Samenvatting verbintenissenrecht
2.1
Ontstaan van een verbintenis:
Verbintenissen uit overeenkomst
Wet
Verbintenissen uit de wet zijn:
1. Zaakwaarneming Art 6:198 Bw
2. Onverschuldigde betaling Art 6:203 Bw
3. Ongerechtvaardigde verrijking Art 6:212 Bw
4. Onrechtmatigde daad 6:162 Bw
2.2
Overeenkomsten
Wederkerige overeenkomsten
Voor beide partijen plichten
Eenzijdige overeenkomsten
Voor een partij plichten
Voorbeelden van wederkerige overeenkomsten:
Koopovereenkomst
Arbeidsovereenkomst
Huurovereenkomst
Voor bovengenoemde voorbeelden ontstaan er dus voor
beide partijen plichten.
Voorbeelden van eenzijdige overeenkomsten:
Schenkingsovereenkomst
,Benoemd of onbenoemd
Benoemde overeenkomst= Bijzondere overeenkomst.
De overeenkomst staat in de wet geregeld.
Onbenoemde overeenkomst: In de wet zijn geen specifieke
regels opgenomen voor die overeenkomst.
Als de overeenkomst in de wet is geregeld, is er sprake van
een benoemde overeenkomst.
Boek 7 Bw
Om baat of om niet
Om baat: Een overeenkomst waarbij tegenover de prestatie
van de ene partij een reële tegenprestatie staat van de
andere partij.
Om niet: Een overeenkomst waarbij tegenover de prestatie
van de ene partij GEEN reële tegenprestatie staat van de
andere partij, Bijvoorbeeld bij schenking.
Formeel en vormvrij
Vormvrije overeenkomst:
Een overeenkomst waarvoor de wet geen speciale vorm
voorschrijft.
Een overeenkomst waarvoor wilsovereenstemming
voldoende is.
, Formele overeenkomst:
Een overeenkomst waarvoor de wet speciale vormvereisten
voorschrijft.
Een overeenkomst waarvoor naast wilsovereenstemming ook
een bepaalde vorm is vereist.
2.3
Voor rechtshandelingen gelden de volgende vier
voorwaarden:
1. De persoon moet handelingsbekwaam zijn
2. De persoon moet handelingsbevoegd zijn
3. De wil moet op het rechtsgevolg gericht zijn
4. De wil is voldoende duidelijk gemaakt met een
wilsverklaring
Een overeenkomst komt tot stand door aanbod en
aanvaarding.
Het doen van een aanbod of het aanvaarden is een
rechtshandeling.
Voor geldigheid van een rechtshandeling moet je bevoegd en
bekwaam zijn en er moet wilsovereenstemming zijn.
2.4
De vier Wilsgebreken zijn:
Bedreiging Art 3:44
Bedrog Art 3:44
Misbruik van omstandigheden Art 3:44
Dwaling Art 6:228
In bovenstaande gevallen is vernietiging mogelijk door:
- Brief naar de wederpartij > bij bestrijding door de
wederpartij naar rechter.
2.1
Ontstaan van een verbintenis:
Verbintenissen uit overeenkomst
Wet
Verbintenissen uit de wet zijn:
1. Zaakwaarneming Art 6:198 Bw
2. Onverschuldigde betaling Art 6:203 Bw
3. Ongerechtvaardigde verrijking Art 6:212 Bw
4. Onrechtmatigde daad 6:162 Bw
2.2
Overeenkomsten
Wederkerige overeenkomsten
Voor beide partijen plichten
Eenzijdige overeenkomsten
Voor een partij plichten
Voorbeelden van wederkerige overeenkomsten:
Koopovereenkomst
Arbeidsovereenkomst
Huurovereenkomst
Voor bovengenoemde voorbeelden ontstaan er dus voor
beide partijen plichten.
Voorbeelden van eenzijdige overeenkomsten:
Schenkingsovereenkomst
,Benoemd of onbenoemd
Benoemde overeenkomst= Bijzondere overeenkomst.
De overeenkomst staat in de wet geregeld.
Onbenoemde overeenkomst: In de wet zijn geen specifieke
regels opgenomen voor die overeenkomst.
Als de overeenkomst in de wet is geregeld, is er sprake van
een benoemde overeenkomst.
Boek 7 Bw
Om baat of om niet
Om baat: Een overeenkomst waarbij tegenover de prestatie
van de ene partij een reële tegenprestatie staat van de
andere partij.
Om niet: Een overeenkomst waarbij tegenover de prestatie
van de ene partij GEEN reële tegenprestatie staat van de
andere partij, Bijvoorbeeld bij schenking.
Formeel en vormvrij
Vormvrije overeenkomst:
Een overeenkomst waarvoor de wet geen speciale vorm
voorschrijft.
Een overeenkomst waarvoor wilsovereenstemming
voldoende is.
, Formele overeenkomst:
Een overeenkomst waarvoor de wet speciale vormvereisten
voorschrijft.
Een overeenkomst waarvoor naast wilsovereenstemming ook
een bepaalde vorm is vereist.
2.3
Voor rechtshandelingen gelden de volgende vier
voorwaarden:
1. De persoon moet handelingsbekwaam zijn
2. De persoon moet handelingsbevoegd zijn
3. De wil moet op het rechtsgevolg gericht zijn
4. De wil is voldoende duidelijk gemaakt met een
wilsverklaring
Een overeenkomst komt tot stand door aanbod en
aanvaarding.
Het doen van een aanbod of het aanvaarden is een
rechtshandeling.
Voor geldigheid van een rechtshandeling moet je bevoegd en
bekwaam zijn en er moet wilsovereenstemming zijn.
2.4
De vier Wilsgebreken zijn:
Bedreiging Art 3:44
Bedrog Art 3:44
Misbruik van omstandigheden Art 3:44
Dwaling Art 6:228
In bovenstaande gevallen is vernietiging mogelijk door:
- Brief naar de wederpartij > bij bestrijding door de
wederpartij naar rechter.