1
Satisfiers zijn eigenschappen:
A. die een consument mist als ze er niet zijn
B. waarvan een consument onbewust blij is dat het product ze niet bevat
C. die een consument positief beoordeelt als ze er zijn, maar niet mist als ze ontbreken
D. die een consument niet echt interesseren, maar als ze ontbreken wordt de consument
ontevreden
2
Wat is een voordeel van een relatie voor de aanbieder?
A. cross-selling
B. geen zoekkosten
C. cross-buying
D. kruissubsidies
3
Stelling I:
Satisfiers worden in de loop van de tijd dissatisfiers omdat consumenten eraan gewend raken.
Stelling II:
Dissatisfiers worden in de loop van de tijd satisfiers omdat consumenten eraan gewend raken.
A. Beide stellingen zijn juist.
B. Stelling I is juist en stelling II is onjuist.
C. Stelling I is onjuist en stelling II is juist.
D. Beide stellingen zijn onjuist.
4
Een nieuw merk hondenvoer wordt aangeprezen door topfokkers. In de commercial is een
topfokker aan het woord; hij vertelt dat de honden niet alleen vrolijker maar ook energieker zijn
door de kwaliteiten van dit voer.
Er is hier sprake van:
A. een ervaringskenmerk
B. een imagokenmerk
C. een vertrouwenskenmerk
D. een zoekkenmerk
5
Wat is een voorbeeld van een dissatisfier?
A. 20-euroterugactie bij de aankoop van een telefoon
B. garantie op een nieuwe telefoon
C. vervroegde upgrade van een telefoon
D. gratis reparatie ná de garantieperiode