Samenvatting massacultuur
Vwo 6
Massacultuur - vanaf 1950
Oorzaken ontoereikendheid kunst van de 50’s en 60’s:
- Toenemende welvaart, massamedia, technologische vooruitgang en sociale
veranderingen.
- Abstractie en conceptuele kunst weerspiegelt die werkelijkheid niet
Andy Warhol:
- Portretten van sterren en celebrities
- Techniek: op basis van foto’s, combinatie van schilderen en zeefdruk
Kenmerken pop-art:
Voorstelling:
- Gebruik beelden uit de consumptiemaatschappij, o.a. sterren en celebrities (verschil
hoge-lage kunst vervaagt)
Vormgeving:
- Gemengde technieken (bijv. combine-paintings, assemblages of combinaties
schilderen + druktechnieken) (link naar dada)
- De hand van de meester niet belangrijk: het werk kan ook semi-industrieel
geproduceerd worden (onbedoelde link naar minimal-art). Onpersoonlijk.
- Blow-up (uitvergroting)
- Felle kleuren, egale kleurvlakken
- In schilderijen: raster
Functie:
- Geen (of geen zichtbaar) commentaar op de consumptiemaatschappij, maar kunst
maken die voor iedereen herkenbaar en begrijpelijk is (uit protest tegen de abstracte
kunst). Kunst is soms meer een verdienmodel (The factory). (verschil hoge-lage
kunst vervaagt)
Wat was de kritiek van het postmodernisme op het modernisme?
Steekwoorden:
- A-historisch, abstract
- Grote verhalen & vooruitgangsidealen
- Eenheid/eenvoud - eenduidigheid/reductie
- Uniciteit, authenticiteit, autonomie
Postmodernisme definitie:
Postmodernisme is de overkoepelende naam voor een cultuurstroming die een reeks van
filosofische standpunten en esthetische stijlen in de kunst sinds eind jaren 1950 betreft. Het
is de dominante stroming tot ongeveer het jaar 2000.
, Modernisme: ca. 1860-1950 Postmodernisme: ca. 1960-2001
Industrieel kapitalisme Consumptiemaatschappij (laatkapitalisme)
Grote verhalen Geen grote verhalen meer
Universele idealen Geen geloof meer in universele idealen
Vooruitgangsdenken Cyclische, fragmentarische visie op
Waarheid, objectiviteit geschiedenis
Geconstrueerde, subjectieve waarheden
(plural)
Scheiding hoge en lage kunst Grens tussen hoge en lage kunst vervaagt
Autonomie van de kunst Autonomie verdwijnt (cultuurindustrie)
Abstractie, atonaliteit Herwaardering figuratie, herkenbaarheid
Stilistische zuiverheid: Stilistische onzuiverheid:
Formalisme Fictie (form follows fantasy)
Functionalisme (form follows function) Werkelijkheid is een schijnvertoning
Accent op authenticiteit en betekenis (simulacrum)
Gericht op eenheid, creatie: Pluralistisch, fragmentarisch, deconstructie:
Eenvoud en eenheid (less is more) Complexiteit en tegenspraak (less is a bore)
Expressie: angst en vervreemding Imitatie, parodie: originaliteit bestaat niet
Nadruk op schizofrenie, fragmentering van
subject
Robert Venturi (geb. 1925)
Amerikaans architect. Venturi wordt, samen met zijn vrouw en partner Denise Scott Brown,
gezien als een van de meest belangrijke architecten van de 20e eeuw. Venturi zocht naar
een architectuur die veel betekenislagen heeft door gebruik van symbolische vormen en
ornamenten en minder eenduidig is dan de gebruikelijke moderne architectuur. Zijn
gebouwen laten een streven zien om motieven als dubbelzinnigheid, herinnering en
tegenstrijdigheid te vertalen naar een onafhankelijke Amerikaanse vorm van architectuur.
Zijn ideeën worden op papier echter overtuigender beschouwd dan wanneer de uitgevoerd
werden.
Bekende uitspraak van Venturi is ‘less is a bore’ - met een knipoog naar parodie de
uitspraak van Ludwig Mies van der Rohe; ‘less is more’
Deconstructivisme
Een architectuurstijl die ontstaan is in de jaren 80, die de indruk geeft dat de constructie van
het gebouw gefragmenteerd is en harmonie/logica mist.
Hier in combinatie met postmodernisme (architectuur in centrum Zaandam met citaten uit de
huisjes Zaansche Schans, maar dan op de deconstructivistische manier)
Deconstructivisme zie je ook terug in bijv. Folding in de 21e eeuw.
Charles Jencks
Amerikaanse architectuurtheoreticus, landschap architect en designer. Zijn boek ‘The
language of postmodern architecture’ uit 1977 het gebruik van de term postmodernisme
in relatie tot architectuur sterk heeft gepopulariseerd. Hij definieerde Postmodernisme als
een populistische, pluralistische kunst, die onmiddellijk communiceert.
Vwo 6
Massacultuur - vanaf 1950
Oorzaken ontoereikendheid kunst van de 50’s en 60’s:
- Toenemende welvaart, massamedia, technologische vooruitgang en sociale
veranderingen.
- Abstractie en conceptuele kunst weerspiegelt die werkelijkheid niet
Andy Warhol:
- Portretten van sterren en celebrities
- Techniek: op basis van foto’s, combinatie van schilderen en zeefdruk
Kenmerken pop-art:
Voorstelling:
- Gebruik beelden uit de consumptiemaatschappij, o.a. sterren en celebrities (verschil
hoge-lage kunst vervaagt)
Vormgeving:
- Gemengde technieken (bijv. combine-paintings, assemblages of combinaties
schilderen + druktechnieken) (link naar dada)
- De hand van de meester niet belangrijk: het werk kan ook semi-industrieel
geproduceerd worden (onbedoelde link naar minimal-art). Onpersoonlijk.
- Blow-up (uitvergroting)
- Felle kleuren, egale kleurvlakken
- In schilderijen: raster
Functie:
- Geen (of geen zichtbaar) commentaar op de consumptiemaatschappij, maar kunst
maken die voor iedereen herkenbaar en begrijpelijk is (uit protest tegen de abstracte
kunst). Kunst is soms meer een verdienmodel (The factory). (verschil hoge-lage
kunst vervaagt)
Wat was de kritiek van het postmodernisme op het modernisme?
Steekwoorden:
- A-historisch, abstract
- Grote verhalen & vooruitgangsidealen
- Eenheid/eenvoud - eenduidigheid/reductie
- Uniciteit, authenticiteit, autonomie
Postmodernisme definitie:
Postmodernisme is de overkoepelende naam voor een cultuurstroming die een reeks van
filosofische standpunten en esthetische stijlen in de kunst sinds eind jaren 1950 betreft. Het
is de dominante stroming tot ongeveer het jaar 2000.
, Modernisme: ca. 1860-1950 Postmodernisme: ca. 1960-2001
Industrieel kapitalisme Consumptiemaatschappij (laatkapitalisme)
Grote verhalen Geen grote verhalen meer
Universele idealen Geen geloof meer in universele idealen
Vooruitgangsdenken Cyclische, fragmentarische visie op
Waarheid, objectiviteit geschiedenis
Geconstrueerde, subjectieve waarheden
(plural)
Scheiding hoge en lage kunst Grens tussen hoge en lage kunst vervaagt
Autonomie van de kunst Autonomie verdwijnt (cultuurindustrie)
Abstractie, atonaliteit Herwaardering figuratie, herkenbaarheid
Stilistische zuiverheid: Stilistische onzuiverheid:
Formalisme Fictie (form follows fantasy)
Functionalisme (form follows function) Werkelijkheid is een schijnvertoning
Accent op authenticiteit en betekenis (simulacrum)
Gericht op eenheid, creatie: Pluralistisch, fragmentarisch, deconstructie:
Eenvoud en eenheid (less is more) Complexiteit en tegenspraak (less is a bore)
Expressie: angst en vervreemding Imitatie, parodie: originaliteit bestaat niet
Nadruk op schizofrenie, fragmentering van
subject
Robert Venturi (geb. 1925)
Amerikaans architect. Venturi wordt, samen met zijn vrouw en partner Denise Scott Brown,
gezien als een van de meest belangrijke architecten van de 20e eeuw. Venturi zocht naar
een architectuur die veel betekenislagen heeft door gebruik van symbolische vormen en
ornamenten en minder eenduidig is dan de gebruikelijke moderne architectuur. Zijn
gebouwen laten een streven zien om motieven als dubbelzinnigheid, herinnering en
tegenstrijdigheid te vertalen naar een onafhankelijke Amerikaanse vorm van architectuur.
Zijn ideeën worden op papier echter overtuigender beschouwd dan wanneer de uitgevoerd
werden.
Bekende uitspraak van Venturi is ‘less is a bore’ - met een knipoog naar parodie de
uitspraak van Ludwig Mies van der Rohe; ‘less is more’
Deconstructivisme
Een architectuurstijl die ontstaan is in de jaren 80, die de indruk geeft dat de constructie van
het gebouw gefragmenteerd is en harmonie/logica mist.
Hier in combinatie met postmodernisme (architectuur in centrum Zaandam met citaten uit de
huisjes Zaansche Schans, maar dan op de deconstructivistische manier)
Deconstructivisme zie je ook terug in bijv. Folding in de 21e eeuw.
Charles Jencks
Amerikaanse architectuurtheoreticus, landschap architect en designer. Zijn boek ‘The
language of postmodern architecture’ uit 1977 het gebruik van de term postmodernisme
in relatie tot architectuur sterk heeft gepopulariseerd. Hij definieerde Postmodernisme als
een populistische, pluralistische kunst, die onmiddellijk communiceert.