Doel en componenten v ademhaling,
spirometrie, longvolumes, longcapaciteit
Doel van de ademhaling
Doel ademhaling: de lichaamscellen van O2 voorzien + het CO2, dat vrijkomt bij de cellulaire oxidatie (= het
produceren van ATP uit voedingstoffen), afvoeren.
Componenten van de ademhaling
• Ventilatie: het verplaatsen van lucht de longen in en uit.
• Longperfusie: doorbloeding van de longen.
o Bloed vanuit het lichaam in het rechteratrium (=
rechterboezem) à rechter ventrikel (=
rechterkamer) à arterie pulmonalis (=
longslagader) à alveoli à bloed van zuurstof
voorzien (= geoxygeneerd) à linker atrium à
linker ventrikel à aorta.
• Alveolaire diffusie: O2 diffundeert vanuit de lucht in de
alveoli over het membraan het bloed in. CO2 diffundeert vanuit het bloed naar de alveoli.
o De ventilatie-perfusie verhouding bepaalt de mate van oxygenatie v/h bloed en is dus heel
belangrijk in het bepalen v/d hoeveelheid zuurstof die uiteindelijk in het bloed terecht komt.
• Gastransport: zuurstof wordt door het bloed getransporteerd (vooral door de rode bloedcellen), en
komt bij verschillende weefsels aan.
• Weefseldiffusie: uitwisseling van gassen over het membraan bij weefsels.
• Cellulair metabolisme/intermediair metabolisme/cellulaire respiratie: verbruik van O2 en productie
van CO2 in de cellen.
Bij ademhaling betrokken processen
• Ventilatie: transport van gassen de long in en uit.
• Gaswisseling: diffusie tussen alveoli en bloed.
• Longperfusie: doorbloeding van de longen.
• Ventilatie-perfusie verhouding: afstemming van ventilatie en longdoorbloeding.
• Gastransport: transport van gassen in het bloed.
• Gaswisseling/weefseldiffusie: uitwisseling tussen bloed en cellen.
• Intermediair metabolisme: verbruik van O2 en productie van CO2 in de cellen.
1