FMH
Week 1
Leerdoelen - Het therapeutisch proces
1. De student kan functionele fysiotherapie definiëren in termen van ICF
- Ziekte/aandoening: hierin beschrijf je wat de ziekte/aandoening is van de patiënt
- Functiestoornis: hierin beschrijf je welke functiestoornissen de patiënt heeft
- Participatie: hierin beschrijf je de manier waarop de patiënt participeert in de samenleving
- Persoonlijke factoren: hierin beschrijf je de persoonlijke factoren van de patiënt
- Externe factoren: hierin beschrijf je o.a. de omgevingsfactoren van je patiënt
2. De student kan de drie kenmerken van het biopsychosociale model benoemen
Het biopsychosociale model bestaat uit de volgende drie kenmerken:
- biologisch
- sociaal-cultureel
- psychologisch
Deze vormen samen dit model. Binnen deze afbeelding zie je de verschillende structuren die het
per kenmerk bevat.
Pagina 1 van 10
, 3. De student kan de verschillende fasen (6) van functionele diagnostisch proces
benoemen
Het diagnostisch proces
Stap 1: Benoem de problematisch handeling
- hanteer ICF/RPS
- meetinstrument (PSK, LAHAQ)
PSK= ‘Hoe moeilijk vindt de patiënt de handeling? ’
> aangeven met vinger/pen
Stap 2: Beschrijf de deelhandeling
- maximaal 6 deelhandelingen (in de problematische handeling)
- tempowisseling van fase tot fase (hoeveel tijd tussen een handeling)
Stap 3: Benoem de problematische deelhandeling(en)
- welke fase gaat het fout?
- observeer en analyseer > herken en benoem de problematische deelhandeling & de
oplossingsstrategieën van de patiënt
Stap 4: Benoem de problematische deelhandelingen in de grondmotorische eigenschappen
- CLUKS (stabiliteit)
- bij welk kopje gaat het fout (weinig kracht, niet lenig genoeg etc.)
Stap 5: Produceer/reduceer de problematische deelhandelingen in de grondmotorische
eigenschappen
- maak het makkelijker of moeilijker
- waar ligt het probleem in de CLUKS?
Stap 6: Specifieer het beweegprobleem
- maak het specifieker
4. De student kan uitleggen wat de systematische werkwijze binnen het therapeutische
proces van de fysiotherapeut is.
I. behandel plan opstellen
II. communiceren behandelplan
III. overeenkomst maken met pt
IV. behandelplan uitvoeren
V. tussentijdse evaluatie
VI. ect aanpassing qua niveau
VII. eindevaluatie
Pagina 2 van 10
Week 1
Leerdoelen - Het therapeutisch proces
1. De student kan functionele fysiotherapie definiëren in termen van ICF
- Ziekte/aandoening: hierin beschrijf je wat de ziekte/aandoening is van de patiënt
- Functiestoornis: hierin beschrijf je welke functiestoornissen de patiënt heeft
- Participatie: hierin beschrijf je de manier waarop de patiënt participeert in de samenleving
- Persoonlijke factoren: hierin beschrijf je de persoonlijke factoren van de patiënt
- Externe factoren: hierin beschrijf je o.a. de omgevingsfactoren van je patiënt
2. De student kan de drie kenmerken van het biopsychosociale model benoemen
Het biopsychosociale model bestaat uit de volgende drie kenmerken:
- biologisch
- sociaal-cultureel
- psychologisch
Deze vormen samen dit model. Binnen deze afbeelding zie je de verschillende structuren die het
per kenmerk bevat.
Pagina 1 van 10
, 3. De student kan de verschillende fasen (6) van functionele diagnostisch proces
benoemen
Het diagnostisch proces
Stap 1: Benoem de problematisch handeling
- hanteer ICF/RPS
- meetinstrument (PSK, LAHAQ)
PSK= ‘Hoe moeilijk vindt de patiënt de handeling? ’
> aangeven met vinger/pen
Stap 2: Beschrijf de deelhandeling
- maximaal 6 deelhandelingen (in de problematische handeling)
- tempowisseling van fase tot fase (hoeveel tijd tussen een handeling)
Stap 3: Benoem de problematische deelhandeling(en)
- welke fase gaat het fout?
- observeer en analyseer > herken en benoem de problematische deelhandeling & de
oplossingsstrategieën van de patiënt
Stap 4: Benoem de problematische deelhandelingen in de grondmotorische eigenschappen
- CLUKS (stabiliteit)
- bij welk kopje gaat het fout (weinig kracht, niet lenig genoeg etc.)
Stap 5: Produceer/reduceer de problematische deelhandelingen in de grondmotorische
eigenschappen
- maak het makkelijker of moeilijker
- waar ligt het probleem in de CLUKS?
Stap 6: Specifieer het beweegprobleem
- maak het specifieker
4. De student kan uitleggen wat de systematische werkwijze binnen het therapeutische
proces van de fysiotherapeut is.
I. behandel plan opstellen
II. communiceren behandelplan
III. overeenkomst maken met pt
IV. behandelplan uitvoeren
V. tussentijdse evaluatie
VI. ect aanpassing qua niveau
VII. eindevaluatie
Pagina 2 van 10