorbeeld doortellen
Representeren/ symboliseren
- Met telbare representaties zoals vingers
- Met cijfersymbolen
Getalbegrip stimuleren
Rijke leeromgeving
2
De inhoud van het rekenonderwijs
- Hele getallen
- Meten en meetkunde
- Breuken, kommagetallen procenten en verhoudingen (BKPV)
- Verbanden
Realistisch rekenonderwijs
- Sluit aan bij hoe leerlingen leren
- Leerlingen kunnen zich iets voorstellen bij de aangeboden leerstof’
1
, Les 2 Ontluikende gecijferdheid en tellen
Didactische opbouw
Context Model Formeel
Realistisch vraagstuk dat - Schematische Kale sommen
aansluit bij de weergave
belevingswereld van de - Meestal een plaatje
leerlingen. - Brug tussen concreet
en formeel
Betekenissen/ functies van getallen
- Hoeveelheidsgetal/ kardinaal getal -> resultaat van een telling
- Telgetal/ ordinaal getal -> getal wordt gebruikt te tellen, niet om het te bepalen van
het aantal
- Meetgetal -> getal wordt als maat gebruikt
- Naamgetal -> getal wordt als naam gebruikt
- Rekengetal -> formeel getal dat wordt gebruikt mee te rekenen
Ontluikende gecijferdheid
Proces waarbij kinderen grotendeels op eigen kracht geleidelijk meer besef krijgen van de
verschillende betekenissen en gebruikswijzen van getallen, en de samenhang daartussen.
Verschillende vormen van tellen
- Akoestisch tellen -> opzeggen van de telrij
- Asynchroon tellen -> een-voor-een tellen waarbij hardop tellen niet gelijktijdig
verloopt met het aanwijzen van voorwerpen. Hulpmiddel: wegleggen/ organiseren.
- Synchroon tellen -> een-voor-een tellen van voorwerpen
- Resultatief tellen -> tellen om aantallen te bepalen
Twee manieren:
- Een-voor-een-tellen van hoeveelheden
- Subiteren -> het aantal ineens herkennen
- Verkort tellen -> tellen met behulp van structuren, bijvoorbeeld doortellen
Representeren/ symboliseren
- Met telbare representaties zoals vingers
- Met cijfersymbolen
Getalbegrip stimuleren
Rijke leeromgeving
2