Uitwerking FMH: Total Hip na 2 weken
1. Aanmelding
2. Anamnese
Klachten uitvragen:
I. Vragen hoe het na de operatie is gegaan
II. Vragen hoe de operatie zelf was gegaan
III. Vragen naar pijn
IV. Vragen hoe de oefeningen zijn gegaan die het ziekenhuis heeft
meegegeven
V. Vragen over leefregels
VI. Vragen naar belasting
VII. Vragen naar thuis situatie
VIII. Vragen ADL
IX. Vas en psk laten invullen
3. Mogelijke hypotheses:
Afwijkend looppatroon
Afwijkend beweegpatroon
Verminderde myogene stabiliteit
Verminderde myogene mobiliteit
Verminderde artrogene mobiliteit
Verminderde spierkracht
4. Onderzoek
5. Behandelplan
Spieren versterken
mobiliseren
6. Behandeling
Mobilisatie actief:
I. Heupextensie: buiklig met kussen onder het been.
II. Flexie: ruglig, handdoek in knieholte, voorzichtig naar borst trekken
NIET VERDER DAN 90 GRADEN
III. abductie: been langs de bank laten hangen handdoek in knieholte en
steeds naar buiten trekken
IV. adductie: niet mogelijk
V. endorotatie: niet mogelijk
VI. Exorotatie: ruglig met knie in flexie en dan de knieën naar binnen laten
vallen
Spierversterkende oefeningen
I. Extensie: staand elastiek voor je vast maken en dan het been naar
achter bewegen,
II. Flexie: staand elastiek acht je vast maken en dan het been naar voor
bewegen. NIET VERDER DAN 90 GRADEN.
III. Endorotatie: niet mogelijk
IV. Exorotatie: elastiek bij de knieën en dan de enkels bij elkaar houden en
de knieën van elkaar of bewegen.
V. Abductie: met een elastiek maak je je enkel vast aan de
tegenovergestelde kant en beweegt het been dan naar buiten
1. Aanmelding
2. Anamnese
Klachten uitvragen:
I. Vragen hoe het na de operatie is gegaan
II. Vragen hoe de operatie zelf was gegaan
III. Vragen naar pijn
IV. Vragen hoe de oefeningen zijn gegaan die het ziekenhuis heeft
meegegeven
V. Vragen over leefregels
VI. Vragen naar belasting
VII. Vragen naar thuis situatie
VIII. Vragen ADL
IX. Vas en psk laten invullen
3. Mogelijke hypotheses:
Afwijkend looppatroon
Afwijkend beweegpatroon
Verminderde myogene stabiliteit
Verminderde myogene mobiliteit
Verminderde artrogene mobiliteit
Verminderde spierkracht
4. Onderzoek
5. Behandelplan
Spieren versterken
mobiliseren
6. Behandeling
Mobilisatie actief:
I. Heupextensie: buiklig met kussen onder het been.
II. Flexie: ruglig, handdoek in knieholte, voorzichtig naar borst trekken
NIET VERDER DAN 90 GRADEN
III. abductie: been langs de bank laten hangen handdoek in knieholte en
steeds naar buiten trekken
IV. adductie: niet mogelijk
V. endorotatie: niet mogelijk
VI. Exorotatie: ruglig met knie in flexie en dan de knieën naar binnen laten
vallen
Spierversterkende oefeningen
I. Extensie: staand elastiek voor je vast maken en dan het been naar
achter bewegen,
II. Flexie: staand elastiek acht je vast maken en dan het been naar voor
bewegen. NIET VERDER DAN 90 GRADEN.
III. Endorotatie: niet mogelijk
IV. Exorotatie: elastiek bij de knieën en dan de enkels bij elkaar houden en
de knieën van elkaar of bewegen.
V. Abductie: met een elastiek maak je je enkel vast aan de
tegenovergestelde kant en beweegt het been dan naar buiten