Herhaling internationale recht
Kenmerken van de internationale rechtsorde:
1. gelijkheid:
- Horizontale rechtsorde
- Staten zijn aan de top
-Staten zijn soeverein
2. Afhankelijkheid
- Staten die met elkaar te onderhandelen en samen te werken
- Staten dienen met elkaar te onderhandelen en samen te werken
Verschillende disciplines kruisen elkaar:
- Economie
- Politiek
- Milieu
- Conflictenbestrijding
Bronnen van het internationaal recht:
- Art. 38 IGH statuut
- Eenzijdige handelingen
1.Verdragen:
- Handvest, statuut etc
- Weens vedragenverdrag 1969 (WVV)
2.Gewoonterecht:
- Statenpraktijk
- Opinio juris; overtuigen van staten dat ze dit behoren te doen
- Als recht aanvaarde praktijk
- Ongeschreven rechtsregel
Gewoonterecht/vervolg:
- Jus/ius cognes: Regels van dwingend recht (juridisch)
- Erga omnes: Tegen wie diegene moet gaan verantwoorden
3.Algemene rechtsbeginselen:
- Rechterlijke beslissingen en opvattingen van de meest bevoegde schrijvers
4. Rechtssubjecten binnen intern recht:
Primair:
Staten (van oudsher)
Secundair:
Internationale organisaties
Individuen
Multinationale ondernemingen
Volken
, Wat kan je doen:
Internationale rechtenn
Rechten op int. Niveau afdwingen
Internationale verplichtingen
Aansprakelijkheid voor schending van verplichtingen
Internationale rechtshandelingen verrichten
Rechtssubjecten binnen internationaal recht:
- Staten
- Internationale organisaties
- Natuurlijke personen
- Rechtspersonen
- De-factoregeringen
- Bevrijdingsbevegingen
Wanneer een staat:
- Grondgebied
- Bevolking
- Gezag
- Erkenning is NIET een vereiste!
Afscheiding:
- Er gaat een staat er uit
Ontbinding:
- de oorspronkelijke staat die er was stopt er mee
Samenvoeging:
Week 2
Verdrag van wenen:
- Art. 2 sub a WVV definitie
- Bevat 4 eisen
Bilateriaal:
- Verdrag tussen 2 staten
Multilateraal:
- Verdrag tussen 2 of meer staten
Regionaal:
- Binnen een regio
Kenmerken van de internationale rechtsorde:
1. gelijkheid:
- Horizontale rechtsorde
- Staten zijn aan de top
-Staten zijn soeverein
2. Afhankelijkheid
- Staten die met elkaar te onderhandelen en samen te werken
- Staten dienen met elkaar te onderhandelen en samen te werken
Verschillende disciplines kruisen elkaar:
- Economie
- Politiek
- Milieu
- Conflictenbestrijding
Bronnen van het internationaal recht:
- Art. 38 IGH statuut
- Eenzijdige handelingen
1.Verdragen:
- Handvest, statuut etc
- Weens vedragenverdrag 1969 (WVV)
2.Gewoonterecht:
- Statenpraktijk
- Opinio juris; overtuigen van staten dat ze dit behoren te doen
- Als recht aanvaarde praktijk
- Ongeschreven rechtsregel
Gewoonterecht/vervolg:
- Jus/ius cognes: Regels van dwingend recht (juridisch)
- Erga omnes: Tegen wie diegene moet gaan verantwoorden
3.Algemene rechtsbeginselen:
- Rechterlijke beslissingen en opvattingen van de meest bevoegde schrijvers
4. Rechtssubjecten binnen intern recht:
Primair:
Staten (van oudsher)
Secundair:
Internationale organisaties
Individuen
Multinationale ondernemingen
Volken
, Wat kan je doen:
Internationale rechtenn
Rechten op int. Niveau afdwingen
Internationale verplichtingen
Aansprakelijkheid voor schending van verplichtingen
Internationale rechtshandelingen verrichten
Rechtssubjecten binnen internationaal recht:
- Staten
- Internationale organisaties
- Natuurlijke personen
- Rechtspersonen
- De-factoregeringen
- Bevrijdingsbevegingen
Wanneer een staat:
- Grondgebied
- Bevolking
- Gezag
- Erkenning is NIET een vereiste!
Afscheiding:
- Er gaat een staat er uit
Ontbinding:
- de oorspronkelijke staat die er was stopt er mee
Samenvoeging:
Week 2
Verdrag van wenen:
- Art. 2 sub a WVV definitie
- Bevat 4 eisen
Bilateriaal:
- Verdrag tussen 2 staten
Multilateraal:
- Verdrag tussen 2 of meer staten
Regionaal:
- Binnen een regio