Inleiding
Ierland en GB worden bekeerd tot het christendom. Ierse en Engelse monniken brengen dan de
christelijke cultuur weer terug naar West-Europa. Vanuit de kloosters geven ze onderwijs en
beoefenen ze landbouw, hieruit ontstaat de Karolingische kunst.
Karolingische kunst = Karel de Grote
Vanuit zijn hof wordt de kunst verspreid, het is dan ook het middelpunt van het gezag. Hij heeft
een grote waardering voor de klassieke oudheid. Hij stimuleert culturele ontwikkelingen en
daarom is het een typische hofkunst. Het centrum van de kunst is nu verplaatst van Zuid-Europa
naar West-Europa.
Architectuur
In de kerkbouw is er zowel sprake van centraalbouw als de basiliekvorm. Vooral stenen
bouwconstructies met als dak hout. Kloosters hebben veel verschillende functies. Ze dienen als
religieus centrum, maar ook als ministeden die geheel zelfvoorzienend zijn. Hiernaast dient het
als school, ziekenhuis, wetenschappelijk centrum, herberg en kunstencentrum.
Schilderkunst
Geletterdheid is voor Karel erg belangrijk. Het zorgde voor ambtenaren die een bureaucratisch
systeem konden uitvoeren en bovendien voor beter begrip van de bijbel. Manuscripten zijn
daarom erg belangrijk geweest in de Karolingische kunst. Ze hebben zich voor de vormgeving
laten inspireren door de Keltische en Romaanse kunst. Deze manuscripten dienen tot onderwijs
en meditatie.
Aantekeningen Karolingische kunst
Symbool van de duif diende als heilige geest.
Drie-eenheid=
Ottoonse periode 900-1000
De Karolingische (classische) traditie, werd een nieuw leven ingeblazen.