Present simple : beschrijft een gewoonte, routine / algemeen, neutraal
How do you do? / I love it gewone tegenwoordige tijd, sociale afstand tussen
mensen in de eerste ontmoeting = formeel (present simple) (alleen uit beleefdheid).
(ww + s) bij een vraag does werkwoord dan zonder s, want die zit al bij does.
Bij woorden die eindigen op een s -es erachteres erachter
fry in de pan
bake in de oven
Denk aan de hulpwoorden: always, usually
Past simple
Sam was taking a picture of me while I didn’t look.
Achtereenvolgende gebeurtenissen in de verleden tijd.
Algemeen / neutraal gebruik je bij een duidelijke aanwijzing van de verleden tijd
If it’s in the past, use the past.
Ik heb gisteren 8 uur gewerkt.
I worked for 8 hours yesterday.
Bij een duidelijke verleden tijd de past simple gebruiken
Regelmatig ww+ed
Onregelmatig 2e rijtje
Present continuous : nu bezig, gaande / sterk, emotioneel
How are you doing? / I’m lovin’ it gewone tegenwoordige tijd, als je mensen al
langer kent = informeel (present continuous) (toont wel emotie en medeleven). ( to
be + werkwoord + ing).
(ook na een voorzetsel)
Zinnen met een uitroepteken vaak present continious!!!
I’m lovin’ it Geeft meer emotie dan de present simple
past continuous
toen bezig, gaande / sterk, emotioneel
gebeurtenissen tegelijkertijd in combinatie met de past simple)
was/were + werkwoord + -es erachtering
Present perfect (voltooid tegenwoordige tijd)
I have worked for 8 hours.
Ik heb 8 uur gewerkt.
Regelmatig Have / has + ww + -es erachtered (voltooid deelwoord)
Onregelmatig have / has + 3e rijtje
Periode, resultaat van toen tot nu binding met nu (ze duren een langere tijd)
(FYNE JAS + how long)
Past perfect
Om een handeling/ situatie in het verleden te beschrijven die plaats vond vóór een
bepaald moment in het verleden
Regelmatige werkwoorden had + werkwoord + -es erachtered
Onregelmatige werkwoorden had + 3e rijtje
How do you do? / I love it gewone tegenwoordige tijd, sociale afstand tussen
mensen in de eerste ontmoeting = formeel (present simple) (alleen uit beleefdheid).
(ww + s) bij een vraag does werkwoord dan zonder s, want die zit al bij does.
Bij woorden die eindigen op een s -es erachteres erachter
fry in de pan
bake in de oven
Denk aan de hulpwoorden: always, usually
Past simple
Sam was taking a picture of me while I didn’t look.
Achtereenvolgende gebeurtenissen in de verleden tijd.
Algemeen / neutraal gebruik je bij een duidelijke aanwijzing van de verleden tijd
If it’s in the past, use the past.
Ik heb gisteren 8 uur gewerkt.
I worked for 8 hours yesterday.
Bij een duidelijke verleden tijd de past simple gebruiken
Regelmatig ww+ed
Onregelmatig 2e rijtje
Present continuous : nu bezig, gaande / sterk, emotioneel
How are you doing? / I’m lovin’ it gewone tegenwoordige tijd, als je mensen al
langer kent = informeel (present continuous) (toont wel emotie en medeleven). ( to
be + werkwoord + ing).
(ook na een voorzetsel)
Zinnen met een uitroepteken vaak present continious!!!
I’m lovin’ it Geeft meer emotie dan de present simple
past continuous
toen bezig, gaande / sterk, emotioneel
gebeurtenissen tegelijkertijd in combinatie met de past simple)
was/were + werkwoord + -es erachtering
Present perfect (voltooid tegenwoordige tijd)
I have worked for 8 hours.
Ik heb 8 uur gewerkt.
Regelmatig Have / has + ww + -es erachtered (voltooid deelwoord)
Onregelmatig have / has + 3e rijtje
Periode, resultaat van toen tot nu binding met nu (ze duren een langere tijd)
(FYNE JAS + how long)
Past perfect
Om een handeling/ situatie in het verleden te beschrijven die plaats vond vóór een
bepaald moment in het verleden
Regelmatige werkwoorden had + werkwoord + -es erachtered
Onregelmatige werkwoorden had + 3e rijtje