Goederenrecht hoorcolleges
Week 1 - hoorcollege, donderdag 7 september
Minicollege 1.1 (wat is goederenrecht?)
Goederen bestaan uit;
- Zaken = voor menselijke beheersing, vatbare, stoffelijke objecten
o Art. 3:2 Bw
- Vermogensrechten
o Art. 3:6 Bw
o Vb; pandrecht, hypotheek
Aansprakelijkheidsrecht en contractenrecht = verbintenissenrecht rechtsbanden
(verbintenissen) tussen twee personen waarbij de één tot een bepaalde prestatie is gericht
en de ander tot de prestatie is gerechtigd.
HR Blaauboer-Berlips verschil tussen absolute en relatieve rechten
- Twee buren; gebroeders Berlips en meneer Blaauboer
- Absolute rechten; eigendom, hypotheekrecht (+ 6 anderen)
o Deze rechten kun je op iedereen in de wereld uitoefenen.
o Persoonlijke rechten werken jegens partijen, absolute rechten werken jegens
iedereen
- Relatieve rechten
Verschil absolute rechten (goederenrecht) en relatieve rechten (contractenrecht)
- We zijn steeds meer uitzonderingen gaan erkennen
o Er zijn verbintenissen die ook absolute trekjes vertonen
(huurovereenkomsten)
Minicollege 1.2 (eigendom)
Eigendom
- Hoeksteen van goederenrecht
, - Meest controversieel, want heeft direct gevolgen voor de bezitsverhouding in de
samenleving = een politieke kant.
- Eigendom geeft je exclusief gebruiksrecht
- Art. 5:1 lid 1 Bw ‘Eigendom is het meest omvattende recht dat een persoon op een
zaak kan hebben.’
o Er is geen ruimer recht dan het eigendomsrecht
o Eigendom bestaat alleen als er zaken (stoffelijke objecten) zijn
o Geschiedenis
Bewust gekozen om niks over de definitie in algemene zin te plaatsen
Want er is veel gediscussieerd over de definitie, het is te
politiek controversieel
HR watertoren
- Huiseigenaar ruzie met buren, dus buren pesten door watertoren te plaatsen en op
die manier de zon te ontnemen.
o Mag je als eigenaar van een stuk grond een watertoren neerzetten met als
gevolg dat de buren geen zonlicht krijgen?
- HR oordeel; buurman gaat te ver, maar voor dit oordeel was een truc nodig
o Omdat het watertoren niet in gebruik was, was het duidelijk dat het alleen om
te pesten was
o Tegenwoordig zou dit anders zijn, art. 5:37; hinderverbod.
HR Breda vs Nijs
- Groep krakers die het huis van Nijs in bezit hebben genomen
- Gemeente wilde de krakers wel water, gas en licht geven. Nijs wilde dit niet, want hij
vond dat Breda een inbreuk op zijn eigendomsrecht maakte hiermee.
- HR oordeel; gemeente moet ook rekening houden met de belangen van
omwonenden en krakers. Eigenaar Nijs moest tolereren dat er gebruik werd gemaakt
van zijn eigendom.
Bevoegdheden eigenaar
- Beschikken
o Art. 3:81/83
o Valt uiteen in
Vervreemden (overdragen)
Bezwaren
Vestigen van een beperkt recht (hypotheek of pandrecht)
o Bevoegdheid om te beschikken verlies je als je failliet gaat
- Revindiceren
o Art. 5:2
o ‘Opvorderen’
Als je eigenaar bent van een zaak en de zaak wordt gestolen dan mag
je de zaak terugnemen.
A ---- B
B die vernietigt de titel, dan kan A revindiceren
- Gebruiken
o Art. 5:1 lid 2
, o De eigenaar van een zaak heeft als enige het recht om de zaak te gebruiken
‘Met uitsluiting van eenieder’
= exclusief gebruiksrecht
o Technische term
Ook verbruiken
Appels, shampoo etc.
Beperkingen gebruiksrecht
1. Rechten van anderen
a. Huur, vruchtgebruik
2. Wettelijke voorschriften
a. Burenrecht (Titel 4 Boek 5 Bw)
3. Beperkingen uit ongeschreven recht
a. Via onrechtmatige daad (art. 6:162)
Minicollege 1.3 (eigendomsverkrijging door natrekking bij roerende zaken)
Verkrijging
1. Originaire verkrijging
a. Nieuwe recht voorgeschiedenis irrelevant
i. Vb: verjaring, vinderschap, natrekking
2. Derivatieve verkrijging
a. Recht aan een ander ontleend voorgeschiedenis werkt door
i. Vb: overdracht, erfopvolging
Originaire verkrijging
- Verschillende vormen
o Verjaring
Art. 3:99 Bw
De bezitter te goeder trouw wordt na 3 jaar eigenaar
o Cupatie
Art. 5:4 Bw
Als de zaak tot niemand toe behoort, dan kan je eigenaar
worden door hem in bezit te nemen.
o Vinderschap
Art. 5:5-12 Bw
Een onbeheerde zaak die is gevonden, wordt na 1 jaar eigenaar.
o Natrekking
Is er sprake van natrekking?
Wordt iets bestanddeel?
Wordt iets een hoofdzaak?
, Natrekking art. 5:14 lid 1 en 2
Twee mogelijkheden:
Art. 14 lid 2
Onderscheid tussen hoofzaken en bestanddelen
- Bestanddelen
o Vb; Schoorsteen van een huis, knoop van een jas
o Art. 3:4
Twee situaties waarin een bepaalde zaak, bestanddeel kan vormen van
een andere zaak
1. Wanneer verwijderen tot schade leidt
Vb; Een gevelsteen die is vastgemetseld aan het
huis, dus moeten we dan spreken van een
(materieel) bestanddeel
2. Volgens verkeersopvatting
o Verkeersopvattingen die meebrengen dat een bepaald
bestanddeel, deel is van een zaak
Vb; een sleutel is een bestanddeel van een slot,
zadel is bestanddeel van een fiets
o = ideëel bestanddeel
o Bestanddelen is een onzelfstandig onderdeel van een zaak
Dus eigenaar van hoofdzaak is automatisch ook eigenaar van de
bestanddelen.
o Bestanddeelvorming is een vorm van eigendomsverkrijging Natrekking
Art. 5:14-16 (roerende zaken)
Art. 5:20 (grond)
Vb: Het eigendom van het zadel wordt onderdeel van de fiets door
natrekking.
- Hoofdzaak
o Art. 5:14 lid 3
Volgens verkeersopvatting
Als wij dat met zn alle vinden
Grotere waarde dan bestanddeel
Vb: horloge is hoofdzaak ten opzichte van het horlogebandje
o Uurwerk is duurder dan bandje
o Vermenging
Art. 5:15
Week 1 - hoorcollege, donderdag 7 september
Minicollege 1.1 (wat is goederenrecht?)
Goederen bestaan uit;
- Zaken = voor menselijke beheersing, vatbare, stoffelijke objecten
o Art. 3:2 Bw
- Vermogensrechten
o Art. 3:6 Bw
o Vb; pandrecht, hypotheek
Aansprakelijkheidsrecht en contractenrecht = verbintenissenrecht rechtsbanden
(verbintenissen) tussen twee personen waarbij de één tot een bepaalde prestatie is gericht
en de ander tot de prestatie is gerechtigd.
HR Blaauboer-Berlips verschil tussen absolute en relatieve rechten
- Twee buren; gebroeders Berlips en meneer Blaauboer
- Absolute rechten; eigendom, hypotheekrecht (+ 6 anderen)
o Deze rechten kun je op iedereen in de wereld uitoefenen.
o Persoonlijke rechten werken jegens partijen, absolute rechten werken jegens
iedereen
- Relatieve rechten
Verschil absolute rechten (goederenrecht) en relatieve rechten (contractenrecht)
- We zijn steeds meer uitzonderingen gaan erkennen
o Er zijn verbintenissen die ook absolute trekjes vertonen
(huurovereenkomsten)
Minicollege 1.2 (eigendom)
Eigendom
- Hoeksteen van goederenrecht
, - Meest controversieel, want heeft direct gevolgen voor de bezitsverhouding in de
samenleving = een politieke kant.
- Eigendom geeft je exclusief gebruiksrecht
- Art. 5:1 lid 1 Bw ‘Eigendom is het meest omvattende recht dat een persoon op een
zaak kan hebben.’
o Er is geen ruimer recht dan het eigendomsrecht
o Eigendom bestaat alleen als er zaken (stoffelijke objecten) zijn
o Geschiedenis
Bewust gekozen om niks over de definitie in algemene zin te plaatsen
Want er is veel gediscussieerd over de definitie, het is te
politiek controversieel
HR watertoren
- Huiseigenaar ruzie met buren, dus buren pesten door watertoren te plaatsen en op
die manier de zon te ontnemen.
o Mag je als eigenaar van een stuk grond een watertoren neerzetten met als
gevolg dat de buren geen zonlicht krijgen?
- HR oordeel; buurman gaat te ver, maar voor dit oordeel was een truc nodig
o Omdat het watertoren niet in gebruik was, was het duidelijk dat het alleen om
te pesten was
o Tegenwoordig zou dit anders zijn, art. 5:37; hinderverbod.
HR Breda vs Nijs
- Groep krakers die het huis van Nijs in bezit hebben genomen
- Gemeente wilde de krakers wel water, gas en licht geven. Nijs wilde dit niet, want hij
vond dat Breda een inbreuk op zijn eigendomsrecht maakte hiermee.
- HR oordeel; gemeente moet ook rekening houden met de belangen van
omwonenden en krakers. Eigenaar Nijs moest tolereren dat er gebruik werd gemaakt
van zijn eigendom.
Bevoegdheden eigenaar
- Beschikken
o Art. 3:81/83
o Valt uiteen in
Vervreemden (overdragen)
Bezwaren
Vestigen van een beperkt recht (hypotheek of pandrecht)
o Bevoegdheid om te beschikken verlies je als je failliet gaat
- Revindiceren
o Art. 5:2
o ‘Opvorderen’
Als je eigenaar bent van een zaak en de zaak wordt gestolen dan mag
je de zaak terugnemen.
A ---- B
B die vernietigt de titel, dan kan A revindiceren
- Gebruiken
o Art. 5:1 lid 2
, o De eigenaar van een zaak heeft als enige het recht om de zaak te gebruiken
‘Met uitsluiting van eenieder’
= exclusief gebruiksrecht
o Technische term
Ook verbruiken
Appels, shampoo etc.
Beperkingen gebruiksrecht
1. Rechten van anderen
a. Huur, vruchtgebruik
2. Wettelijke voorschriften
a. Burenrecht (Titel 4 Boek 5 Bw)
3. Beperkingen uit ongeschreven recht
a. Via onrechtmatige daad (art. 6:162)
Minicollege 1.3 (eigendomsverkrijging door natrekking bij roerende zaken)
Verkrijging
1. Originaire verkrijging
a. Nieuwe recht voorgeschiedenis irrelevant
i. Vb: verjaring, vinderschap, natrekking
2. Derivatieve verkrijging
a. Recht aan een ander ontleend voorgeschiedenis werkt door
i. Vb: overdracht, erfopvolging
Originaire verkrijging
- Verschillende vormen
o Verjaring
Art. 3:99 Bw
De bezitter te goeder trouw wordt na 3 jaar eigenaar
o Cupatie
Art. 5:4 Bw
Als de zaak tot niemand toe behoort, dan kan je eigenaar
worden door hem in bezit te nemen.
o Vinderschap
Art. 5:5-12 Bw
Een onbeheerde zaak die is gevonden, wordt na 1 jaar eigenaar.
o Natrekking
Is er sprake van natrekking?
Wordt iets bestanddeel?
Wordt iets een hoofdzaak?
, Natrekking art. 5:14 lid 1 en 2
Twee mogelijkheden:
Art. 14 lid 2
Onderscheid tussen hoofzaken en bestanddelen
- Bestanddelen
o Vb; Schoorsteen van een huis, knoop van een jas
o Art. 3:4
Twee situaties waarin een bepaalde zaak, bestanddeel kan vormen van
een andere zaak
1. Wanneer verwijderen tot schade leidt
Vb; Een gevelsteen die is vastgemetseld aan het
huis, dus moeten we dan spreken van een
(materieel) bestanddeel
2. Volgens verkeersopvatting
o Verkeersopvattingen die meebrengen dat een bepaald
bestanddeel, deel is van een zaak
Vb; een sleutel is een bestanddeel van een slot,
zadel is bestanddeel van een fiets
o = ideëel bestanddeel
o Bestanddelen is een onzelfstandig onderdeel van een zaak
Dus eigenaar van hoofdzaak is automatisch ook eigenaar van de
bestanddelen.
o Bestanddeelvorming is een vorm van eigendomsverkrijging Natrekking
Art. 5:14-16 (roerende zaken)
Art. 5:20 (grond)
Vb: Het eigendom van het zadel wordt onderdeel van de fiets door
natrekking.
- Hoofdzaak
o Art. 5:14 lid 3
Volgens verkeersopvatting
Als wij dat met zn alle vinden
Grotere waarde dan bestanddeel
Vb: horloge is hoofdzaak ten opzichte van het horlogebandje
o Uurwerk is duurder dan bandje
o Vermenging
Art. 5:15