Anderson – Open normen in de fiscale wetgeving
Eén van de manieren om regeldruk te reduceren en wetgeving beter te laten corresponderen met
maatschappelijke ontwikkelingen, is het gebruik van open normen. De mogelijkheid wordt geboden
voor uitvoerders, toezichthouders en normadressaten om nadere invulling te geven.
Vanuit art 16 AWR, nieuw feit, wordt bezien hoe deze open norm uitwerkt in de rechtspraktijk.
Een open norm = een vorm van principegedreven wetgeving die ruimte biedt om de invulling over te
laten aan de rechter. Een voorbeeld is Gkg.
Een rechtsbeginsel = een principieel uitgangspunt waaraan de effectuering van het recht dienst te
voldoen.
Een open norm is geen rechtsbeginsel.
Door het veranderen van de functie van de overheid, is de populariteit van het gebruik van open
normen toegenomen. Regels kunnen niet in alle gevallen aansluiten op de omstandigheden van het te
regelen maatschappelijke veld. In het burgerlijk recht, maar ook het EU-, straf- en bestuursrecht neemt
het gebruik van open normen toe.
Bezwaren tegen het gebruik van een open norm zijn het in strijd zijn van een open norm met het
rechtszekerheids- en rechtsgelijkheidsbeginsel. Daarnaast kan het leiden tot een gebrek aan
overzicht, orde en coördinatie en uiteindelijk meer gedetailleerde regelgeving, omdat een stelsel kan
ontstaan van concrete normen die een bepaalde invulling geven aan een abstracte geformuleerde
open norm.
Het nieuwe feit herbergt twee beginselen:
- rechtsgelijkheid: navordering is mogelijk
- rechtszekerheid: moet sprake zijn van een nieuw feit
- open norm: een feit dat redelijkerwijs bekend had kunnen zijn.
Open normen kunnen rechtvaardiger zijn: de rechter kan in zijn beslissingen alle aspecten meewegen
(soort fair play). Daarnaast bieden ze de mogelijkheid tot maatwerk en om rekening te houden met
maatschappelijke ontwikkelingen.
Kan het nieuwe feit gerelateerd worden aan rechtszekerheid en wordt deze rechtszekerheid
gereduceerd doordat het nieuwe feit een open norm is?
- het kan aan rechtszekerheid en rechtsgelijkheid worden gerelateerd.
De jurisprudentie mbt een nieuw feit laat zien dat het vereiste van het nieuwe feit in de huidige
formulering niet leidt tot een reductie van de rechtszekerheid.
De eisen zijn voor de inspecteur zwaarder geworden. Zodoende werkt een nieuw feit zowel
rechtszekerheid als rechtsgelijkheid in de hand. Open normen dienen te worden geadresseerd aan de
inspecteur en niet de belastingplichtige. Bij een open norm erkent de wetgever niet te kunnen
anticiperen en volstaat hij met het bieden van ruimte aan de inspecteur om te achterhalen. In dit
opzicht leidt een open norm tot een vereenvoudiging van wetgeving. De jurisprudentie wordt echter
minder eenvoudig.
Eén van de manieren om regeldruk te reduceren en wetgeving beter te laten corresponderen met
maatschappelijke ontwikkelingen, is het gebruik van open normen. De mogelijkheid wordt geboden
voor uitvoerders, toezichthouders en normadressaten om nadere invulling te geven.
Vanuit art 16 AWR, nieuw feit, wordt bezien hoe deze open norm uitwerkt in de rechtspraktijk.
Een open norm = een vorm van principegedreven wetgeving die ruimte biedt om de invulling over te
laten aan de rechter. Een voorbeeld is Gkg.
Een rechtsbeginsel = een principieel uitgangspunt waaraan de effectuering van het recht dienst te
voldoen.
Een open norm is geen rechtsbeginsel.
Door het veranderen van de functie van de overheid, is de populariteit van het gebruik van open
normen toegenomen. Regels kunnen niet in alle gevallen aansluiten op de omstandigheden van het te
regelen maatschappelijke veld. In het burgerlijk recht, maar ook het EU-, straf- en bestuursrecht neemt
het gebruik van open normen toe.
Bezwaren tegen het gebruik van een open norm zijn het in strijd zijn van een open norm met het
rechtszekerheids- en rechtsgelijkheidsbeginsel. Daarnaast kan het leiden tot een gebrek aan
overzicht, orde en coördinatie en uiteindelijk meer gedetailleerde regelgeving, omdat een stelsel kan
ontstaan van concrete normen die een bepaalde invulling geven aan een abstracte geformuleerde
open norm.
Het nieuwe feit herbergt twee beginselen:
- rechtsgelijkheid: navordering is mogelijk
- rechtszekerheid: moet sprake zijn van een nieuw feit
- open norm: een feit dat redelijkerwijs bekend had kunnen zijn.
Open normen kunnen rechtvaardiger zijn: de rechter kan in zijn beslissingen alle aspecten meewegen
(soort fair play). Daarnaast bieden ze de mogelijkheid tot maatwerk en om rekening te houden met
maatschappelijke ontwikkelingen.
Kan het nieuwe feit gerelateerd worden aan rechtszekerheid en wordt deze rechtszekerheid
gereduceerd doordat het nieuwe feit een open norm is?
- het kan aan rechtszekerheid en rechtsgelijkheid worden gerelateerd.
De jurisprudentie mbt een nieuw feit laat zien dat het vereiste van het nieuwe feit in de huidige
formulering niet leidt tot een reductie van de rechtszekerheid.
De eisen zijn voor de inspecteur zwaarder geworden. Zodoende werkt een nieuw feit zowel
rechtszekerheid als rechtsgelijkheid in de hand. Open normen dienen te worden geadresseerd aan de
inspecteur en niet de belastingplichtige. Bij een open norm erkent de wetgever niet te kunnen
anticiperen en volstaat hij met het bieden van ruimte aan de inspecteur om te achterhalen. In dit
opzicht leidt een open norm tot een vereenvoudiging van wetgeving. De jurisprudentie wordt echter
minder eenvoudig.