Klinische Pathologie, 4e druk, H12, Huid, thermobalans en wonden
INLEIDING
• Kerntemperatuurregeling:
De hypothalamus handhaaft een temperatuur van 36-37,5°C in diepgelegen organen. Dit wordt
bereikt door de warmteafgifte via huid en slijmvliezen af te stemmen op de warmteproductie.
o Vaatvernauwing: Vermindert warmteafgifte.
o Vaatverwijding: Verhoogt warmteafgifte.
• Bescherming door de huid:
De huid beschermt het lichaam tegen uitdroging en micro-organismen. Bij (brand)wonden
verzwakt deze barrière, wat kan leiden tot:
o Dehydratie (vooral bij grote brandwonden).
o Infecties bij besmette wonden.
• Huidverkleuringen:
Zowel afwijkende temperaturen als verwondingen kunnen huidverkleuringen veroorzaken:
o Rode huid kan voorkomen bij een warme omgeving, tweedegraads verbranding en
wondinfecties.
• Aandoeningen/afwijkingen in het hoofdstuk:
Het hoofdstuk beschrijft de volgende onderwerpen:
o Hypothermie (onderkoeling).
o Koorts en hyperthermie.
o Verbrandingen.
o Wonden (inclusief tetanus).
12.1 HUID EN THERMOBALANS: HUID
• Opbouw van de huid:
De huid bestaat uit drie lagen:
. Epidermis (opperhuid):
▪ Nieuwe cellen worden voortdurend gevormd door mitose.
▪ Richting het oppervlak verliezen de cellen hun celkenmerken en vormen een
droog, schilferend hoornlaagje.
▪ Bacteriën moeten overleven zonder water en worden samen met huidschilfers
afgevoerd.
▪ Haarwortels zijn inkepingen van de epidermis in de lederhuid en produceren
haren in plaats van hoornschilfers.
. Dermis (lederhuid):
▪ Bestaat uit sterke vezels die de huid stevigheid geven.
▪ Bevat bloedvaatjes, zenuwen en haarwortels.
▪ Capillairen in de papillen voeden het vaatloze epitheel met vocht en
voedingsstoffen.
1
, Klinische Pathologie, 4e druk, H12, Huid, thermobalans en wonden
▪ Dieper in de dermis bevinden zich receptoren en zenuwen, die gevoelig zijn voor
prikkels zoals tweedegraads verbrandingen.
. Subcutis (onderhuids bindweefsel):
▪ Een isolerende speklaag die tevens als vetreserve dient.
▪ Zorgt voor beweeglijkheid van de huid ten opzichte van de onderliggende
structuren.
▪ Geeft het vrouwenlichaam ronde vormen en is dikker dan de lederhuid en
opperhuid samen.
THERMOBALANS
• Optimale temperatuur:
o Chemische processen verlopen langzamer bij lage temperaturen.
o Menselijke enzymen functioneren het beste rond 37°C.
o Boven 42°C coaguleren bloedeiwitten, vergelijkbaar met een ei in een koekenpan.
o De hypothalamus handhaaft een kerntemperatuur van ongeveer 37°C in diepe organen,
terwijl de huidtemperatuur lager is om warmteverlies te beperken.
• Warmteregulatie:
o Kerntemperatuur:
▪ Rectaal goed te meten; redelijk betrouwbaar in de gehoorgang.
▪ De hypothalamus past de kerntemperatuur aan via:
▪ Vasoconstrictie: Vermindert warmteafgifte.
2
INLEIDING
• Kerntemperatuurregeling:
De hypothalamus handhaaft een temperatuur van 36-37,5°C in diepgelegen organen. Dit wordt
bereikt door de warmteafgifte via huid en slijmvliezen af te stemmen op de warmteproductie.
o Vaatvernauwing: Vermindert warmteafgifte.
o Vaatverwijding: Verhoogt warmteafgifte.
• Bescherming door de huid:
De huid beschermt het lichaam tegen uitdroging en micro-organismen. Bij (brand)wonden
verzwakt deze barrière, wat kan leiden tot:
o Dehydratie (vooral bij grote brandwonden).
o Infecties bij besmette wonden.
• Huidverkleuringen:
Zowel afwijkende temperaturen als verwondingen kunnen huidverkleuringen veroorzaken:
o Rode huid kan voorkomen bij een warme omgeving, tweedegraads verbranding en
wondinfecties.
• Aandoeningen/afwijkingen in het hoofdstuk:
Het hoofdstuk beschrijft de volgende onderwerpen:
o Hypothermie (onderkoeling).
o Koorts en hyperthermie.
o Verbrandingen.
o Wonden (inclusief tetanus).
12.1 HUID EN THERMOBALANS: HUID
• Opbouw van de huid:
De huid bestaat uit drie lagen:
. Epidermis (opperhuid):
▪ Nieuwe cellen worden voortdurend gevormd door mitose.
▪ Richting het oppervlak verliezen de cellen hun celkenmerken en vormen een
droog, schilferend hoornlaagje.
▪ Bacteriën moeten overleven zonder water en worden samen met huidschilfers
afgevoerd.
▪ Haarwortels zijn inkepingen van de epidermis in de lederhuid en produceren
haren in plaats van hoornschilfers.
. Dermis (lederhuid):
▪ Bestaat uit sterke vezels die de huid stevigheid geven.
▪ Bevat bloedvaatjes, zenuwen en haarwortels.
▪ Capillairen in de papillen voeden het vaatloze epitheel met vocht en
voedingsstoffen.
1
, Klinische Pathologie, 4e druk, H12, Huid, thermobalans en wonden
▪ Dieper in de dermis bevinden zich receptoren en zenuwen, die gevoelig zijn voor
prikkels zoals tweedegraads verbrandingen.
. Subcutis (onderhuids bindweefsel):
▪ Een isolerende speklaag die tevens als vetreserve dient.
▪ Zorgt voor beweeglijkheid van de huid ten opzichte van de onderliggende
structuren.
▪ Geeft het vrouwenlichaam ronde vormen en is dikker dan de lederhuid en
opperhuid samen.
THERMOBALANS
• Optimale temperatuur:
o Chemische processen verlopen langzamer bij lage temperaturen.
o Menselijke enzymen functioneren het beste rond 37°C.
o Boven 42°C coaguleren bloedeiwitten, vergelijkbaar met een ei in een koekenpan.
o De hypothalamus handhaaft een kerntemperatuur van ongeveer 37°C in diepe organen,
terwijl de huidtemperatuur lager is om warmteverlies te beperken.
• Warmteregulatie:
o Kerntemperatuur:
▪ Rectaal goed te meten; redelijk betrouwbaar in de gehoorgang.
▪ De hypothalamus past de kerntemperatuur aan via:
▪ Vasoconstrictie: Vermindert warmteafgifte.
2