Algemene economie
Blok 7
AVANS HOGESCHOOL BREDA
AAFM-hoofdfase jaar 2
SCHOOLJAAR 2016-2017
, WERKCOLLEGE WEEK 2
Literatuur:
AEB hfst. 8 en 11
Toegevoegde waarde.
Productie = toegevoegde waarde = inkomen.
Toegevoegde waarde = som toegevoegde waarde bedrijven en overheid
Inkomen = som van loon, pacht, rente en winst.
Gegeven een klein landje met slechts 3 bedrijven. Uiteindelijk worden er door die drie
bedrijven 100 broden geproduceerd die door de winkelier worden verkocht voor €
2,40 per stuk.
Boer Bakker Winkel
Inkoop 0 100 200
Loon 25 25 10
Winst 25 25 10
Intrest 25 25 10
Pacht 25 25 10
Totaal: 100 200 240
1. Wat is de totale waarde van de productie? € 240
2. Wat is de toegevoegde waarde van elk van de bedrijven? Boer = 100,
bakker = 100 en de winkel = 40
3. Wat is de waarde van het inkomen? 4 x 60 = 240
Welvaart.
Welvaart = de mate waarin een individu beschikt over goederen en diensten om in
zijn materiële behoeften te voorzien.
Maatstaaf: BBP of BNP per hoofd (objectief)
BBP = alle productie binnen de Nederlandse grenzen
BNP = alle productie door Nederlandse ingezetenen
Overschatting van de welvaart milieuvervuiling
Onderschatting van de welvaart:
Productie buiten de (officiële) markt om bijvoorbeeld zwart werken,
huishoudelijke arbeid, vrijwilligerswerk
Bij vergelijking in de tijd: prijs telefoon blijft gelijk (of daalt zelfs) terwijl je er
veel meer mogelijkheden voor terugkrijgt.
1
,Welvaart.
Productie = werkgelegenheid x gewerkte uren x productie per uur
Transpiratie inspiratie
Hoe gelukkig zijn we?
Welzijn = de mate waarin een individu in zijn materiële en immateriële behoeften kan
voorzien (mate van geluk beleving) (subjectief)
Maatstaven:
HDI
o BNP/hoofd en de verdeling ervan
o Levensverwachting
o Toegang tot onderwijs
Enquêtes (CBS geluksmeter)
In hoeverre kan bevrediging van immateriële behoeften ook belemerd worden
door de economische groei?
Heeft hier individueel belang versus het collectief belang iets mee van doen?
Productie meting.
Toegevoegde waarde: som toegevoegde waarde bedrijven en overheid
Inkomen: som van loon, pacht, rente en winst
Bestedingen: som van consumptie, investeringen, overheidsbestedingen en
export min de import
Lijkt een kringloop. In hoeverre is er in onze economie sprake van een kringloop? is
onze economie een lineaire of circulaire economie?
2
, Productie: toegevoegde waarde van bedrijven.
Opbrengst verkopen (marktprijzen) € 1,50
Inkopen € 0,50 -
BTW tegen marktprijzen € 1,00
Afschrijvingen € 0,25 -
NTW tegen marktprijzen € 0,75
Indirecte belastingen/subsidies € 0,25 -
NTW tegen factorkosten € 0,50
Loon € 0,30 -
Pacht/huur € 0,00 -
Rente € 0,05 -
Sluitpost: winst € 0,15
Conclusie: productie = NTWfk = loon, pacht, rente en winst.
Productie: toegevoegde waarde van de overheid.
Overheid produceert collectieve goederen:
Kenmerk: goederen staan automatisch aan iedereen ter beschikking
(ongeacht betaling) geen marktprijs mogelijk
Voorbeelden: rechtspraak, politie, dijken
Afspraak: productie (NTWfk) = lonen.
NTWov = lonen ambtenaren
Afschrijvingen +
BTWov
Bestedingen.
Bestedingen Middelen
Consumptie BBP + M
Investeringen
Overheidsbestedingen
Export
3
Blok 7
AVANS HOGESCHOOL BREDA
AAFM-hoofdfase jaar 2
SCHOOLJAAR 2016-2017
, WERKCOLLEGE WEEK 2
Literatuur:
AEB hfst. 8 en 11
Toegevoegde waarde.
Productie = toegevoegde waarde = inkomen.
Toegevoegde waarde = som toegevoegde waarde bedrijven en overheid
Inkomen = som van loon, pacht, rente en winst.
Gegeven een klein landje met slechts 3 bedrijven. Uiteindelijk worden er door die drie
bedrijven 100 broden geproduceerd die door de winkelier worden verkocht voor €
2,40 per stuk.
Boer Bakker Winkel
Inkoop 0 100 200
Loon 25 25 10
Winst 25 25 10
Intrest 25 25 10
Pacht 25 25 10
Totaal: 100 200 240
1. Wat is de totale waarde van de productie? € 240
2. Wat is de toegevoegde waarde van elk van de bedrijven? Boer = 100,
bakker = 100 en de winkel = 40
3. Wat is de waarde van het inkomen? 4 x 60 = 240
Welvaart.
Welvaart = de mate waarin een individu beschikt over goederen en diensten om in
zijn materiële behoeften te voorzien.
Maatstaaf: BBP of BNP per hoofd (objectief)
BBP = alle productie binnen de Nederlandse grenzen
BNP = alle productie door Nederlandse ingezetenen
Overschatting van de welvaart milieuvervuiling
Onderschatting van de welvaart:
Productie buiten de (officiële) markt om bijvoorbeeld zwart werken,
huishoudelijke arbeid, vrijwilligerswerk
Bij vergelijking in de tijd: prijs telefoon blijft gelijk (of daalt zelfs) terwijl je er
veel meer mogelijkheden voor terugkrijgt.
1
,Welvaart.
Productie = werkgelegenheid x gewerkte uren x productie per uur
Transpiratie inspiratie
Hoe gelukkig zijn we?
Welzijn = de mate waarin een individu in zijn materiële en immateriële behoeften kan
voorzien (mate van geluk beleving) (subjectief)
Maatstaven:
HDI
o BNP/hoofd en de verdeling ervan
o Levensverwachting
o Toegang tot onderwijs
Enquêtes (CBS geluksmeter)
In hoeverre kan bevrediging van immateriële behoeften ook belemerd worden
door de economische groei?
Heeft hier individueel belang versus het collectief belang iets mee van doen?
Productie meting.
Toegevoegde waarde: som toegevoegde waarde bedrijven en overheid
Inkomen: som van loon, pacht, rente en winst
Bestedingen: som van consumptie, investeringen, overheidsbestedingen en
export min de import
Lijkt een kringloop. In hoeverre is er in onze economie sprake van een kringloop? is
onze economie een lineaire of circulaire economie?
2
, Productie: toegevoegde waarde van bedrijven.
Opbrengst verkopen (marktprijzen) € 1,50
Inkopen € 0,50 -
BTW tegen marktprijzen € 1,00
Afschrijvingen € 0,25 -
NTW tegen marktprijzen € 0,75
Indirecte belastingen/subsidies € 0,25 -
NTW tegen factorkosten € 0,50
Loon € 0,30 -
Pacht/huur € 0,00 -
Rente € 0,05 -
Sluitpost: winst € 0,15
Conclusie: productie = NTWfk = loon, pacht, rente en winst.
Productie: toegevoegde waarde van de overheid.
Overheid produceert collectieve goederen:
Kenmerk: goederen staan automatisch aan iedereen ter beschikking
(ongeacht betaling) geen marktprijs mogelijk
Voorbeelden: rechtspraak, politie, dijken
Afspraak: productie (NTWfk) = lonen.
NTWov = lonen ambtenaren
Afschrijvingen +
BTWov
Bestedingen.
Bestedingen Middelen
Consumptie BBP + M
Investeringen
Overheidsbestedingen
Export
3