Leertaak 4
Als opvoeden niet vanzelf gaat: Hoofdstuk 3: pagina’s 71-86.
1. Waarom is het model van Kok een (ortho)pedagogisch model?
- Je focust op verschillende fasen in het opvoedingsproces, binnen deze fase kan je
per kind bepalen waar hij/zij staat. In de orthopedagogiek wordt er ook gefocus
op specifieke opvoeding, in dit model kan dat ook.
2. Wat is de kerngedachte waarop Kok zijn theorie begint op te bouwen?
- Hij gaat ervan uit dat kinderen die zich misdragen in hun gedrag laten zien wat er
anders moet in de opvoeding. Je moet het gedrag dus begrijpen om een goede
opvoedtechniek te vinden.
Als opvoeden niet vanzelf gaat: Hoofdstuk 10: pagina’s 235-250 & 254-258.
1. Wat zijn de ontwikkelingsopgaven en opvoedingsopgaven in deze ontwikkelingsfase?
- De kleuter richt steeds meer op andere kinderen.
- Er ontstaan vriendschappen.
- Communicatieve vaardigheden worden ontwikkeld.
- Regels en gewoonten eigen maken.
- Identificatie met de rol van jongen of meisje.
- Ze leren van andere kinderen > imiteren.
- De opvoeding van ouders is van groot belang, de warme opvoeding heeft invloed
op hoe zij omgaan met andere kinderen.
-
2. Wat hebben deze ontwikkelingsopgaven en de opvoedingsopgaven met elkaar te
maken?
- Dat de invloed van anderen een steeds grotere rol gaat spelen in de levens van de
kids.
Psychologie, een inleiding: Hoofdstuk 7: pagina’s 271-279.
Als opvoeden niet vanzelf gaat: Hoofdstuk 3: pagina’s 71-86.
1. Waarom is het model van Kok een (ortho)pedagogisch model?
- Je focust op verschillende fasen in het opvoedingsproces, binnen deze fase kan je
per kind bepalen waar hij/zij staat. In de orthopedagogiek wordt er ook gefocus
op specifieke opvoeding, in dit model kan dat ook.
2. Wat is de kerngedachte waarop Kok zijn theorie begint op te bouwen?
- Hij gaat ervan uit dat kinderen die zich misdragen in hun gedrag laten zien wat er
anders moet in de opvoeding. Je moet het gedrag dus begrijpen om een goede
opvoedtechniek te vinden.
Als opvoeden niet vanzelf gaat: Hoofdstuk 10: pagina’s 235-250 & 254-258.
1. Wat zijn de ontwikkelingsopgaven en opvoedingsopgaven in deze ontwikkelingsfase?
- De kleuter richt steeds meer op andere kinderen.
- Er ontstaan vriendschappen.
- Communicatieve vaardigheden worden ontwikkeld.
- Regels en gewoonten eigen maken.
- Identificatie met de rol van jongen of meisje.
- Ze leren van andere kinderen > imiteren.
- De opvoeding van ouders is van groot belang, de warme opvoeding heeft invloed
op hoe zij omgaan met andere kinderen.
-
2. Wat hebben deze ontwikkelingsopgaven en de opvoedingsopgaven met elkaar te
maken?
- Dat de invloed van anderen een steeds grotere rol gaat spelen in de levens van de
kids.
Psychologie, een inleiding: Hoofdstuk 7: pagina’s 271-279.