Thema III Toekomstbestendigheid van de rechtspraak
1. Inleiding
Deze week gaat over de vraag hoe de rechtspraak binnen de huidige
maatschappelijke context haar gezag kan behouden vanwege de sociaal-
culturele processen die op de rechtspleging inwerken. We besteden bij de
beantwoording van deze vraag in het bijzonder aandacht aan de positie,
kwaliteit en legitimatie van de rechtspraak.
Eén van de wijzen waarop de rechtspraak in het licht van de sociaal-
culturele ontwikkelingen haar legitimiteit onder de burgers probeert te
versterken, is door aandacht te besteden aan procedurele
rechtvaardigheid. Naast de uitkomst blijken namelijk ook de kenmerken
van de procedure en de beleving daarvan factoren te zijn in het oordeel
van mensen over de rechtvaardigheid van processen. In dit thema
besteden we aandacht aan empirisch onderzoek naar de beleving van het
proces. Daarnaast komen ook normatieve visies op procedurele
rechtvaardigheid aan bod. We zullen zien dat hierbij een wezenlijke
vraag is hoe procedurele rechtvaardigheid zich precies verhoudt tot het
formele karakter van rechtspraak. Dit illustreren we aan de hand van de
discussie tussen Hol & Loth enerzijds en Verburg en Verschoof
anderzijds. Ten slotte zullen we op de ethische kwaliteit van de
rechterlijke beslissing ingaan aan de hand van het artikel van Van
Domselaar.
Deze week is er in verband met Tweede Paasdag geen hoorcollege.
In de werkgroep behandelen we de literatuur in meer detail op basis van
een aantal studie- en discussievragen. Naast het debat tussen enerzijds
Hol & Loth en anderzijds Verburg en Verschoof zullen we ingaan op de
ethiek van de rechterlijke beslissing aan de hand van het artikel van Van
Domselaar.
, 2. Leerdoelen
- Kennis van de processen waardoor de rechtspleging voor
uitdagingen gesteld wordt.
- De student kan de verschillende betekenissen van legitimatie en
legitimiteit onderscheiden.
- Oplossingen aandragen voor de uitdagingen waar de rechtspleging
voor gesteld staat aande hand van de visies van Hol & Loth,
Verburg, Verschoof en Van Domselaar
- Inzicht in wat deze oplossingen kunnen bijdragen aan de legitimiteit
van de rechtsspraak
3. Literatuur
- HOL & LOTH 2001 A.M. Hol & M.A. Loth, ‘Iudex mediator: naar
een herwaardering van de juridische professie’, Rechtsfilosofie &
Rechtstheorie 2001, afl. 1, p. 9-36. (Reader)
- VERBURG 2015 D.A. Verburg, 'Uw procesorde is de mijne niet! Het
gezag van de rechter en de wijze van omgaan met de goede
procesorde’, in: A.T. Marseille, A.C.M. Meuwese, F.C.M.A.
Michiels en J.C.A. de Poorter (red.), Behoorlijk
bestuursprocesrecht. Opstellen aangeboden aan prof. mr. B.W.N.
de Waard over grondslagen, beginselen en vernieuwingen van het
bestuursprocesrecht (De Waard-bundel), Den Haag: Boom
Juridische uitgevers 2015, p. 267-291. Verplicht: pagina’s 10-20
(par. 3 en 4) van de tekst die op Blackboard staat. De tekst op
Blackboard correspondeert niet met de publicatieversie in de De
Waard-bundel (andere paginanummering).
- VERSCHOOF 2013 R.J. Verschoof, Waar gaat het over? (oratie
Utrecht), Den Haag; Sdu Uitgevers 2013, Verplicht: pagina's 17-
31. (De gehele oratie staat op Blackboard)
1. Inleiding
Deze week gaat over de vraag hoe de rechtspraak binnen de huidige
maatschappelijke context haar gezag kan behouden vanwege de sociaal-
culturele processen die op de rechtspleging inwerken. We besteden bij de
beantwoording van deze vraag in het bijzonder aandacht aan de positie,
kwaliteit en legitimatie van de rechtspraak.
Eén van de wijzen waarop de rechtspraak in het licht van de sociaal-
culturele ontwikkelingen haar legitimiteit onder de burgers probeert te
versterken, is door aandacht te besteden aan procedurele
rechtvaardigheid. Naast de uitkomst blijken namelijk ook de kenmerken
van de procedure en de beleving daarvan factoren te zijn in het oordeel
van mensen over de rechtvaardigheid van processen. In dit thema
besteden we aandacht aan empirisch onderzoek naar de beleving van het
proces. Daarnaast komen ook normatieve visies op procedurele
rechtvaardigheid aan bod. We zullen zien dat hierbij een wezenlijke
vraag is hoe procedurele rechtvaardigheid zich precies verhoudt tot het
formele karakter van rechtspraak. Dit illustreren we aan de hand van de
discussie tussen Hol & Loth enerzijds en Verburg en Verschoof
anderzijds. Ten slotte zullen we op de ethische kwaliteit van de
rechterlijke beslissing ingaan aan de hand van het artikel van Van
Domselaar.
Deze week is er in verband met Tweede Paasdag geen hoorcollege.
In de werkgroep behandelen we de literatuur in meer detail op basis van
een aantal studie- en discussievragen. Naast het debat tussen enerzijds
Hol & Loth en anderzijds Verburg en Verschoof zullen we ingaan op de
ethiek van de rechterlijke beslissing aan de hand van het artikel van Van
Domselaar.
, 2. Leerdoelen
- Kennis van de processen waardoor de rechtspleging voor
uitdagingen gesteld wordt.
- De student kan de verschillende betekenissen van legitimatie en
legitimiteit onderscheiden.
- Oplossingen aandragen voor de uitdagingen waar de rechtspleging
voor gesteld staat aande hand van de visies van Hol & Loth,
Verburg, Verschoof en Van Domselaar
- Inzicht in wat deze oplossingen kunnen bijdragen aan de legitimiteit
van de rechtsspraak
3. Literatuur
- HOL & LOTH 2001 A.M. Hol & M.A. Loth, ‘Iudex mediator: naar
een herwaardering van de juridische professie’, Rechtsfilosofie &
Rechtstheorie 2001, afl. 1, p. 9-36. (Reader)
- VERBURG 2015 D.A. Verburg, 'Uw procesorde is de mijne niet! Het
gezag van de rechter en de wijze van omgaan met de goede
procesorde’, in: A.T. Marseille, A.C.M. Meuwese, F.C.M.A.
Michiels en J.C.A. de Poorter (red.), Behoorlijk
bestuursprocesrecht. Opstellen aangeboden aan prof. mr. B.W.N.
de Waard over grondslagen, beginselen en vernieuwingen van het
bestuursprocesrecht (De Waard-bundel), Den Haag: Boom
Juridische uitgevers 2015, p. 267-291. Verplicht: pagina’s 10-20
(par. 3 en 4) van de tekst die op Blackboard staat. De tekst op
Blackboard correspondeert niet met de publicatieversie in de De
Waard-bundel (andere paginanummering).
- VERSCHOOF 2013 R.J. Verschoof, Waar gaat het over? (oratie
Utrecht), Den Haag; Sdu Uitgevers 2013, Verplicht: pagina's 17-
31. (De gehele oratie staat op Blackboard)